Artikel 1 Naam en zetel
Artikel 1. NAAM EN ZETEL
De vereniging draagt de naam “MARINE WATERSPORT VERENIGING”, afgekort M.W.V.
Zij is gevestigd in de gemeente Den Helder.
Artikel 2 Doel
Artikel 2. DOEL
De vereniging heeft ten doel de beoefening van de watersport en -recreatie mogelijk te maken en te bevorderen door:
- Het behartigen van belangen voor de leden;
- Het onderhouden van contacten met overheden en alle andere op enigerlei wijze bij de watersport betrokken instellingen;
- Het verzorgen van cursussen en voorlichting op watersportgebied;
- Het uitschrijven en regelen van wedstrijden en tochten;
- Het aanmoedigen van wedstrijdzeilen door haar leden;
- Het beschikbaar stellen van vaartuigen;
- Het aanbrengen en instandhouden van de nodige accommodatie;
- Het onderhouden van betrekkingen met andere verenigingen die hetzelfde doel nastreven;
- Het verlenen van medewerking aan de leden die een eigen vaartuig bezitten of willen aanschaffen.
Artikel 3 Oprichting
Artikel 3. OPRICHTING
De vereniging werd opgericht op 17 september 1949 en is erkend door goedkeuring van haar statuten bij Koninklijk Besluit van 29 januari 1951, nummer 18.
Zij is aanvankelijk aangegaan voor de tijd van 29 jaren.
Gewijzigd en goedgekeurd bij de volgende Koninklijke Besluiten:
- nummer 64 van 27 januari 1970;
- nummer 110 van 15 maart 1972;
- nummer 52 van 27 november 1974
De vereniging is aangegaan voor onbepaalde tijd.
Artikel 4 Leden
Artikel 4. LEDEN
1. Leden van de vereniging kunnen zijn, werknemers en voormalig werknemers van het ministerie van defensie en zich bij het bestuur als zodanig hebben aangemeld.
2. Het bestuur houdt een register waarin de namen en adressen van alle leden zijn opgenomen.
Artikel 5 Buitengewone leden en donateurs
Artikel 5. BUITENGEWONE LEDEN EN DONATEURS
Naast de leden genoemd in het vorige lid van deze statuten kent de vereniging buitengewone leden en donateurs.
Artikel 6 Toelating
Artikel 6. TOELATING
1. Het bestuur beslist over de toelating van leden en donateurs.
2. Bij niet-toelating kan de algemene ledenvergadering alsnog tot toelating besluiten.
Artikel 7 Einde van het lidmaatschap
Artikel 7. EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP
1. Het lidmaatschap eindigt:
- door overlijden;
- door schriftelijke opzegging aan het bestuur;
- door opzegging door de vereniging. Dit kan slechts worden uitgesproken wanneer een lid heeft opgehouden aan de eisen voor het lidmaatschap bij de statuten gesteld, te voldoen. Wanneer hij zijn verplichtingen ten opzichte van de vereniging niet nakomt en wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
- door ontzetting. Dit kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
2. Opzegging door de vereniging geschiedt door het bestuur.
3. Opzegging van het lidmaatschap door het lid of door de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken. Echter kan het lidmaatschap onmiddellijk worden beëindigd, indien van de vereniging of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
4. Een opzegging in strijd met het bepaalde in het vorige lid, doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgende op de datum waartegen was opgezegd.
5. Een lid is niet bevoegd door opzegging van zijn lidmaatschap een besluit, waarbij de financiële verplichtingen van de leden zijn verzwaard, te zijnen opzichte uit te sluiten.
6. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het bestuur.
7. Van een besluit tot ontzetting uit het lidmaatschap door de vereniging op grond dat een lid zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt en dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren en van een besluit tot ontzetting uit het lidmaatschap, staat de betrokkene binnen een maand na de ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de algemene ledenvergadering. Hij wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennis gesteld. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst, met dien verstande evenwel dat het geschorste lid het recht heeft zich in de algemene ledenvergadering, waarin het in dit lid bedoelde beroep wordt behandeld, te verantwoorden.
8. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd.
Artikel 8 Einde van de rechten en verplichtingen donateurs
Artikel 8. EINDE VAN DE RECHTEN EN VERPLICHTINGEN DONATEURS
1. De rechten en verplichtingen van een donateur kunnen te allen tijde wederzijds door opzegging worden beëindigd behoudens dat de jaarlijkse bijdrage over het lopende verenigingsjaar voor het geheel blijft verschuldigd.
