Artikelindex


Artikel 1. Algemene bepalingen

1. Het Reglement voor de Haven en het Haventerrein bij de 'Albatros', zoals bedoeld in artikel 1, lid 1, en artikel 9, lid 2, van het Huishoudelijk Reglement, is vastgesteld overeenkomstig artikel 13, lid 2 en 3, van de statuten van de Marine Watersportvereniging (hierna genoemd de vereniging). Het Reglement voor de Haven en het Haventerrein bij de 'Albatros' kan ook Havenreglement 'Albatros' worden genoemd.

2. Het Reglement voor de Haven en het Haventerrein bij de 'Albatros' is van toepassing op personen en pleziervaartuigen, die aanwezig zijn op of in en gebruik maken van terrein, water, steigers, gebouwen, voorzieningen, materieel en materiaal van de vereniging.

3. Onder 'haven en haventerrein' wordt in dit Reglement verstaan de door de vereniging beheerde en geëxploiteerde haven bij de 'Albatros' met de bijbehorende terreinen en de daarop en/of daarin aanwezige bouwwerken en voorzieningen.
De afmetingen van de boxen in de haven bij de 'Albatros' en de benodigde vrije uitvaart laten het niet toe dat er schepen ligplaats nemen, die een lengte over alles van 11 meter overschrijden met uitzondering van de boxen 6-1 tot en met 6-7, welke een maximale lengte hebben van 11,50 meter. Voor schepen die op 12-09-2011 reeds een ligplaats hadden geldt een dispensatie van deze regeling.
Indien de genoemde boxen vol liggen met schepen tot 11,50 meter zullen nieuwe verzoeken om een ligplaats voor schepen van 11 tot 11,50 meter op de wachtlijst geplaatst worden.

4. Het bestuur van de vereniging heeft de bevoegdheid nadere richtlijnen vast te stellen. In gevallen waarin dit Reglement niet voorziet beslist of handelt het bestuur.

5. Alle pleziervaartuigen dienen aan de buitenzijde van een duidelijk leesbare naam te zijn voorzien. Binnenboord dient een leesbare vermelding van naam en adres van de eigenaar of houder te zijn aangebracht.

6. Permanente bewoning van pleziervaartuigen is niet toegestaan.

7. Eventuele vragen en/of klachten kunnen schriftelijk aan het bestuur worden kenbaar gemaakt. Deze worden in de eerstvolgende bestuursvergadering behandeld. Het resultaat daarvan wordt schriftelijk aan betrokkene meegedeeld.

8. Het bestuur en de havenmeester(s) houden een dagboek bij, waarin worden genoteerd: bezoek van gasten (passanten), gebeurtenissen, incidenten, ongevallen en schades, maatregelen bij bijzondere weersomstandigheden en bijzondere waterstanden en alle overige vermeldenswaardige feiten of maatregelen.


Artikel 2. Aansprakelijkheid

1. De vereniging aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor schade wegens diefstal of voor enige andere schade aan personen, pleziervaartuigen en andere eigendommen van leden en gasten gedurende het verblijf in de haven en op het haventerrein, tenzij deze schade het gevolg is van een aan de vereniging toerekenbare grove nalatigheid of ernstige tekortkoming.

2. Pleziervaartuigen en eigendommen van leden en gasten zijn niet door de vereniging tegen brand of andere schade verzekerd. Elk lid, dat gebruik maakt van een ligplaats in de haven van de vereniging, is verplicht een WA-verzekering te hebben en dient er tevens voor te zorgen, bijvoorbeeld door een pleziervaartuigenverzekering, dat zijn pleziervaartuig voldoende verzekerd is. Elk jaar in de maand mei dienen op verzoek van het bestuur een kopie van de geldende polissen en de betalingsbewijzen aan het bestuur te worden overgelegd.

3. De eigenaar of houder van een pleziervaartuig is aansprakelijk voor de kosten van herstel van schade of vergoeding van schade veroorzaakt door of met zijn pleziervaartuig en/of door toedoen van hem, zijn opvarenden of zijn gasten. Hieronder is mede begrepen milieuschade en schade ontstaan door het manoeuvreren in de haven, het afmeren van het pleziervaartuig, het ondeugdelijk gemeerd liggen en/of ander onoordeelkundig of onrechtmatig handelen met het pleziervaartuig, met voorzieningen van de vereniging of met eigendommen van anderen.


