A._Bestuur_____

A1. Aanwezigheid besluitenboek en opnemen nieuwe besluiten
1. Het besluitenboek dient tijdens iedere vergadering aanwezig te zijn.
2. Het bestuur bepaalt welke genomen besluiten zullen worden opgenomen, overeenkomstig het bepaalde in artikel 8 lid 8 van het huishoudelijk reglement.

A2. Verzekering (buitengewone) leden
1. Voor (buitengewone) leden is een verzekering afgesloten die uitkeert bij overlijden of blijvend invaliditeit.
2. De uitkering, zoals bedoeld in lid 1 van dit artikel, geldt alleen voor die (buitengewone) leden die in opdracht van het bestuur:
a. Reizend zijn.
b. Werkzaamheden verrichten in algemene zin dan wel bij wedstrijden.

A3. Representatie bij overlijden
Bij het overlijden van een (buitengewoon) lid van de vereniging wordt hieraan door het bestuur op passende wijze aandacht geschonken:
a. Bij overlijden van een bestuurslid, een lid van verdienste of een drager van de zilveren speld, welke aan het bestuur bekend werd gesteld middels rouwkaart: een rouwarrangement.
b. Bij overlijden van een (buitengewoon) lid, welke aan het bestuur bekend werd gesteld middels rouwkaart: een rouwboeket.
c. Bij overlijden van een (buitengewoon) lid, waarvan het bestuur op een andere wijze kennis heeft genomen: een condoleancekaart.

A4. Regeling Sociaal Jeugdfonds/Voedselbank.
Uit sociaal maatschappelijk oogpunt wordt de mogelijkheid geboden om kinderen tijdelijk gebruik te laten maken van de jeugdfaciliteiten. Hierbij worden de kosten van lidmaatschap, cursussen en zeilweekend door het Sociaal Jeugdfonds vergoed of door de vereniging.

A5. Ontheffing contributieverplichting
Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van contributie te verlenen.

A6. Afvaardiging naar de participantenraad VNM
1. Aan de hand van de agenda en conceptnotulen zal het bestuur van de vereniging een standpunt innemen.
2. Dit standpunt zal als een mandaat worden opgedragen aan de afvaardiging van de vereniging naar de participantenraad van de VNM.
3. De afvaardiging zal tijdens de participantenraad niet van dit opgedragen standpunt afwijken.


B. Havens

B1. Het vrijhouden van de steiger bij de vuilwaterpomp
De buitenzijde van steiger 1 in de jachthaven te Den Helder zal in beginsel worden vrijgehouden ten behoeve van:
1. Het aanmelden van passanten.
2. Gebruik door pleziervaartuigen die de vuilwatertank (toiletafvalwater, geen oliehoudend afvalwater) willen leegpompen.

B2. Maximum aantal toe te wijzen vaste ligplaatsen aan motorboten
1. In verband met de BTW-vrijstelling voor watersportverenigingen mag het aantal ligplaatsen dat aan motorboten wordt toegekend niet meer bedragen dan 50% van het totaal aantal ligplaatsen in beide havens.
2. De jachthaven Albatros beschikt over 47 ligplaatsen, in beginsel mogen er maximaal 23 ligplaatsen worden toegekend aan motorboten.
3. De jachthaven Haukes beschikt over 80 ligplaatsen, in beginsel mogen er maximaal 40 ligplaatsen worden toegekend aan motorboten.
4. Indien een ligplaatshouder op grond van artikel 8 lid 1c van het havenreglement het recht wordt ontnomen om gebruik te mogen maken van een ligplaats, dan zal dit (buitengewone) lid op grond van artikel 6 lid 9a van het havenreglement met voorrang op de wachtlijst worden geplaatst voor een hernieuwde toewijzing van een beschikbare ligplaats. Vervallen naar aanleiding besluit ALV 25-10-2025

B3. Toeristenbelasting
1. Onder de naam “toeristenbelasting” wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven.
2. Het tarief wordt jaarlijks door de gemeente vastgesteld en dient samen met het passantgeld te worden geïnd.

B4. Openingstijden bar
1. De openingstijden van de bar zijn overeenkomstig dan wel binnen de gestelde norm conform de vergunning, zoals deze is afgegeven door respectievelijk de gemeente Den Helder voor het clubschip Albatros en de gemeente Hollands Kroon voor het clubgebouw de Sloep.
2. De openingstijden van de bar worden door het bestuur vastgesteld en zichtbaar bekend gesteld op de desbetreffende locatie.

B5. Verboden te vissen.
Het is niet toegestaan om te vissen in het water van de haven (zowel vanaf de boot alsmede de steigers).


C. Materieel

C1. Verkoop niet meer benodigd verenigingsmaterieel
1. Niet meer benodigd materiaal moet in de eerste plaats aan (buitengewone) leden worden aangeboden door het bekend stellen hiervan in het mededelingenblad en/of website, gevolgd door het in de gelegenheid stellen van (buitengewone) leden om hiervoor in te schrijven.
2. Indien er bij de (buitengewone) leden geen interesse bestaat voor het aangeboden materiaal, dan mag naar kopers buiten de vereniging worden uitgekeken.

C2. Gebruik en afschrijving hulpvaartuigen
1. Hulpvaartuigen van de vereniging worden niet voor recreatieve doeleinden ter beschikking gesteld aan (buitengewone) leden.
2. Gebruik “Toelis”:
a. De Toelis is gedurende het seizoen gestationeerd in de Haukes haven.
b. Het schip mag gebruikt worden tijdens wedstrijden, uitgeschreven door de vereniging.
c. Het schip mag, in beginsel tegen betaling van de vergoeding overeenkomstig het tarief dat door de algemene ledenvergadering in de tarievenlijst is vastgesteld, na instemming door het bestuur gebruikt worden door zusterverenigingen.
d. Het schip kan worden gebruikt bij calamiteiten op het Amstelmeer. In dit geval beslist de havenmeester, zoals bedoeld in artikel in artikel 4 van het reglement voor de haven en het haventerrein.
e. Vaarbevoegd zijn alleen zij die in het bezit zijn van een geldig vaarbewijs
3. De “Zeun” kan aan ouders van (op dat moment zeilende) jeugdleden ter beschikking worden gesteld overeenkomstig het tarief dat door de algemene ledenvergadering in de tarievenlijst is vastgesteld.
4. De “Paai” mag alleen gevaren worden door zij die in het bezit zijn van een geldig vaarbewijs dan wel in bezit van aantekening M-brevet.(afgestoten sept 2024)

C3. Afschrijvingspercentage roerend en onroerend goed
1. Van onroerend goed wordt per jaar 5% van de aanschafwaarde afgeschreven tot 40% van deze aanschafwaarde.
2. Van roerend goed wordt per jaar 10% van de aanschafwaarde afgeschreven tot 10% van deze aanschafwaarde.

C4. Aanvraag voor stalling eigen boot/jacht Atjeh loods
1. Leden kunnen schriftelijk een aanvraag doen bij het bestuur om hun jacht te stallen in de Atjeh loods of op het buitenterrein zowel in het winterseizoen als in het zomerseizoen.
2. Aanvragen voor stalling worden pas na 1 oktober van het voorafgaande jaar toegekend. Bij meerdere aanvragen zal er geloot worden.
3. Hijskosten ten tijden van het hijsen van MWV jachten worden verrekend met het lid. Indien men buiten deze tijden gehesen wenst te worden, gaat dit in overleg met de Commat en dient men zelf voor een kraan te zorgen.