2. Opzegging door de vereniging geschiedt door het bestuur.
Artikel 9 Contributie en donateurs
Artikel 9. CONTRIBUTIE EN DONATIES
1. De leden en donateurs zijn gehouden tot het betalen van contributie respectievelijk donatie, die door de algemene ledenvergadering zal worden vastgesteld. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld die een verschillende bijdrage betalen.
2. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van de contributie te verlenen.
Artikel 10 Bestuur
Artikel 10. BESTUUR
1. Het bestuur bestaat uit een oneven aantal, met een minimum van 7 (zeven) personen, die door de algemene ledenvergadering worden benoemd. De benoeming geschiedt uit de leden van de vereniging.
2. De benoeming van bestuursleden geschiedt uit bindende voordrachten, behoudens het bepaalde in lid 3. Het opmaken van dergelijke voordrachten is zowel het bestuur als een lid tijdens de algemene vergadering voorbehouden. De voordracht van het bestuur wordt bij de oproeping voor de vergadering medegedeeld. Een voordracht door een lid moet voor de aanvang van de vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend.
3. Aan elke voordracht kan het bindend karakter worden ontnomen, door een met ten minste twee derden van de uitgebrachte stemmen genomen besluit van de algemene ledenvergadering.
4. Is geen voordracht opgemaakt, of besluit de algemene ledenvergadering overeenkomstig het voorgaande lid de opgemaakte voordrachten het bindend karakter te ontnemen, dan is de algemene ledenvergadering vrij in de keus.
5. Indien er meer dan een bindende voordracht is, geschiedt de benoeming uit die voordrachten.
Artikel 11 Einde bestuurslidmaatschap - Periodiek aftreden - Schorsing
Artikel 11. EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP – PERIODIEK AFTREDEN – SCHORSING
1. Elk bestuurslid, ook wanneer hij voor een bepaalde tijd is benoemd, kan te allen tijde door de algemene ledenvergadering worden ontslagen of geschorst. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
2. Elk bestuurslid treedt uiterlijk 3 jaar na zijn benoeming af, volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreding. De aftredende is herkiesbaar; wie in een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.
3. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts:
a. door het eindigen van het lidmaatschap van de vereniging ten aanzien van een bestuurslid dat uit de leden benoemd is;
b. door schriftelijk bedanken.
Artikel 12 Bestuursfuncties - Besluitvorming van het bestuur
Artikel 12. BESTUURSFUNCTIES - BESLUITVORMING VAN HET BESTUUR
1. Het bestuur bestaat uit de navolgende bestuursfuncties:
- voorzitter
- secretaris
- 2e secretaris
- penningmeester
- 2e penningmeester
- commissaris materieel
- 2e commissaris materieel.
Een bestuurslid kan meer dan één functie bekleden.
2. Bij huishoudelijk reglement kunnen nadere regelen aangaande de vergaderingen van en de besluitvorming door het bestuur worden gegeven.
Artikel 13 Bestuurstaak - Vertegenwoordiging
Artikel 13. BESTUURSTAAK - VERTEGENWOORDIGING
1. Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.
2. Indien het aantal bestuursleden beneden drie is gedaald, blijft het bestuur bevoegd. Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk een algemene ledenvergadering te beleggen waarin de voorziening in de open plaats of de open plaatsen aan de orde komt.
3. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderwerpen van zijn taak te doen uitvoeren door commissie die door het bestuur worden benoemd.
4. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de algemene ledenvergadering, bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of gedeeltelijk medeschuldenaar bevindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een ander verbindt en tot vertegenwoordiging van de vereniging ter zake van deze verhandelingen. Op het ontbreken van vorenbedoelde goedkeuring van de algemene ledenvergadering kan tegen derden beroep worden gedaan.
5. Het bestuur behoeft eveneens goedkeuring van de algemene ledenvergadering voor besluiten tot:
a. onverminderd het bepaalde onder b. het aangaan van rechtshandelingen en het verrichten van investeringen een bedrag of waarde van € 15.000,00 te boven gaande;
b1. het huren, verhuren en op andere wijze in gebruik of genot verkrijgen en geven van onroerende goederen;
b2. het aangaan van overeenkomsten waarbij aan de vereniging een bankkrediet wordt verleend;
b3. het ter leen opnemen van gelden, waaronder niet is begrepen het gebruik maken van een aan de vereniging verleend bankkrediet;
b4. het aangaan van dadingen;
b5. het optreden in rechte, waaronder begrepen het voeren van arbitrale procedures, doch met uitzondering van het nemen van conservatoire maatregelen, en van het nemen van die rechtsmaatregelen die geen uitstel kunnen lijden;
b6. het sluiten en wijzigen van arbeidsovereenkomsten. Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden geen beroep worden gedaan.