Artikel 3. Commissaris Materieel (Commat)

1. Een door het bestuur van de vereniging benoemde Commat treedt op in de haven en op het haventerrein namens het bestuur. Hij/zij draagt zorg voor de noodzakelijke werkzaamheden en activiteiten ten behoeve van een adequate (dagelijkse) gang van zaken in de haven en op het haventerrein en houdt daarbij namens het bestuur toezicht op handelen dan wel nalaten van leden en gasten verband houdend met de veiligheid, de gezondheid en het welzijn van andere leden en gasten en met de eigendommen van de vereniging.

2. Een Commat is namens het bestuur belast met de navolgende taken en legt daarover verantwoording af aan het bestuur:
a. De Commat draagt zorg voor het handhaven van de geldende wet- en regelgeving en voert besluiten van het bestuur uit, voor zover deze betrekking hebben op leden en bezoekers van de haven en het haventerrein.
b. De Commat adviseert het bestuur over een adequate indeling van de ligplaatsen en van noodzakelijke of gewenste wijzigingen daarvan.
c. De Commat draagt er zorg voor dat een ieder op de hem toegewezen ligplaats zijn/haar boot afmeert en treedt corrigerend op als leden of gasten een andere ligplaats innemen.
d. De Commat adviseert het bestuur inzake gewenst (groot) onderhoud aan eigendommen van de vereniging.
e. De Commat ziet er op toe dat de eigendommen van de vereniging in goede staat blijven. In geval van beschadiging meldt hij dit aan het bestuur, onder vermelding van de oorzaak en/of - indien mogelijk - de naam van de veroorzaker van de schade.
f. De Commat oefent dagelijks toezicht uit op eigendommen van de leden van de vereniging. In geval van (dreigende) schade waarschuwt hij het betreffende lid en neemt de gewenste maatregelen om schade te voorkomen of te beperken.
g. De Commat draagt er zorg voor dat het Nederlandse vlaggenprotocol wordt gevolgd bij de aanwezige vlaggenmast op het haventerrein.
h. De Commat ontvangt geïnteresseerden en licht hen in over de gebruiken en regels bij de vereniging.
3. Indien zich in de haven of op het haventerrein een probleem voordoet, waarbij de Commat niet bevoegd is op te treden, meldt hij dit probleem zo spoedig mogelijk aan het bestuur.

4. Een ieder, die zich in de haven of op het haventerrein bevindt, dient de aanwijzingen van de Commat op te volgen.

5. De Commat kan, in overleg met het bestuur, de toegang tot de haven verbieden aan pleziervaartuigen, die door hun aanblik en/of staat van onderhoud het aanzien van de haven aantasten en/of een gevaar kunnen opleveren voor hun omgeving. Tevens kan de Commat, in overleg met het bestuur, de toegang tot de haven en het haventerrein verbieden aan personen, die handelen in strijd met dit Reglement en de overige reglementen van de vereniging.

6. De Commat heeft, in overleg met het bestuur, het recht vaartuigen, of andere zaken en voorwerpen, die toebehoren aan een lid en die zich in de haven of op het haventerrein bevinden, zonder dat het desbetreffende lid daartoe gerechtigd is, te doen verwijderen op kosten van het desbetreffende lid.


Artikel 4. Toewijzen, vervallen en ontnemen van ligplaatsen

1. Indien het bestuur heeft besloten een lid, op basis van beschikbaarheid een ligplaats toe te wijzen gebeurt dit met inachtneming het bepaalde in artikel 1, lid 1, van het Huishoudelijk Reglement. Daarbij wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met zijn wensen.

2. Indien een lid zijn pleziervaartuig verkoopt en onmiddellijk vervangt door een ander pleziervaartuig, wordt hem zo nodig en op basis van beschikbaarheid een andere ligplaats toegewezen met inachtneming het bepaalde in artikel 1, lid 1, van het Huishoudelijk Reglement. Daarbij wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met zijn wensen. In het geval er geen geschikte ligplaats beschikbaar is, wordt hij op een wachtlijst voor een ligplaats geplaatst.