D. Vergoedingen

D1. Kilometervergoeding
1. De vergoeding voor reizen ten behoeve van de vereniging met een eigen vervoermiddel bedraagt een door het bestuur vastgesteld tarief per kilometer, die overeenkomt met de belastingvrije kilometervergoeding.
2. De vergoeding voor reizen ten behoeve van de vereniging met openbaar vervoer, is overeenkomstig de prijs van het plaatsbewijs (NS 2e klasse).
3. Bij de volgende gelegenheden worden de reiskosten t.b.v. de vereniging vergoed:
a. Reizen gemaakt door (buitengewone) leden en bestuursleden ter verwerving van materieel.
b. Reizen gemaakt door (buitengewone) leden en bestuursleden bij bezoek aan reparatiewerven.
c. Reizen gemaakt door bestuursleden die zijn aangewezen voor het bijwonen van vergaderingen waarbij hun aanwezigheid is gewenst (hieronder ook te verstaan de vergaderingen van de vereniging).
4. In alle overige gevallen worden reiskosten vergoed na goedkeuring door het bestuur.
5. De reizen, zoals bedoeld onder punt 3a t/m 3c van dit artikel, worden uitsluitend vergoed indien zij zijn gemaakt in opdracht van de voorzitter dan wel de secretaris.

D2. Vergoeding overbrengen jachten
1. Voor het overbrengen van jachten van de vereniging van de thuishaven naar de dislocatie en omgekeerd gelden maximaal de volgende vergoedingen (e.e.a. met overlegging van het betalingsbewijs):
a. Voor 2 personen de reiskosten van huisadres naar de haven van bestemming van de jachten of omgekeerd.
b. Voor 2 personen de passsantengelden in een jachthaven gedurende de directe overvaart.
c. De brandstofkosten voor de directe overvaart.
d. Brug- en sluisgelden voor de directe overvaart.
2. Deze vergoedingen zijn alleen van toepassing indien er geen voorafgaande of aansluitende afschrijvingsperiode plaatsvindt.

D3. Vergoeding barpersoneel
Het barpersoneel van de Albatros en De Sloep krijgen per periode een vergoeding. Deze vergoeding bedraagt een door het bestuur vastgestelde bedrag per periode. Een periode bestaat uit 4 uur waarbij barpersoneel op de Albatros maximaal 2 periodes krijgen vergoed en op De Sloep maximaal 3 periodes krijgen vergoed.

D4. Vergoeding schipper WR1 bij evenementen
1. Elke groepering die, tijdens nautische dagen, gebruik maakt van de zeilsloepen en hierbij een schipper van de vereniging nodig heeft, dient een door het bestuur vastgesteld bedrag als onkostenvergoeding voor deze schipper te betalen.
2. De behoeftestellende groep, instantie of vereniging wordt van tevoren van deze kosten op de hoogte gebracht.


D5. Vergoeding cursus wedstrijdleider
1. De commissie wedstrijden kan (buitengewone) leden voordragen bij het bestuur voor het volgen van de basiscursus Wedstrijdleider bij het Watersportverbond.
2. De aan de basiscursus Wedstrijdleider verbonden kosten komen ten laste van de vereniging.
3. Aan deelname van de basiscursus Wedstrijdleider is de verplichting verbonden om zich gedurende 3 jaar, ten gunste van de vereniging, in te zetten als wedstrijdleider en/of lid van het wedstrijdcomité.
4. Bij het voortijdig beëindigen, ingevolge de in het vorige punt opgelegde verplichting, kan het bestuur overgaan tot het geheel of gedeeltelijk terugvorderen van de door de vereniging gemaakte kosten van de basiscursus Wedstrijdleider.
5. Het bestuur en de aspirant wedstrijdleider zullen een verklaring opstellen en ondertekenen waarin e.e.a. wordt vastgelegd.

D6. Vergoeding Vaarbewijs I (VB1)
1. Door de commissie Wedstrijden en Jeugdzaken alsmede de Commat kunnen (buitengewone) leden worden voorgedragen bij het bestuur voor het behalen van VB I.
2. De aan het VB I verbonden examenkosten komen bij het met gunstig resultaat behalen van VB I ten laste van de vereniging.
3. Aan het op de kosten van de vereniging behaalde VB I is de verplichting verbonden om gedurende 3 jaar, bij wedstrijden georganiseerd door de vereniging op te treden als bestuurder van het veiligheidsvaartuig.
4. Bij het voortijdig beëindigen, ingevolge de in het vorige punt opgelegde verplichting, kan het bestuur overgaan tot het geheel of gedeeltelijk terugvorderen van de door de vereniging gemaakte kosten voor het behalen van VB I.
5. Het bestuur en de aspirant bestuurder van het veiligheidsvaartuig zullen een verklaring opstellen en ondertekenen waarin e.e.a. wordt vastgelegd.

D7. Vergoeding instructeur
1. Iedere instructeur van een door de vereniging georganiseerde cursus kan, door middel van het indienen van een declaratieformulier per verenigingsjaar, aanspraak maken op:
a. Een reisvergoeding ten aanzien van de door de instructeur gemaakte reizen tussen de woonplaats en de leslocatie.
b. De aanschaf van nieuwe lesboeken, aanschaf slechts mogelijk na verkregen toestemming van het bestuur.
2. Aan instructeurs kunnen op kosten van de vereniging per les twee consumpties worden aangeboden.

D8. Vergoeding bedieningscertificaat heftruck
1. Door de Commat kunnen (buitengewone) leden worden voorgedragen bij het bestuur voor het behalen van het bedieningscertificaat heftruck.
2. Het bedieningscertificaat is 5 jaar geldig
3. De aan de certificering verbonden examenkosten komen bij het met gunstig resultaat behalen van het bedieningscertificaat ten laste van de vereniging.
4. Aan het op de kosten van de vereniging behaalde bedieningscertificaat heftruck is de verplichting verbonden om gedurende 3 jaar op te treden als bestuurder van de heftruck.
5. Bij het voortijdig beëindigen, ingevolge de in het vorige punt opgelegde verplichting, kan het bestuur overgaan tot het geheel of gedeeltelijk terugvorderen van de door de vereniging gemaakte kosten voor het behalen van het bedieningscertificaat heftruck.
6. Het bestuur en de aspirant bestuurder van de heftruck zullen een verklaring opstellen en ondertekenen waarin e.e.a. wordt vastgelegd.