6. Onverminderd het lid 4 bepaalde wordt de vereniging in en buiten rechte vertegenwoordigd:
hetzij door het bestuur;
hetzij door de voorzitter;
hetzij door twee andere bestuursleden.
Artikel 14 Rekening en verantwoording
Artikel 14. REKENING EN VERANTWOORDING
1. Het verenigingsjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december.
2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanig aantekeningen te houden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
3. Het bestuur brengt op een ledenvergadering binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene ledenvergadering, een jaarverslag uit over de gang van zaken in de vereniging over het gevoerde beleid. Het legt de balans en de staat van baten en lasten met een toelichting ter goedkeuring aan de algemene ledenvergadering over. Na verloop van de termijn kan ieder lid van de gezamenlijke bestuurders in rechte vorderen dat zij deze verplichtingen nakomen.
4. De algemene ledenvergadering benoemt jaarlijks uit de leden een kascontrolecommissie van ten minste twee personen, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur. De kascontrolecommissie onderzoekt de in de tweede volzin van het vorige lid genoemde stukken en brengt aan de algemene ledenvergadering verslag van haar bevindingen uit. Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de kascontrole-commissie voor dat onderzoek zich door een deskundige doen bijstaan.
Het bestuur is verplicht de kascontrolecommissie ten behoeve van haar onderzoek alle door haar gevraagde inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de verenigingskas en de waarden te tonen en inzage van de boeken en bescheiden van de vereniging te geven.
5. De last van de kascontrolecommissie kan te allen tijde door de algemene ledenvergadering worden herroepen, doch slechts door de benoeming van een andere kascontrolecommissie.
6. Het bestuur is verplicht de bescheiden bedoeld in de leden 2 en 3 zeven jaren lang te bewaren.
Artikel 15 Algemene ledenvergadering
Artikel 15. ALGEMENE LEDENVERGADERING
1. Aan de algemene ledenvergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan het bestuur zijn opgedragen.
2. Jaarlijks, uiterlijk zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt een algemene ledenvergadering – de jaarvergadering – gehouden.
In de jaarvergadering komen onder meer aan de orde:
a. vaststellen van de notulen van de voorgaande algemene ledenvergadering;
b. jaarverslag van de secretaris over het afgelopen verenigingsjaar;
c. de rekening en verantwoording van de penningmeester over het afgelopen verenigingsjaar, bedoeld in artikel 14 met het verslag van de aldaar bedoelde kascontrolecommissie;
d. jaarverslag van de Commissaris materieel over het afgelopen verenigingsjaar;
e. voorziening in eventuele vacatures van het bestuur;
f. de verkiezing en benoeming van de in artikel 14 genoemde kascontrole-commissie voor het volgende verenigingsjaar;
g. de verkiezing en benoeming van schadecommissie voor het volgende verenigingsjaar.
3. In de najaarsvergadering komen ondermeer aan de orde:
a. vaststellen van de notulen van de voorgaande algemene ledenvergadering;
b. de begroting van het nieuwe verenigingsjaar;
c. het voorgenomen beleid van het bestuur voor het komende verenigingsjaar;
d. het vaststellen van de contributie, zeil- en liggelden, eigen risico en andere bijdragen.
4. Andere (bijzondere) ledenvergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt,
5. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van ten minste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van een tiende gedeelte van de stemmen verplicht tot het bijeenroepen van een algemene ledenvergadering op een termijn van niet langer dan vier weken. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig artikel 20 of bij advertentie in ten minste een ter plaatse waar de vereniging gevestigd is veel gelezen dagblad, met inachtneming van de in artikel 20 vermelde oproepingstermijn.
Artikel 16 Toegang en stemrecht
Artikel 16. TOEGANG EN STEMRECHT
1. Toegang tot de algemene ledenvergadering hebben alle leden en donateurs van de vereniging. Geen toegang hebben geschorste leden, behoudens het bepaalde in artikel 7, lid 7, en geschorste bestuursleden.
2. Over toelating van andere dan de in lid 3 bedoelde personen beslist de algemene leden-vergadering.
3. Ieder lid van de vereniging dat niet geschorst is, heeft een stem.
4. Een lid kan zijn stem niet per volmacht laten uitbrengen.
Artikel 17 Voorzitterschap
Artikel 17. VOORZITTERSCHAP
De algemene ledenvergadering wordt geleid door de voorzitter van de vereniging of zijn plaatsvervanger. Ontbreken de voorzitter en zijn plaatsvervanger, dan treedt de secretaris van de vereniging op als voorzitter. In het geval de secretaris ontbreekt treedt één van de andere bestuursleden door het bestuur aan te wijzen als voorzitter op.
Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelf. Tot dat ogenblik wordt het voorzitterschap waargenomen door de in leeftijd oudste aanwezige persoon.
Artikel 18 Notulen
Artikel 18. NOTULEN
Van het verhandelde in elke vergadering worden door de voorzitter daartoe aangewezen notulist notulen gemaakt, die tijdens de eerstvolgende vergadering worden vastgesteld en ten blijke daarvan door de voorzitter en de notulist ondertekend.
Artikel 19 Besluitvorming van de algemene leden vergadering
Artikel 19. BESLUITVORMING VAN DE ALGEMENE LEDEN VERGADERING
1. Het ter algemene ledenvergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter omtrent de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voor zover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van een in het eerste lid bedoeld oordeel de juistheid ervan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid van de vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
3. Voor zover de statuten of de wet niet anders bepalen, worden alle besluiten van de algemene ledenvergadering genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen.
4. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
5. Indien bij een verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming, of in geval van een bindende voordracht, een tweede stemming tussen de voorgedragen kandidaten plaats. Heeft alsdan weer niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats, totdat hetzij een persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken. Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen personen op wie bij de voorafgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de persoon op wie bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht. Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt, op wie van die personen bij de nieuwe stemming géén stemmen meer kunnen worden uitgebracht.
In het geval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen.
6. Indien de stemmen staken over een voorstel niet rakende verkiezing van personen, dan is het verworpen.
7. Alle stemmingen geschieden mondeling dan wel met hand opsteken. Echter kan de voorzitter bepalen dat de stemmen schriftelijk moeten worden uitgebracht. Indien het betreft een verkiezing van personen kan ook een aanwezige stemgerechtigde verlangen dat de stemmen schriftelijk worden uitgebracht. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende gesloten briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij een stemgerechtigde hoofdelijke stemming verlangt.
8. Een éénstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene ledenvergadering.
9. Zolang in een algemene ledenvergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen, geldige besluiten worden genomen – dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding – ook al heeft géén oproeping plaatsgehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.
Artikel 20 Bijeenroeping algemene leden vergadering
Artikel 20. BIJEENROEPING ALGEMENE LEDENVERGADERING
1. De algemene ledenvergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur. De oproeping geschiedt schriftelijk, in het cluborgaan, aan de adressen van de leden volgens het ledenregister bedoeld in artikel 4. De termijn voor de oproeping bedraagt ten minste zeven dagen.
2. Bij de oproeping worden de te behandelen onderwerpen vermeld, onverminderd het bepaalde in de artikelen 20 en 21.
Artikel 21 Statutenwijziging
Artikel 21. STATUTENWIJZIGING
1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van een algemene ledenvergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijzing van de statuten zal worden voorgesteld.
2. Zij die de oproeping tot de algemene ledenvergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste vijf dagen voor de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden.
3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft ten minste twee derden van de uitgebrachte stemmen.
4. Wijziging der statuten treedt eerst in werking, wanneer hiervan notariële akte is opgemaakt.
Artikel 22 Ontbinding
Artikel 22. ONTBINDING
1. De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene ledenvergadering. Een besluit van ontbinding van de vereniging behoeft twee derde van de uitgebrachte stemmen, in een vergadering waarin ten minste 10 (tien) procent van de leden tegenwoordig is.
Is niet 10 (tien) procent van de leden tegenwoordig, dan wordt na die vergadering een tweede vergadering bijeengeroepen, te houden binnen vier weken na de eerste vergadering waarin over het voorstel zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal tegenwoordige leden, kan worden besloten, mits met een meerderheid van ten minste twee derden van de uitgebrachte stemmen.
2. Na de ontbinding geschiedt de vereffening door de bestuurders.
3. Het batig saldo na vereffening wordt aan degenen die ten tijde van het besluit tot ontbinding lid waren, overgedragen. Ieder lid ontvangt een gelijk deel. Bij het besluit tot ontbinding kan echter ook een andere bestemming aan het batig saldo worden gegeven.
4. Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden vereniging gedurende de bij de wet voorgeschreven termijn onder berusting van de door de vereffenaars aangewezen persoon.
Artikel 23 Huishoudelijk reglement
Artikel 23. HUISHOUDELIJK REGLEMENT
1. De algemene ledenvergadering kan een huishoudelijk reglement vaststellen.
2. Bij verschil van mening over enig artikel in het huishoudelijke reglement der vereniging en in gevallen waarin niet of niet voldoende is voorzien, beslist het bestuur, behoudens beroep op de algemene ledenvergadering.
3. Het huishoudelijke reglement mag niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, noch met de statuten.
Categorie: Vereniging