3. Indien er een wachtlijst, als bedoeld in lid 2 van dit artikel, bestaat, dan geschiedt de toewijzing van een andere of een nieuwe ligplaats volgens de volgorde:
a. andere ligplaats voor een lid, dat reeds een ligplaats heeft gehad, in de volgorde van de desbetreffende wachtlijst;
b. nieuwe ligplaats voor een ligplaatsaanvrager, die als hoogste op de wachtlijst staat en die door het bestuur is toegelaten als lid.

4. Bij het bepalen van een geschikte ligplaats voor een pleziervaartuig worden de afmetingen ervan als volgt bepaald:
- lengte: de 'lengte over alles', d.w.z. inclusief de preekstoel en/of een (niet in te nemen) boegspriet, aangehangen roer, of aangehangen volgboot, of andere (vaste) voor- of achterwaarts uitstekende delen;
- breedte: de 'breedte over alles', d.w.z. inclusief zijzwaarden of andere (vaste) uitstekende delen;
- een volgboot (of bijboot) is een vaartuig, dat niet langer is dan 3,5 meter.

5. Na het toewijzen en het aanvaarden van een ligplaats is het jaarlijkse liggeld verschuldigd. Indien de toewijzing plaatsvindt in de loop van het vaarseizoen, beslist het bestuur over het bedrag van het verschuldigde liggeld. Het is een lid niet toegestaan de toegewezen ligplaats ter beschikking te stellen aan een ander.

6. Het recht van een lid gebruik te maken van de aan hem toegewezen ligplaats vervalt:
a. in het geval het lidmaatschap wordt beëindigd op grond van het bepaalde in artikel 8 van de statuten;
b. in het geval het lid zijn pleziervaartuig verkoopt en niet onmiddellijk vervangt;
c. in het geval het lid het verschuldigde liggeld niet voldoet, na daartoe door de penningmeester schriftelijk te zijn gemaand;
d. in het geval het pleziervaartuig van het lid, naar het oordeel van het bestuur, in een zodanige verwaarloosde toestand verkeert, dat daardoor het aanzien van de haven wordt ontsierd, en het desbetreffende lid, na door het bestuur bij aangetekend schrijven te zijn gemaand tot het verbeteren van de toestand van het pleziervaartuig, daaraan binnen een maand geen gevolg heeft gegeven.

7. Het bestuur is bevoegd een lid, dat herhaaldelijk in strijd handelt met het bepaalde in dit Reglement en de overige reglementen van de vereniging, het recht gebruik te maken van de aan hem toegewezen ligplaats al of niet tijdelijk te ontnemen en hem de toegang tot de haven en het haventerrein te ontzeggen. Het desbetreffende lid wordt hiervan door het bestuur schriftelijk en met opgaaf van redenen mededeling gedaan.

8. Indien een lid, van wie het recht gebruik te maken van de aan hem toegewezen ligplaats is vervallen of ontnomen, niet zelf zijn pleziervaartuig binnen een maand verwijdert uit de ligplaats en/of uit de haven, dan is het bestuur bevoegd het desbetreffende pleziervaartuig te verwijderen op kosten van dat lid. Daarbij blijft het desbetreffende lid het niet betaalde liggeld verschuldigd of vindt er geen gehele of gedeeltelijke restitutie van het betaalde liggeld plaats. De vereniging aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade als gevolg van het verplaatsen of elders doen verblijven van het pleziervaartuig en betracht de nodige zorgvuldigheid teneinde het ontstaan van schade zo veel mogelijk te voorkomen.

9. Indien een lid, van wie het recht gebruik te maken van de aan hem toegewezen ligplaats is vervallen of ontnomen, in gebreke blijft het aan de vereniging verschuldigde te betalen, dan komen ook de gerechtelijke en buitengerechtelijke kosten van het innen van de vordering van de vereniging ten laste van dat lid.


Artikel 5. Gebruik van de haven en het haventerrein

1. Een ieder, die zich in de haven of op het haventerrein bevindt, is gehouden de rust en orde niet te verstoren en zich te onthouden van gedragingen, die hinder veroorzaken voor of aanstoot geven aan anderen.