E. Opleidingen

E1. Cursussen
1. De vereniging kent vier (4) opleidingen ten behoeve van de toekenning van een brevet c.q. aantekening, te weten:
a. A-cursus : zeilen in open kielboot
b. M-cursus : varen en manoeuvreren met een motorboot
c. K-cursus : navigatie, varen en manoeuvreren met een kajuitjacht
d. Jeugdzeilen : jeugdcursus voor beginners en gevorderden
2. Deelname aan de in punt E1 genoemde opleidingen staan open voor (buitengewone) leden, met dien verstande dat:
a. Deelname aan de A-cursus mogelijk is voor personen vanaf de leeftijd van 16 jaar, uitzonderingen ter beoordeling van het bestuur.
b. Deelname aan de M-cursus mogelijk is voor personen vanaf de leeftijd van 18 jaar.
c. Deelname aan de K-cursus mogelijk is voor personen vanaf de leeftijd van 18 jaar en tenminste in het bezit zijn van het A-brevet.
d. Deelname aan de jeugdcursus is mogelijk voor jeugdleden vanaf de leeftijd van 8 jaar in het bezit van tenminste 2 zwemdiploma’s.
e. Het aantal minimale en maximale deelnemers per cursus is als volgt vastgesteld:
Cursus Minimaal Maximaal
A-cursus 5 20
M-cursus 5 12
K-cursus 5 8
Jeugdcursus 2 20
3. De hoofdinstructeur van de betreffende opleiding bespreekt jaarlijks de lesstof met de voorzitter van de commissie Training & Opleidingen.
4. Examens
a. Voor alle theorie-examens moet tenminste 50 punten worden behaald op basis van de 70% regeling.
b. Voor het behalen van het praktijkexamen moet worden voldaan aan de eisen, welke vooraf zijn opgesteld door de commissie Training & Opleiding en de praktijkexaminator.
c. De cursist kan via de voorzitter van de commissie Training & Opleidingen schriftelijk een verzoek doen om een mondeling examen af te leggen.
d. De voorzitter van de commissie Training & Opleidingen stelt, afhankelijk van de discipline, een examencommissie samen.
e. Voor het examen jeugdzeilen wordt alleen een praktisch examen afgenomen.
5. Herexamens
a. Een cursist die niet voldoende punten haalt voor het theorie-examen wordt in de gelegenheid gesteld om een herexamen af te leggen op basis van de 70% regeling.
b. De cursist kan via de voorzitter van de commissie Training & Opleidingen schriftelijk een verzoek doen om een herexamen af te mogen leggen.
6. Indien buiten eigen schuld de opleiding voortijdig wordt beëindigd, kan middels verzoek aan het bestuur, restitutie van het lesgeld worden gevraagd.
7. Boekwerken, evenals materiaal dat voor de opleiding benodigd is, dienen door de cursisten zelf te worden aangeschaft. Jachten worden door de vereniging beschikbaar gesteld voor het praktijkgedeelte.
8. De hoogte van het bedrag voor de diverse opleidingen wordt jaarlijks door de algemene ledenvergadering vastgesteld.
9. Toekenning brevet op basis van verworven competenties
a. Een (buitengewoon) lid dat in aanmerking wenst te komen voor de aantekening van het A-brevet dient:
1. De helft van het lesgeld als examengeld te betalen.
2. Aan te tonen over de gewenste vaardigheid te bezitten d.m.v. het afleggen van een praktische toets.
b. Een (buitengewoon) lid dat in aanmerking wenst te komen voor de aantekening van het M- of K-brevet dient:
1. De helft van het lesgeld als examengeld te betalen.
2. In het bezit te zijn van het A-brevet voor het behalen van het K-brevet.
3. Vaarbewijs 1 en/of vaarbewijs 2 dan wel een gelijkwaardig diploma van een beroepsopleiding te overleggen, waarbij een gedeeltelijke vrijstelling voor het theoretische gedeelte kan worden toegekend.
4. Aan te tonen over de gewenste vaardigheid te bezitten d.m.v. het afleggen van een praktische toets. Deze toets vindt plaats in de praktijk lesperiode van de dat jaar lopende cursussen en alleen als er nog plaatsen beschikbaar zijn.

E2. Praktijklessen
1. De beschikbaarheid van een verenigingsjacht voor het praktijkgedeelte van de cursussen wordt door het bestuur jaarlijks, in overleg met de Commissie Training & Opleidingen voor een periode vastgelegd.
2. Voor het verkrijgen van de aantekening A-, K en M-brevet zijn de praktische gedeelten verplicht.
3. De praktijklessen worden alleen gegeven aan (buitengewone) leden die een opleiding bij de vereniging volgen of om te familiariseren voor een komende afschrijving. Deze praktijklessen worden gegeven door het bestuur benoemde instructeurs dan wel hiervoor door het bestuur aangewezen personen.

E3. Uitloten aanvragers opleiding
Indien een aanvrager, wegens gebrek aan plaats, bij een cursus wordt uitgeloot wordt hij voor dat jaar geplaatst op een reservelijst.

E4. Traject jeugdcursussen
Jeugdleden, die zich inschrijven voor een jeugdcursus en daarin toegelaten worden, hebben voorrang bij het inschrijven op de vervolgcursus in het daarop volgende seizoen. Dit ongeacht of een jeugdlid zich aanmeldt voor dezelfde vervolgcursus nadat het jeugdlid op eigen initiatief de opleidingstrein heeft onderbroken. Dit besluit is genomen om recht te doen aan het bijzondere karakter van de jeugdcursussen en de leeftijdssamenstelling van hun deelnemers.

E5. Instappen praktijk gedeelte M-cursus
1. (Buitengewone) leden die geslaagd zijn voor (het theoretische gedeelte van) de K-cursus kunnen, zonder het theoretische deel te hoeven volgen, het daaropvolgende cursusjaar deelnemen aan het praktijk gedeelte van de M-cursus, mits er nog plaatsen beschikbaar zijn.
2. De kosten voor het volgen van alleen het praktijkgedeelte zijn overeenkomstig het tarief dat door de algemene ledenvergadering in de tarievenlijst is vastgesteld.


F. Evenementen

F1. Bestemming "Admirals Cup"
1. Met ingang van het seizoen 1986 is de "Admirals Cup" ieder jaar als wisselprijs voor de Clubkampioenschappen beschikbaar gesteld.
2. De naam van de winnaar zal ieder jaar op een apart plaatje in de voor deze cup bestemde kast worden aangebracht.
3. De wisselprijs blijft immer eigendom van de vereniging en moet bij voortduring op het clubschip aanwezig zijn.

F2. Bestemming wisselprijs Vereniging-sloepzeilwedstrijden
1. Ten behoeve van de wisselprijs voor de Vereniging-sloepzeilwedstrijden is een schilderij aangekocht, voorstellende een onder vol tuig varende WR1-sloep.
2. De naam van de winnende vereniging zal op een plaat op een speciaal daarvoor aangeschaft houten bord worden aangebracht.
3. Deze wisselprijs blijft immer eigendom van de vereniging en mag door de winnende vereniging voor één jaar worden meegenomen.

F3. Vrijwilligersavond
1. Ten behoeve van de vrijwilligers van de vereniging zal jaarlijks door het bestuur een vrijwilligersavond georganiseerd worden, waarbij de genodigden via het bestuur een uitnodiging zullen ontvangen.
2. De datum van deze avond zal jaarlijks door het bestuur worden vastgesteld.

F4. Deelname kaas-, mossel- & wijnavond, dan wel soortgelijke activiteit
1. De kaas, mossel- & wijnavond, dan wel soortgelijke activiteit, staat open voor alle (buitengewone) leden met maximaal 1 introducé.
2. Aanmelding en betaling, d.m.v. een door de 2e penningmeester verstuurd betaalverzoek, voor deelname geschiedt door gebruikmaking van ClubCollect.

