Artikelindex

Artikel 8. Milieu

1. Huishoudelijk afval, afkomstig van de pleziervaartuigen van leden en gasten, dient mee te worden genomen naar huis of in deugdelijke en afgesloten verpakkingen in de daarvoor bestemde containers op het milieueiland van de vereniging te worden gedeponeerd. Het zgn. grove huisvuil, zoals vloerbedekking, matrassen, timmerhout dient mee te worden naar huis.

2. Accu's, afkomstig van pleziervaartuigen van leden en gasten, dienen in beginsel te worden meegenomen naar huis en in deugdelijke verpakking op de daarvoor in de gemeente aangewezen plaats en voorgeschreven wijze te worden afgeleverd.

3. Afgewerkte olie en oliefilters afkomstig van de pleziervaartuigen van leden en gasten, dienen in beginsel mee te worden genomen naar huis en in deugdelijke verpakking op de daarvoor in de gemeente aangewezen plaats en voorgeschreven wijze te worden afgeleverd.

4. Indien men gebruik wil maken van de vuilwater of bilgepomp dient men zich te melden bij de Commat. De vergoeding voor gebruik van de bilgepomp wordt vastgesteld door de algemene ledenvergadering.

5. Chemisch afval en verpakkingen hiervan dienen in beginsel in deugdelijke verpakking mee naar huis te worden genomen om het daar op de daarvoor in de desbetreffende gemeente aangewezen plaats en voorgeschreven wijze te deponeren. Onder chemisch afval is onder andere te verstaan:
- verfblikken, verfschraapsel, verfresten, verfkwasten/rollers, afbijtmiddelen, oplos- en verdunningsmiddelen, enz.;
- antivries, ontvetter, smeermiddelen, poetsdoeken, enz..
In geval van twijfel beschouwt het bestuur afval als chemisch afval en dient het als zodanig behandeld te worden.

6. Het is toegestaan in de haven (kleine) onderhouds- en reparatiewerkzaamheden uit te (laten) voeren aan te water liggende pleziervaartuigen of onderdelen daarvan, indien daarbij geen hinder wordt veroorzaakt voor anderen en het water in de haven en/of het haventerrein niet wordt vervuild.

7. Tijdens (kleine) onderhouds- en reparatiewerkzaamheden aan pleziervaartuigen, waarbij water, bodem of luchtverontreiniging kan ontstaan, dienen door de uitvoerder ervan doelmatige voorzieningen te worden getroffen om die verontreiniging te voorkomen, zoals:
- mechanische stofafzuiging bij machinaal schuren;
- vrijkomende afvalstoffen, zoals verfresten, zo nodig meerdere keren per dag verzamelen in stevige en afsluitbare zakken of bakken;
- verzamelde afvalstoffen dagelijks na het beëindigen van de werkzaamheden afvoeren;
- verfstoffen en schoonmaakmiddelen niet op de steiger achter laten.
Het bestuur is bevoegd op grond van de toepasselijke overheidsbesluiten zo nodig nadere regels te stellen.