2. Een ieder, die zich in de haven of op het haventerrein bevindt, is gehouden zo nodig en zo mogelijk hulp te verlenen in geval er gevaarlijke situaties ontstaan of dreigen te ontstaan ten gevolgen van storm, brand of enig ander onheil.

3. De eigenaar of houder van een pleziervaartuig is verplicht bij het afmeren in of het verlaten van een ligplaats de aanwijzingen van de Commat op te volgen.

4. De eigenaar of houder van een pleziervaartuig is verplicht te zorgen dat zijn pleziervaartuig aan deugdelijke landvasten afgemeerd ligt en wel zodanig, dat het vrij blijft van andere vaartuigen, steiger of palen. Indien het voor het afmeren c.q. verlaten van de ligplaats noodzakelijk is landvasten van naast liggende pleziervaartuigen los te maken, is men verplicht deze terstond weer deugdelijk te bevestigen. Elk pleziervaartuig behoort met voldoende stootwillen te zijn uitgerust, die in goede staat en van de juiste afmetingen zijn. Wordt aan een en ander, naar het inzicht van de Commat, niet voldaan, dan heeft deze het recht hierin te voorzien of te laten voorzien op kosten van de eigenaar of houder van het desbetreffende pleziervaartuig.

5. Werkzaamheden aan het pleziervaartuig welke hinder en/of schade kunnen veroorzaken en/of gevaarlijk zijn voor derden mogen in de haven of op het haventerrein niet worden uitgevoerd.

6. De eigenaar of houder van een pleziervaartuig is verplicht, bij afwezigheid de datum van vertrek en de vermoedelijke datum van terugkomst van zijn pleziervaartuig bij de Commat te melden. Bij terugkomst op een eerdere datum is het noodzakelijk de Commat hiervan tenminste 24 uur van te voren op de hoogte te stellen, zodat deze in de gelegenheid is de ligplaats vrij te maken. Tijdens de periode van afwezigheid is de Commat gerechtigd de vrijgekomen ligplaats te benutten voor een ander pleziervaartuig al of niet van een gast.

7. Het is niet toegestaan:
een andere ligplaats te kiezen dan die door het bestuur of de havenmeester is aangewezen;
- met een bijboot of een volgboot een ligplaats in te nemen; surfplanken dienen aan boord van het pleziervaartuig te worden genomen;
- voorzieningen, installaties of andere inventaris van de vereniging te beschadigen of daaraan op eigen initiatief veranderingen aan te brengen;
- de haven of het haventerrein in welke vorm dan ook te verontreinigen, bijvoorbeeld door het gebruiken van een toilet met afvoer op het buitenwater, het lozen van vervuild bilgewater, oliën, verfresten of andere chemicaliën, etc.; bij opzettelijke lozingen wordt door het bestuur aangifte gedaan bij de politie;
- huishoudelijk en ander afval, afkomstig van het pleziervaartuig, achter te laten op de steigers of op het haventerrein van de vereniging;
werkzaamheden te verrichten of te doen verrichten aan pleziervaartuigen of aan installaties en apparaten daarin, indien daarbij gevaar kan ontstaan van brand of ontploffing;
- motoren zodanig lang te laten draaien, dat dit hinder veroorzaakt;
- 'stroom te draaien' met een aggregaat in het pleziervaartuig of op de steigers;
- bijboten of andere zaken zodanig te plaatsen op de steigers, dat daardoor de vrije doorgang wordt belemmerd;
- in of in de nabijheid van de haven snel te varen en/of golfslag te veroorzaken;
- in de haven met zeiljachten, welke voorzien zijn van een motor, te zeilen;
- vallen van zeiljachten hoorbaar tegen de mast te laten slaan of anderszins hinderlijk lawaai te doen veroorzaken;
- radio- of TV-apparaten zodanig te gebruiken, dat deze buiten het eigen pleziervaartuig hoorbaar zijn (max. 52 dB);
- leidingwater te gebruiken voor wassen en/of schoonspoelen (met uitzondering van het ontzilten) van het pleziervaartuig;
- niet aangelijnde honden mee te brengen op het haventerrein, in de club ark en/of op de steigers; honden dienen buiten het haventerrein te worden uitgelaten;
- te vissen in het water van de haven, zodanig dat daardoor de doorvaart van anderen wordt gehinderd;
- te barbecueën op pleziervaartuigen in de haven of op de steigers;
- in de haven reclame te voeren en/of commerciële activiteiten te ondernemen, zonder toestemming van het bestuur;
- op zijn pleziervaartuig, zonder toestemming van het bestuur, aanduidingen te bevestigen, die verkoop van het schip beogen; verkoopaanduidingen kunnen, na verkregen toestemming daartoe van het bestuur, geplaatst worden op de daartoe bestemde plaats in de club ark;
- bromfietsen en fietsen op het haventerrein buiten de daarvoor bestemde plaatsen te parkeren;
- tenten of caravans, zonder toestemming van het bestuur, op het haventerrein te plaatsen.