F5. Uitreiken van prijzen tijdens wedstrijden en/of evenementen
1. Dragers van de zilveren speld of leden van verdienste kunnen worden uitgenodigd voor het uitreiken van prijzen van wedstrijden, welke georganiseerd zijn door de vereniging.
2. Indien een genodigde zoals beschreven in punt 1, de prijsuitreiking verricht zal tenminste een (1) bestuurslid optreden als gastheer van deze genodigde.
3. Tenminste een (1) bestuurslid zal de prijsuitreiking verzorgen bij afwezigheid of verhindering van de genodigde zoals beschreven in punt 1.
4. Bij afwezigheid of verhindering van de genodigde zoals beschreven in punt 1 en een bestuurslid, zal de prijsuitreiking geschieden door de wedstrijdleider.


G. Bedrijfsvoering & Informatievoorziening

G1. Redactie mededelingenblad
1. De redactie bestaat uit de redacteur en samenstellers van het mededelingenblad.
2. De redactie is verantwoording verschuldigd aan het bestuur.
3. De redactie heeft tot taak het mededelingenblad minimaal 2 maal per jaar te laten verschijnen.
4. De redactie zal het concept van een te verschijnen mededelingenblad ter goedkeuring aan het bestuur voorleggen voordat tot het drukken dan wel publiceren daarvan wordt overgegaan.

G2. Instructie haven coördinator dependance de Sloep
1. De haven coördinator legt rechtstreeks verantwoording af aan het bestuur.
2. De haven coördinator stelt jaarlijks een begroting op en legt deze voor aan het bestuur.
3. De haven coördinator is verantwoordelijk voor het dagelijks beheer en onderhoud van de dependance.
4. De haven coördinator stelt voor de waarnemend beheerders een taakomschrijving op.
5. De haven coördinator stelt in overleg met de waarnemend beheerders een indeling op en coördineert deze indeling.
6. Voor wat betreft het financieel beheer, betreffende zeilgelden en het accommoderen van passanten in de haven, is de haven coördinator rechtstreeks verantwoording verschuldigd aan de penningmeester.
7. Voor wat betreft het materieelbeheer is de haven coördinator rechtstreeks verantwoording verschuldigd aan de commissaris materieel.
8. De haven coördinator van de dependance de Sloep is tevens barcoördinator.
9. De waarnemend beheerder is tevens barbeheerder.

G3. Instructie barcoördinator Albatros en de Sloep
1. De barcoördinator legt door tussenkomst van de penningmeester verantwoording af aan het bestuur.
2. De barcoördinator is verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken betreffende de bar.
3. De barcoördinator stelt richtlijnen op.
4. De barcoördinator stelt in overleg met de barbeheerder een indeling op en coördineert deze indeling.
5. De barcoördinator, barbeheerder en barmedewerkers dienen op de hoogte te zijn van de HACCP en IVA regelingen welke gelden voor sportkantines.
6. Per kantine dient minimaal één (1) persoon in het bezit te zijn van geldige papieren welke benodigd zijn om een sportkantine te mogen voeren.
7. Voor wat betreft het financieel beheer van de bargelden is de barbeheerder en/of barcoördinator rechtstreeks verantwoording verschuldigd aan de penningmeester.
8. De barbeheerder of barcoördinator zal in principe de drank en voeding bestellen bij de aangewezen groothandel. In overleg met de penningmeester kan hier incidenteel van worden afgeweken.

G4. Instructie mentoren verenigingsjachten
1. Het bestuur streeft er naar dat ten behoeve van de verenigingsjachten (motorkruisers en kajuitzeiljachten) jaarlijks mentoren beschikbaar zijn die het onderhoud van deze jachten begeleiden c.q. zelf ter hand nemen.
2. De mentoren kunnen, na goedkeuring van de commissaris materieel, aanpassingen aan de jachten aanbrengen.
3. De mentoren zullen door de commissaris materieel worden begeleid.

  1. De commissaris materieel treedt op als contactpersoon voor de mentoren en informeert het bestuur bij wijzigingen in het mentorschap.
  2. De mentor houdt de commissaris materieel op de hoogte van de conditie van het toegewezen jacht. Hierbij schetst de mentor de eigen werkzaamheden als ook de werkzaamheden, die door de technische mensen in de onderhoudsloods worden uitgevoerd. De mentor heeft hiertoe intensief contact met de technische mensen in de onderhoudsloods.
  3. Na het winteronderhoud dient de mentor van een jacht er zeker van te zijn, dat het jacht technisch in optimale staat verkeerd. Hiertoe zal de mentor een proefvaart uitvoeren, die mogelijk meerdere dagen bestrijkt en waarin alle systemen aan boord worden getest, teneinde bij aanvang seizoen een technisch correct werkend jacht op te leveren. Deze proefvaart geschiedt in overleg met de commissaris materieel.
  4. Het mentorschap eindigt niet na het afsluiten van het winteronderhoud. De mentor zal gedurende de rest van het jaar het jacht nauwlettend blijven volgen en de gebruikers van dat jacht zoveel mogelijk met raad en daad bijstaan.
  5. Als tegenprestatie voor de geleverde inspanningen heeft de mentor voorkeur bij het aanvragen van een door de mentor gewenste periode voor vakantietoewijzing van een verenigingsjacht.
  6. In beginsel worden de schepen door de mentoren naar/van hun dislocatie gebracht/gehaald.
  7. In samenspraak met en ter beoordeling van de commissaris materieel worden de kajuitjachten eenmaal per jaar ter beschikking gesteld voor een mentoren weekend. Alle mentoren worden uitgenodigd om hieraan deel te nemen. (toevoeging n.a.v. BV 12-12-2024)

G5. Taken en verantwoordelijkheden IV-er Marine Watersportvereniging
1. De IV-er is verantwoordelijk voor:
a. Het beschikbaar stellen van voldoende opslagcapaciteit om de administratie van de vereniging op te kunnen slaan.
b. Het op de juiste wijze opslaan van data zodat deze op eenvoudige manier teruggevonden kan worden.
c. De back-up van de data van de vereniging.
d. De hardware welke in gebruik is bij de vereniging.
e. Het internet op de Haukes en Clubschip.
2. De IV-er legt verantwoording af aan leden van het bestuur en draagt zorg voor:
a. Voldoende opslagcapaciteit voor de data.
b. De juiste werking van de hardware (laptops, printers, etc.).
c. Het beheer van de e-mailadressen van de bestuursleden.


Artikel_1._Naam_en_zetel

1. De vereniging draagt de naam: Marine Watersport Vereniging en is gevestigd te Den Helder. De verkorte naam luidt: MWV.

2. De vereniging is opgericht op 17 september 1949.


Artikel_2._Doel__________

1. De vereniging heeft ten doel het bevorderen van het beoefenen van de watersport, zowel in het algemeen als van de zeil- en motorbootsport in het bijzonder, een en ander ongeacht of dit in wedstrijd- dan wel in recreatief verband geschiedt.