Artikel 6. Gebruik van de pleziervaartuigen van de vereniging

1a. De open zeiljachten van de vereniging zijn gedurende het door het bestuur vastgestelde watersportseizoen, tegen betaling van de vastgestelde vergoeding beschikbaar voor de (buiten)gewone leden en donateurs, zoals genoemd in artikel 5, lid 2 en lid 5 van de Statuten. De vastgestelde vergoeding dient bij toewijzing van een open zeiljacht direct te worden voldaan.

b. De kajuitzeiljachten en de motorboten van de vereniging zijn gedurende het door het bestuur vastgestelde watersportseizoen, tegen betaling van de vastgestelde vergoeding beschikbaar voor de (buiten)gewone leden, zoals genoemd in artikel 5, lid 2 en lid 5, sub a en sub e, van de Statuten. De vastgestelde vergoeding dient bij toewijzing van een pleziervaartuig te worden voldaan.

2. Een (buiten)gewoon lid of donateur, dat/die als schipper over een pleziervaartuig wenst te beschikken, laat zich daartoe inschrijven in het daarvoor bestemde register. Het inschrijven kan slechts geschieden indien het (buiten)gewone lid zijn financiële verplichtingen aan de vereniging heeft voldaan en op vertoon van het lidmaatschapsbewijs en het vereiste brevet.

3. Met in achtneming van het vorige lid van dit artikel zal, in het geval er meerdere inschrijvers zijn, bij toewijzing van pleziervaartuigen, de volgende volgorde worden gehanteerd:
a. leden;
b. buitengewone leden
b. donateurs.

4. Toewijzing pleziervaartuigen in de vakantieperioden:
a. Het bestuur stelt per kalenderjaar de vakantieperioden en de sluitingsdatum voor inschrijving vast.
b. Indien er meer inschrijvers voor dezelfde periode zijn en de aanvragers tonen aan dat zij hun vakantieperiode niet kunnen wijzigen, dan beslist het lot.
c. Bij toewijzing voor het volgende jaar komen diegenen die bij de voorgaande toewijzing zijn uitgeloot het eerst in aanmerking voor toewijzing.
d. Na de toewijzing voor de vakantieperioden worden de inschrijvingen voor de pleziervaartuigen, die niet zijn volgeboekt, op volgorde van aanvraag gehonoreerd.

5. Eén of meerdaagse georganiseerde evenementen:
a. Het bestuur stelt per kalenderjaar de inschrijvingsdatum voor dit soort evenementen vast.
b. Aan de hand van de binnengekomen aanvragen worden pleziervaartuigen toegewezen.
c. Bij meerdere aanvragen beslist het lot, waarbij leden die bij een voorgaand evenement waren uitgeloot het eerst in aanmerking komen.
d. Het bestuur is bevoegd pleziervaartuigen te reserveren voor dit soort evenementen.
e. Na toewijzing van pleziervaartuigen voor dit soort evenementen worden de pleziervaartuigen, die niet zijn toegewezen, op volgorde van aanvraag toegewezen, ongeacht of er dan aan het evenement wordt deelgenomen.