2. Zij tracht dit doel op niet commerciële wijze te bereiken door:
a. het beheren en exploiteren van twee jachthavens met de daarbij behorende accommodaties en voorzieningen;
b. het verlenen van diensten aan gebruikers van de jachthavens en aan de gebruikers van de pleziervaartuigen van de vereniging;
c. het beleggen van vergaderingen en andere bijeenkomsten, alsmede het organiseren van lezingen en cursussen;
d. het geven van voorlichting, informatie en adviezen aan de (buitengewone) leden, alsmede aan publiek- en privaatrechtelijke organisaties en het samenwerken met deze organisaties;
e. het organiseren van toertochten, wedstrijden en andere evenementen;
f. het onder toezicht van deskundigen (doen) bekwamen van de leden in het beoefenen van de watersport en het daartoe beschikbaar stellen van de accommodatie en andere middelen;
g. het verrichten van al hetgeen verder kan strekken tot het op wettige en geoorloofde wijze (doen) beoefenen van de watersport.


Artikel_3._Geldmiddelen

1. De inkomsten van der vereniging bestaan uit contributies van (buitengewone) leden, liggelden en vaargelden voor pleziervaartuigen, legaten, schenkingen, subsidies en andere baten.

2. De wijze van vaststelling van contributies, liggelden, vaargelden en overige tarieven, alsmede het tijdstip van de betaling der contributies, liggelden en overige aan de vereniging verschuldigde betalingen zijn geregeld in het Huishoudelijk Reglement.


Artikel_4._Verenigingsjaar

Het verenigingsjaar is gelijk aan het kalenderjaar.


Artikel_5._Lidmaatschap

1. De vereniging kent gewone leden en buitengewone leden.

2. Onder een gewoon lid wordt verstaan:
a. Een meerderjarig, natuurlijk persoon, die (voormalig) werknemer is van een binnenlandse of buitenlandse defensieorganisatie en die als zodanig door het bestuur is toegelaten overeenkomstig het bepaalde in artikel 6.
b. Een meerderjarig, voormalig buitengewoon lid dat als zodanig door het bestuur is toegelaten overeenkomstig het bepaalde in artikel 6.

3. Buitengewone leden kunnen zijn:
a. Een partner lid: een meerderjarig, natuurlijk persoon, die aan hetzelfde adres met een (buitengewoon) lid samenleeft als echtgenote/echtgenoot of geregistreerd partner en die als zodanig door het bestuur als buitengewoon lid is toegelaten overeenkomstig het bepaalde in artikel 6.
b. Een jeugdlid: een minderjarig, natuurlijk persoon;die als zodanig door het bestuur als buitengewoon lid is toegelaten overeenkomstig het bepaalde in artikel 6.
c. Een meerderjarig, natuurlijk persoon, die niet op een andere wijze lid kan zijn van de vereniging en die als zodanig door het bestuur als buitengewoon lid is toegelaten overeenkomstig het bepaalde in artikel 6.

4. Waar in deze statuten wordt gesproken van:
a. Lid of leden, wordt of worden daaronder verstaan een gewoon lid of gewone leden.
b. Een buitengewoon lid of buitengewone leden, of lid of leden, wordt of worden daaronder verstaan natuurlijke mannelijke (m), -vrouwelijke (v) of -non-binaire (x) personen.


Artikel_6._Verkrijging_lidmaatschap

1. Een natuurlijk persoon dient om als (buitengewoon) lid te kunnen worden toegelaten, daartoe schriftelijk een verzoek in bij het bestuur. Het bestuur beslist bij volstrekte meerderheid van stemmen of betrokkenen als (buitengewoon) lid wordt toegelaten.

2. Bij afwijzing van toelating als (buitengewoon) lid, zoals bedoeld in lid 1 van dit artikel:
a. Wordt hiervan aan betrokkene schriftelijk en met redenen omkleed mededeling gedaan.
b. Kan de betrokkene geen beroep aantekenen bij de algemene ledenvergadering.
c. Wordt betrokkene niet opnieuw toegelaten bij een eventuele nieuwe aanvraag.

3. Een buitengewoon lid dat tenminste vijf opeenvolgende jaren de vereniging actief in haar doel heeft gesteund dient om als lid, zoals bedoeld in artikel 5 lid 2 onder b, te kunnen worden toegelaten, daartoe schriftelijk een verzoek in bij het bestuur. Deze lidmaatschapsaanvraag moet schriftelijk worden ondersteund door twee of meer leden.

4. Een jeugdlid:
a. Dat meerderjarig is geworden, wordt met ingang van het volgende verenigingsjaar aangemerkt als buitengewoon lid, zoals bedoeld in artikel 5 lid 3 onder c.
b. Dat werknemer is van een binnenlandse of buitenlandse defensieorganisatie en meerderjarig is geworden, wordt met ingang van het volgende verenigingsjaar aangemerkt als lid, zoals bedoeld in artikel 5 lid 2 onder a.

5. Na het overlijden van een (buitengewoon) lid wordt de status van het partnerlid met ingang van het volgende verenigingsjaar gewijzigd naar buitengewoon lid, zoals bedoeld in artikel 5 lid 3 onder c.

6. Ieder (buitengewoon) lid is verplicht aan het bestuur zijn adres, e-mailadres en telefoonnummer als mede de wijzigingen daarin schriftelijk of digitaal op te geven met als doel opneming in het ledenregister. Tevens houdt het bekend stellen van deze gegevens in dat een (buitengewoon) lid toestemming geeft om alle kennisgevingen en mededelingen, alsmede oproepingen voor een vergadering langs digitale weg toegezonden te krijgen.

7. In het register worden alleen die gegevens bijgehouden, die voor het realiseren van het doel van de vereniging noodzakelijk zijn. Het bestuur kan, na een voorafgaand besluit van de algemene ledenvergadering, geregistreerde gegevens aan derden verstrekken, behalve van het (buitengewoon) lid dat tegen deze verstrekking bij het bestuur schriftelijk of digitaal bezwaar heeft gemaakt. Het recht op bezwaar geldt niet voor de noodzakelijk door de vereniging aan derden te verstrekken gegevens en gegevens die aan overheden/publiekrechtelijke instellingen dienen te worden verstrekt in verband met een wettelijke verplichting.

8. Het bestuur kan het ledenregister van de vereniging ter inzage van de (buitengewone) leden voorleggen voor zover het hun eigen gegevens betreft. 


Artikel_7._Rechten_en_plichten der leden

1. Leden die niet zijn geschorst:
a. Hebben toegang tot de algemene ledenvergadering en hebben daar ieder één stem. Buitengewone leden hebben toegang tot de algemene ledenvergadering, maar hebben geen stemrecht.
b. Hebben het recht voorstellen in te dienen voor behandeling in de algemene ledenvergadering. Een voorstel moet tenminste 28 dagen voor de datum van de bijeengeroepen algemene ledenvergadering schriftelijk of digitaal, duidelijk geformuleerd, worden ingediend bij het bestuur.

2. Buitengewone leden die niet zijn geschorst:
a. Hebben toegang tot de algemene ledenvergadering, maar hebben geen stemrecht.
b. Hebben geen recht voorstellen in te dienen voor behandeling in de algemene ledenvergadering.

3. Een geschorst (buitengewoon) lid heeft, op grond van artikel 8 lid 4, toegang tot de algemene ledenvergadering waarin het besluit tot schorsing wordt behandeld en is bevoegd daarover het woord te voeren.

4. (Buitengewone) leden zijn verplicht tot naleving van het bepaalde in de statuten en de reglementen, mede inhoudende de plicht tot naleving van de besluiten van de algemene ledenvergadering, alsmede van het bestuur, de commissies en de havenmeester(s), voor zover deze besluiten voortvloeien uit een door de algemene ledenvergadering daartoe verleende bevoegdheid.


Artikel_8._Beëindiging lidmaatschap en schorsing

1. Het lidmaatschap eindigt:
a. Door het overlijden van een (buitengewoon)lid.
b. Door schriftelijke opzegging door een (buitengewoon) lid tegen het einde van een verenigingsjaar, indien deze vóór één december van dat jaar door het bestuur is ontvangen. Ingeval een opzegging niet tijdig heeft plaatsgevonden, loopt het lidmaatschap door tot het einde van het daaropvolgende verenigingsjaar.
c. door schriftelijke opzegging door het bestuur tegen het einde van een verenigingsjaar en met inachtneming van een opzegtermijn van een maand:
   1) Indien het (buitengewone) lid niet (meer) voldoet aan de verplichtingen die voortvloeien uit het lidmaatschap.
   2) Indien het (buitengewone) lid heeft opgehouden aan de door de statuten voor het lidmaatschap gestelde vereisten te voldoen.
   3) Wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet verlangd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
d. Door schriftelijke mededeling van ontzetting (royement) uit het lidmaatschap door het bestuur van het (buitengewone) lid:
   1) Dat handelt in strijd met de statuten, de reglementen, of de besluiten van de vereniging.
   2) Dat anderszins de belangen van de vereniging en/of haar leden schaadt.

2. Het besluit van het bestuur tot opzegging van het lidmaatschap wordt betrokkene schriftelijk en met redenen omkleed medegedeeld.

3. Het besluit van het bestuur tot ontzetting uit het lidmaatschap wordt betrokkene schriftelijk en met redenen omkleed medegedeeld, waarna betrokkene zijn rechten als (buitengewoon) lid niet kan uitoefenen en geen functie in de vereniging (meer) kan bekleden.

4. Tegen een besluit van het bestuur tot opzegging van of tot ontzetting uit het lidmaatschap kan betrokkene binnen één maand na de ontvangst van de mededeling daarvan beroep aantekenen bij de algemene ledenvergadering.

5. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het (buitengewoon) lid, dat ontzet is uit het lidmaatschap, geschorst.

6. De algemene ledenvergadering beslist op voormeld beroep tegen het besluit tot opzegging van of tot ontzetting uit het lidmaatschap bij volstrekte meerderheid van de schriftelijk en geldig uitgebrachte stemmen.


Artikel_9._Bestuur_______

1. Het bestuur van de vereniging bestaat uit een oneven aantal van tenminste drie natuurlijke personen, die de functies vervullen van onderscheidenlijk voorzitter, secretaris en penningmeester. Met inachtneming van hetgeen in de volgende leden van dit artikel is bepaald, wordt het aantal leden van het bestuur vastgesteld door de algemene ledenvergadering.

2. De leden van het bestuur van de vereniging worden uit de leden gekozen en benoemd door de algemene ledenvergadering:
a. Na een voordracht, opgesteld door het bestuur. In het geval dat er geen tegenkandidaten zijn voorgedragen, wordt de benoeming van het voorgedragen bestuurslid door de algemene ledenvergadering bekrachtigd. 
b. Na een voordracht van één of meer leden, die uiterlijk zeven dagen voor de algemene ledenvergadering schriftelijk bij het bestuur is ingediend, onder overlegging van een schriftelijke verklaring van de kandidaat, dat deze met zijn kandidaatstelling instemt.
c. Buitengewone leden kunnen niet worden gekozen.

3. De leden van het bestuur worden door de algemene ledenvergadering gekozen en benoemd met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. Indien geen volstrekte meerderheid wordt verkregen, wordt er gestemd op de twee kandidaten die de meeste stemmen hebben gekregen. Staken dan de stemmen, dan beslist het lot.

4. De leden van het bestuur worden gekozen en benoemd voor de duur van ten hoogste drie jaren en treden af volgens een door het bestuur opgemaakt rooster. De leden van het bestuur, die volgens dit rooster aftreden, kunnen terstond voor een volgende periode van drie jaren worden herkozen en herbenoemd.

5. Het bestuur kiest en benoemt uit zijn midden de voorzitter, de secretaris en de penningmeester.

6. Eventuele tussentijdse vacatures in het bestuur kunnen opnieuw worden vervuld en worden benoemd in de eerstvolgende algemene ledenvergadering. Een tussentijds benoemd bestuurslid neemt in het rooster van aftreden de plaats van zijn voorganger in.

7. Ieder bestuurslid is jegens de vereniging gehouden tot een behoorlijke vervulling van de aan hem opgedragen en door hem aanvaarde taak. De functies van de bestuursleden worden in het Huishoudelijk Reglement geregeld.


Artikel_10._Taken_en_bevoegdheden bestuur

1. Het bestuur bestuurt de vereniging met inachtneming van het bepaalde in de statuten en reglementen en legt daaromtrent verantwoording af aan de algemene ledenvergadering. Bij het vervullen van hun taken richten de bestuursleden zich op het belang van de vereniging.

2. Het bestuur vertegenwoordigt de vereniging. Bovendien kunnen minimaal twee leden van het bestuur gezamenlijk, waaronder in ieder geval de voorzitter, de secretaris of de penningmeester, de vereniging in en buiten rechte vertegenwoordigen en dientengevolge binden, mits de financiële gevolgen daarvan zijn voorzien in de begroting.

3. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van arbeidsovereenkomsten, overeenkomsten voor het (ver-)bouwen van accommodaties van de vereniging, overeenkomsten van geldlening en overeenkomsten tot het verkrijgen, het vervreemden en het bezwaren van registergoederen en pleziervaartuigen, tenzij de algemene ledenvergadering daarmee heeft ingestemd met een volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.

4. Het instellen van rechtsvorderingen behoeft eveneens de voorafgaande instemming van de algemene ledenvergadering, tenzij het spoedeisende en/of eenvoudige zaken betreft.

5. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door commissies en door de havenmeester(s), die door het bestuur worden benoemd.

6. Het bestuur kan besluiten tot het verlenen van een volmacht aan één of meer bestuursleden, alsook aan derden binnen de vereniging, om de vereniging binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen.

7. Indien het aantal leden van het bestuur beneden het in artikel 9 lid 1 bedoelde aantal is gedaald, blijft het bestuur bevoegd, met dien verstande dat het dient te bevorderen dat in bestaande vacatures zo spoedig mogelijk wordt voorzien.

8. Een bestuurslid neemt niet deel aan de beraadslagingen en de besluitvorming tijdens een vergadering van het bestuur ingeval hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de vereniging. Het desbetreffende bestuurslid heeft, onverminderd het bepaalde in de vorige volzin, wel het recht de desbetreffende vergadering van het bestuur bij te wonen. Wanneer op grond van het bepaalde in de eerste volzin van dit lid geen enkel bestuurslid aan de besluitvorming kan deelnemen, wordt het besluit zo nodig voorgelegd aan de algemene ledenvergadering.