6. Niet gebruiken van een toegewezen pleziervaartuig:
a. Indien een pleziervaartuig is toegewezen, maar niet zal worden gebruikt, dient de schipper het bestuur hiervan zo spoedig mogelijk te informeren. Vaargelden blijven echter verschuldigd, tenzij het pleziervaartuig aan een ander (buitengewoon) lid of donateur wordt toegewezen. In bijzondere gevallen beslist het bestuur.
b. Indien één uur na het tijdstip van toewijzing van een open pleziervaartuig geen kennisgeving binnen is, wordt het pleziervaartuig wederom ter beschikking gesteld.

7. Indien een vaartocht later wordt beëindigd dan het tijdstip van toewijzing, kan de schipper, ter beoordeling van het bestuur, worden aangesproken voor de door zijn aflosser gemaakte kosten voortvloeiende uit zijn handelingen.

8. Verantwoordelijkheden van de schipper:
a. Bij het aan boord komen onderzoekt de schipper of het pleziervaartuig en de inventaris in goede staat verkeren en vermeldt dit, eventueel met de bijzonderheden, op de inventarislijst van zijn voorganger. Een afschrift van deze lijst dient te worden opgestuurd aan het bestuur.
b. De schipper is verantwoordelijk voor een goede behandeling van het pleziervaartuig en de inventaris.
c. Aanwijzingen met betrekking tot het vaartuig, door of namens het bestuur gegeven, dienen door de schipper te worden opgevolgd.
d. De schipper dient het scheepsjournaal en het motorjournaal op de voorgeschreven wijze, in het betreffende journaal aangegeven, bij te houden.
e. Indien schadevaren ontstaat met andere schepen en/of eigendommen van derden, zorgt de schipper, onverminderd het in lid 9 van dit artikel bepaalde, dat daarvan door een bevoegde instantie proces-verbaal wordt opgemaakt.

9. Onverminderd het vermelden in het scheepsjournaal dient de schipper telefonisch aan het bestuur kennis te geven van:
a. Vertraging tijdens vaartochten waardoor de ingeschreven tijdsduur zal worden overschreden;
b. Elk geval van schadevaren;
c. Schade of gebreken waardoor de toestand van het pleziervaartuig nadelig wordt beïnvloed;
d. Ongevallen overkomen aan personen;
e. Verleende assistentie aan het vaartuig waaruit kosten kunnen voortvloeien; De kosten van deze telefonische berichten komen voor rekening van de schipper.

10. Voor rekening van de schipper komen, behalve de kosten van eventuele schade aan het pleziervaartuig en/of de inventaris (zulks ter beoordeling van het bestuur), de kosten genoemd in lid 9 van dit artikel, alsmede brug-, sluis-, kanaal-, haven- en kadegelden, sleeplonen, kosten van loodsen, kosten van brandstof en dergelijke.

11. Met de pleziervaartuigen van de vereniging kan worden deelgenomen aan (trainings-) wedstrijden, mits het bestuur daarmee heeft ingestemd.
(Buitengewone) leden, die deelnemen aan wedstrijden of tochten, waarbij zij de vereniging vertegenwoordigen, kunnen in aanmerking komen voor vergoeding van door het bestuur vooraf bepaalde kosten. De prijzen gewonnen in dergelijke evenementen zijn eigendom van de vereniging.


Artikel 7. Stroomvoorziening

1. Levering van elektriciteit geschiedt uitsluitend via meterkasten op de steigers in de haven, nadat door de havenmeester de plaats van de "vas¬te" aansluiting is toegewezen. Het verschuldigde vastrechtbedrag en de energietarieven worden jaarlijks vastgesteld in de algemene ledenvergadering als bedoeld in artikel 12, lid 3, van de statuten.

2. Een lid of gast is, voor zover beschikbaar, gerechtigd gebruik te maken van maximaal één aansluitpunt op het elektriciteitsnet. Het maximaal aan te sluiten vermogen is bekend bij de havenmeester. Op een aansluitpunt mag slechts 1 elektriciteitskabel aangesloten worden. Deze kabel dient, evenals de 220 V installatie aan boord, aan alle wettelijke eisen te voldoen en moet ononderbroken zijn.