Artikel_11._Beëindiging en defungeren lidmaatschap bestuur

1. Het lidmaatschap van het bestuur eindigt:
a. Door beëindiging van het lidmaatschap van de vereniging, zoals bepaald in artikel 8.
b. Na ommekomst van de periode voor de duur waarvan het bestuurslid is benoemd.
c. Door het opzeggen of ontslag nemen van het bestuurslid, met inachtneming van een opzegtermijn van twee maanden.
d. Door ontslag door de algemene ledenvergadering.
e. Wanneer het bestuurslid failliet wordt verklaard of anderszins het vrije beheer over zijn vermogen verliest.

2. Een bestuurslid kan te allen tijde door de algemene ledenvergadering worden geschorst of ontslagen. Een schorsing, die niet binnen drie maanden wordt gevolgd door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.

3. Een schorsing dan wel een ontslag, als bedoeld in lid 2 van dit artikel, kan slechts worden genomen met een volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.

4. Ingeval van ontstentenis of belet van een of meer bestuursleden berust het bestuur bij de overgebleven bestuursleden. Ingeval van ontstentenis of belet van alle bestuursleden of het enige bestuurslid berust het bestuur tijdelijk bij één of meer (jaarlijks) door de algemene ledenvergadering aan te wijzen natuurlijke personen. Voor de gedurende deze periode verrichte bestuursdaden worden de aangewezen personen met een bestuurslid gelijkgesteld.

5. Onder ontstentenis of belet wordt in deze statuten verstaan:
a. Schorsing, ontslag.
b. Ziekte, verlies wilsbekwaamheid.
c. Onbereikbaarheid.

In de gevallen onder sub b en c is sprake van ontstentenis of belet wanneer er gedurende de termijn van dertig dagen de mogelijkheid van contact tussen een bestuurslid en de vereniging niet aanwezig is, tenzij het bestuur in een voorkomend geval een andere termijn vaststelt.


Artikel_12._Algemene_ledenvergadering

1. Aan de algemene ledenvergadering komen alle bevoegdheden van de vereniging toe, die niet door de wet of de statuten aan het bestuur zijn opgedragen.

2. Jaarlijks, binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt in het voorjaar door het bestuur de algemene ledenvergadering bijeengeroepen, waarin het bestuur rekening en verantwoording aflegt over het gevoerde beleid en bestuur, alsmede over de financiële jaarstukken (balans en staat van inkomsten en uitgaven) van het afgelopen verenigingsjaar.

3. Het bestuur roept jaarlijks in het najaar een tweede algemene ledenvergadering bijeen, waarin het bestuur de begroting voor het komende verenigingsjaar aan de algemene ledenvergadering voorlegt.

4. Het bestuur kan voorts, zo dikwijls als zij dat nodig acht, een algemene ledenvergadering bijeenroepen.

5. Het bestuur is verplicht een algemene ledenvergadering bijeen te roepen binnen vier weken na een schriftelijk en met redenen omkleed verzoek daartoe van tenminste twintig stemgerechtigde leden. Indien door het bestuur na veertien dagen geen gevolg is gegeven aan dit verzoek, kunnen de verzoekers zelf de algemene ledenvergadering bijeen roepen en in de leiding van die algemene ledenvergadering voorzien.

6. De oproeping voor de algemene ledenvergadering geschiedt schriftelijk of digitaal en tenminste veertien dagen voor de dag van de vergadering onder vermelding van de te behandelen agendapunten. Andere dan de vermelde agendapunten worden niet behandeld, tenzij het bestuur heeft ingestemd met het behandelen van agendapunten, die tenminste zeven werkdagen voor de vergadering schriftelijk of digitaal zijn ingediend bij het bestuur.

7. In spoedeisende gevallen heeft het bestuur het recht, in afwijking van het bepaalde in lid 6 van dit artikel, een algemene ledenvergadering bijeen te roepen op een termijn van tenminste zeven dagen.

8. De algemene ledenvergadering in het voorjaar, genoemd in lid 2 van dit artikel, dechargeert het bestuur van het gevoerde beleid en bestuur en verleent goedkeuring aan de daartoe opgemaakte financiële jaarstukken van het afgelopen verenigingsjaar. In de algemene ledenvergadering in het najaar, genoemd in lid 3 van dit artikel, wordt de begroting voor het komende verenigingsjaar vastgesteld.

9. De algemene ledenvergadering, genoemd in lid 2 van dit artikel, benoemt jaarlijks een kascommissie, die bestaat uit drie leden, die (buitengewoon) lid zijn van de vereniging en geen deel uitmaken van het bestuur.

10. Besluiten van de algemene ledenvergadering worden genomen bij volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. Een lid, dat niet is geschorst of ontzet, kan voor ten hoogste één afwezig lid bij schriftelijke volmacht stemmen.

11. Ieder bestuurslid heeft het recht, voorafgaand aan de besluitvorming, de algemene ledenvergadering te adviseren over het te nemen besluit.

12. In de algemene ledenvergadering geschiedt het stemmen over personen schriftelijk en over zaken mondeling, tenzij de voorzitter een andere wijze van stemmen bepaalt of toelaat.

13. Het bestuur kan, al of niet gedwongen door externe omstandigheden, besluiten tot het houden van een digitale in plaats van een fysieke algemene ledenvergadering, tenzij de volstrekte meerderheid van de leden zich daartegen verzet. Ook kan het bestuur besluiten dat leden door middel van een digitaal communicatiemiddel aan de algemene ledenvergadering kunnen deelnemen, daarin het woord te voeren en het stemrecht uit te oefenen. Het gebruik of gebruik kunnen maken van het digitale communicatiemiddel komt voor risico van het lid.

14. Voor de toepassing van lid 13 van dit artikel is vereist dat het lid via het digitale communicatiemiddel kan worden geïdentificeerd, rechtstreeks kan kennisnemen van de verhandelingen ter vergadering en het stemrecht kan uitoefenen. Door het bestuur kunnen voorwaarden worden gesteld aan het gebruik van het digitale communicatiemiddel. Indien het bestuur besluit voorwaarden te stellen, worden deze voorwaarden bij de oproeping van de algemene ledenvergadering bekend gemaakt.

15. Het bestuur kan besluiten dat een stemgerechtigd lid bevoegd is zijn stem voorafgaand aan de algemene ledenvergadering via een digitaal communicatiemiddel uit te brengen. Het op deze wijze stemmen is slechts toegestaan nadat de algemene ledenvergadering is bijeengeroepen, doch nooit eerder dan op de veertiende dag voor die vergadering en nooit later dan op de dag vóór die vergadering. Een stemgerechtigd lid dat op deze wijze zijn stem heeft uitgebracht, kan zijn stem niet herroepen. Evenmin kan hij op de algemene ledenvergadering opnieuw zijn stem uitbrengen.

16. De algemene ledenvergadering is bevoegd bij reglement voorwaarden te stellen aan het gebruik van digitale communicatiemiddelen. Ingeval de algemene ledenvergadering van deze bevoegdheid gebruik heeft gemaakt, worden de voorwaarden bij de oproeping bekend gemaakt.