Artikel 8. Milieu

1. Huishoudelijk afval, afkomstig van de pleziervaartuigen van leden en gasten, dient mee te worden genomen naar huis of in deugdelijke en afgesloten verpakkingen in de daarvoor bestemde containers op het milieueiland van de vereniging te worden gedeponeerd. Het zgn. grove huisvuil, zoals vloerbedekking, matrassen, timmerhout dient mee te worden naar huis.

2. Accu's, afkomstig van pleziervaartuigen van leden en gasten, dienen in beginsel te worden meegenomen naar huis en in deugdelijke verpakking op de daarvoor in de gemeente aangewezen plaats en voorgeschreven wijze te worden afgeleverd.

3. Afgewerkte olie en oliefilters afkomstig van de pleziervaartuigen van leden en gasten, dienen in beginsel mee te worden genomen naar huis en in deugdelijke verpakking op de daarvoor in de gemeente aangewezen plaats en voorgeschreven wijze te worden afgeleverd.

4. Indien men gebruik wil maken van de vuilwater of bilgepomp dient men zich te melden bij de Commat. De vergoeding voor gebruik van de bilgepomp wordt vastgesteld door de algemene ledenvergadering.

5. Chemisch afval en verpakkingen hiervan dienen in beginsel in deugdelijke verpakking mee naar huis te worden genomen om het daar op de daarvoor in de desbetreffende gemeente aangewezen plaats en voorgeschreven wijze te deponeren. Onder chemisch afval is onder andere te verstaan:
- verfblikken, verfschraapsel, verfresten, verfkwasten/rollers, afbijtmiddelen, oplos- en verdunningsmiddelen, enz.;
- antivries, ontvetter, smeermiddelen, poetsdoeken, enz..
In geval van twijfel beschouwt het bestuur afval als chemisch afval en dient het als zodanig behandeld te worden.

6. Het is toegestaan in de haven (kleine) onderhouds- en reparatiewerkzaamheden uit te (laten) voeren aan te water liggende pleziervaartuigen of onderdelen daarvan, indien daarbij geen hinder wordt veroorzaakt voor anderen en het water in de haven en/of het haventerrein niet wordt vervuild.

7. Tijdens (kleine) onderhouds- en reparatiewerkzaamheden aan pleziervaartuigen, waarbij water, bodem of luchtverontreiniging kan ontstaan, dienen door de uitvoerder ervan doelmatige voorzieningen te worden getroffen om die verontreiniging te voorkomen, zoals:
- mechanische stofafzuiging bij machinaal schuren;
- vrijkomende afvalstoffen, zoals verfresten, zo nodig meerdere keren per dag verzamelen in stevige en afsluitbare zakken of bakken;
- verzamelde afvalstoffen dagelijks na het beëindigen van de werkzaamheden afvoeren;
- verfstoffen en schoonmaakmiddelen niet op de steiger achter laten.
Het bestuur is bevoegd op grond van de toepasselijke overheidsbesluiten zo nodig nadere regels te stellen.


Artikel 9. Veiligheid

1. De eigenaar of houder van een pleziervaartuig met een binnenboord motor of met een motor met losse brandstoftank is verplicht er zorg voor te dragen dat er aan boord tenminste één goedgekeurde en gebruiksklare brandblusser aanwezig is met een minimale inhoud van 2 kilogram. Deze blusser dient in goede staat te verkeren en goed te werken bij het bestrijden van olie- of benzinebrand aan boord.

2. De eigenaar of houder van een pleziervaartuig, waarin een gasinstallatie wordt aangelegd of aanwezig is, dient er zorg voor te dragen dat deze wordt aangelegd, wordt onderhouden en/of wordt gebruikt volgens de geldende (wettelijke) richtlijnen en zich te allen tijde in goede staat bevindt. De folder "Gasveilig" kan daarbij als leidraad dienen.

3. De eigenaar of houder van een pleziervaartuig dient er zorg voor te dragen dat de elektriciteitsleidingen en de elektrische installaties aan boord van goede kwaliteit, met voldoende capaciteit en voldoende gezekerd zijn. De elektriciteitsleiding van het pleziervaartuig naar de walaansluiting dient ononderbroken en op een degelijke wijze beschermd te zijn tegen beschadiging, bijvoorbeeld ten gevolge van schavielen.


Artikel 10. Toegangshekken haventerrein

1. Aan ligplaatshouders wordt op uitleenbasis een sleutel voor het toegangshekken van het haventerrein ter beschikking gesteld tegen betaling van een eenmalig borg bedrag.

2. De sleutels worden verstrekt op naam van de ligplaatshouder en mogen niet aan derden worden uitgeleend of doorgegeven. Misbruik wordt bestraft door inname van de sleutel.

3. Na het opzeggen van de ligplaats dienen de sleutels ingeleverd te worden, waarna het borg bedrag door de vereniging wordt terugbetaald.

4. Teneinde te voorkomen, dat onbevoegden het haventerrein en/of de haven kunnen betreden, zijn leden en gasten verplicht de toegangshekken direct achter zich te sluiten.


Artikel 11. Zomer- en winterseizoen

1. Het zomerseizoen loopt van 1 maart tot en met 1 oktober. Het winterseizoen loopt van 1 oktober tot 1 maart.

2. (Buitengewone) leden, die geen recht hebben gebruik te maken van jaarstallingsplaats, kunnen op basis van beschikbaarheid een winterstallingsplaats krijgen toegewezen en dienen uiterlijk 1 maart hun pleziervaartuig elders onder te brengen.

3. Het aanvragen van een winterstallingsplaats dient schriftelijk te geschieden aan het bestuur. Het bestuur houdt zo nodig een wachtlijst bij. Donateurs komen in aanmerking voor een winterstallingsplaats indien er nog ruimte beschikbaar is.

4. Leden, die voor hun pleziervaartuig tijdens het winterseizoen een andere ligplaats krijgen toegewezen, dienen deze zo spoedig mogelijk na 1 oktober in te nemen en uiterlijk 1 maart met hun pleziervaartuig weer de toegewezen jaarstallingsplaats in te nemen.

5. Het gebruik van een geluidsalarm op een pleziervaartuig is toegestaan, mits deze is goedgekeurd en is voorzien van een tijdslimietschakeling.


Artikel 12. Specifieke aanwijzingen voor passanten

1. Aan passanten worden ligplaatsen aangewezen door de Commat. Zij dienen zich daartoe te melden bij de Commat. Betaling van passantengelden, toeristenbelasting, enz. dient contant bij de Commat te worden gedaan tegen ontvangst van een betalingsbewijs, dat zichtbaar moet worden opgehangen of geplaatst binnen het desbetreffende pleziervaartuig.

2. Leden, die geen ligplaats op basis van jaarstalling in de haven van de vereniging hebben, maar als passant van de haven gebruik maken, betalen de eerste zeven overnachtingen geen passantengeld. In een periode van vier weken betalen deze leden niet meer passantengeld, dan de vastgestelde vergoeding voor een ligplaats op basis van jaarstalling (exclusief toeristenbelasting).

3. Op eerste aanzegging van de Commat dient degene die het aangaat zijn pleziervaartuig te verhalen of te verwijderen. Bij weigering gebeurt hetgeen nodig is door of vanwege het bestuur op kosten van de nalatige.


Artikel 13. Wangedrag

Het bestuur heeft het recht een ieder die zich schuldig maakt aan wangedrag al of niet onmiddellijk of tijdelijk de toegang tot de haven en het haventerrein te ontzeggen. De betrokkene wordt hiervan mondeling respectievelijk schriftelijk in kennis gesteld. In de aanzegging wordt duidelijk de reden aangegeven waarom het bestuur heeft besloten de betrokkene al of niet onmiddellijk of tijdelijk de toegang tot de haven en het haventerrein te ontzeggen.


Artikel 14. Slotbepaling

1. In gevallen, waarin het Reglement voor de Haven en het Haventerrein 'Albatros' niet voorziet, beslist het bestuur en legt daarover verantwoording af aan de algemene ledenvergadering.

2. Het Reglement voor de Haven en het Haventerrein 'Albatros' ligt ter inzage in de club ark.

Aldus vastgesteld en goedgekeurd op de algemene ledenvergadering van 23-10-2014.

w.g. voorzitter :
w.g. secretaris :
w.g. penningmeester :