Artikel_13._Reglementen

1. Het Huishoudelijk Reglement en de wijzigingen daarin worden vastgesteld door de algemene ledenvergadering met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.

2. De algemene ledenvergadering stelt voorts reglementen vast voor alle zaken, die nadere regeling behoeven. De vaststelling van een reglement of van een wijziging daarin geschiedt bij volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. Bepalingen in reglementen, die strijdig zijn met de wet of de statuten, zijn niet bindend.

3. Een voorstel tot wijziging van het Huishoudelijk Reglement of van een ander reglement wordt door het bestuur tenminste veertien dagen voor de algemene ledenvergadering schriftelijk of digitaal aan de leden toegezonden.


Artikel_14._Wijziging_statuten

1. Besluiten tot wijziging van de statuten worden genomen in een algemene ledenvergadering met inachtneming van de volgende bepalingen:
a. In de oproeping tot de algemene ledenvergadering wordt vermeld dat in die vergadering een voorstel tot wijziging van de statuten aan de orde wordt gesteld.
b. Een voorstel tot wijziging van de statuten wordt schriftelijk of digitaal ingediend door het bestuur of door tenminste twintig stemgerechtigde leden.
c. Een voorstel tot wijziging van de statuten wordt tenminste veertien dagen voor de algemene ledenvergadering schriftelijk of digitaal aan de leden toegezonden.
d. Het besluit tot wijziging van de statuten wordt genomen door de algemene ledenvergadering met een volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.

2. Wijzigingen in de statuten treden niet in werking dan nadat deze bij notariële akte zijn verleden.

3. Het bestuur deponeert een authentiek afschrift van de akte van statutenwijziging, alsmede een volledig doorlopende tekst van de gewijzigde statuten ten kantore van het door de Kamer van Koophandel gehouden handelsregister.


Artikel_15._Ontbinding van de vereniging

1. De vereniging wordt ontbonden door een besluit van de algemene ledenvergadering met overeenkomstige toepassing van het bepaalde in artikel 14 lid 1.

2. Indien bij een besluit tot ontbinding van de vereniging te dien aanzien geen vereffenaars zijn aangewezen, geschiedt de vereffening door het bestuur.

3. Na de ontbinding blijft de vereniging voortbestaan, voor zover dit tot vereffening van haar zaken en/of vermogen nodig is.

4. De algemene ledenvergadering kan besluiten een eventueel positief liquidatiesaldo te verdelen onder de leden van de vereniging, voor zover deze leden al hun verplichtingen jegens de vereniging hebben voldaan.

5. Een eventueel positief liquidatiesaldo kan ook worden aangewend voor door de algemene ledenvergadering te bepalen doeleinden, die het meest met het doel van de vereniging overeenstemmen.

6. Bij gebreke van zodanige besluiten van de algemene ledenvergadering als bedoeld in de leden 4 en 5 van dit artikel wordt door de vereffenaars op overeenkomstige wijze bestemming gegeven aan het liquidatiesaldo.


Artikel_16._Slotbepaling

In gevallen, waarin de wet, de statuten of de reglementen niet voorzien, beslist het bestuur en legt daarover verantwoording af aan de algemene ledenvergadering.

Aldus vastgesteld en goedgekeurd door de algemene ledenvergadering, gehouden op 23 maart 2023 te Den Helder, notarieel verleden op 25 mei 2023 en ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel


Artikel_1._Algemene bepalingen

Waar in dit huishoudelijk reglement wordt gesproken van een (buitengewoon) lid of (buitengewone) leden, wordt of worden daaronder verstaan een persoon of personen zoals bepaald in artikel 5 van de statuten.


Artikel_2._Aanvraag lidmaatschap

  1. Het verzoek ten aanzien van toelating tot het lidmaatschap geschiedt met gebruikmaking van een door het secreta­riaat beschikbaar gesteld online aanvraagformulier, waar­op dient te worden vermeld:
    1. De achternaam, de voornaam, de voorletter(s), de geboortedatum, het adres, de postcode en woonplaats, het telefoonnummer en het e-mailadres van de aanvrager.
    2. De verklaring van de aanvrager om de verplichtingen na te komen, zoals bepaald in artikel 7 lid 4 van de statuten.
  1. Nadat het bestuur heeft besloten de aanvrager toe te laten als een (buitengewoon) lid wordt van het desbetreffende lid ver­wacht:
    1. Dat hij kennisneemt van de inhoud van de statuten en reglementen van de vereniging, alsmede van de besluiten van het bestuur en van de algemene ledenvergadering.
    2. Dat hij de verschuldigde contributie betaalt, zoals bepaald in artikel 4 lid 2 onder b sub 1 van dit reglement.
    3. Dat hij zich zoveel als mogelijk verdienstelijk maakt voor de vereniging.
    4. Dat hij zich als een goed beoefenaar van de watersport gedraagt.

Artikel_3._Ligplaatsen

  1. Het bestuur stelt een ligplaatsenplan vast voor:
    1. De pleziervaartuigen van de vereniging.
    2. De pleziervaartuigen van de meerderjarige (buitengewone) leden.
  2. De aanvraag tot het verkrijgen van een ligplaats, het aanwijzen van een ligplaats en het toewijzen van het recht gebruik te maken van een ligplaats aan een (buitengewoon) lid, alsmede het vervallen en ontnemen van het recht van een (buitengewoon) lid gebruik te maken van de aan hem toegewezen ligplaats, is geregeld in het reglement voor de haven en het haventerrein.
  3. Het bestuur kan nadere voorwaarden stellen aan het aan- en toewijzen van ligplaatsen.

Artikel_4._Contributies, lig- en vaargelden en overige tarieven

  1. De algemene ledenvergadering, zoals bedoeld in arti­kel 12 lid 3 van de statuten, stelt de tarievenlijst inzake de contributies, het lig- en vaargeld en de overige tarieven vast voor het volgende verenigingsjaar.
  1. De facturen inzake de contributies, de lig- en vaargelden en de overige tarieven, zoals bepaald in bijlage 1 van dit reglement:
    1. Dienen per automatische incasso aan de penningmeester van de vereniging te worden voldaan.
    2. Worden door de penningmeester middels een betaalverzoek via ClubCollect aangeboden:
      1. (Buitengewone) leden voldoen het verschuldigde bedrag uiterlijk 14 dagen na het ontvangen van het eerste betaalverzoek.
      2. Leden van verdienste die vóór 01-01-2024 als zodanig zijn benoemd door de algemene ledenvergadering zijn geen contributie verschuldigd.
  1. De deelname aan de automatische incasso regeling, zoals bedoeld in artikel 2 onder a van dit artikel, via ClubCollect is verplicht:
    1. Voor alle (buitengewone) leden ten aanzien van het voldoen van de aan de vereniging verschuldigde betalingen.
    2. Tenzij hiervan in zeer uitzonderlijke gevallen door het bestuur wordt afgeweken naar aanleiding van een door het bestuur ontvangen ingediend schriftelijk of digitaal, duidelijk leesbaar en geformuleerd verzoek.
  1. Het (buitengewone) lid dient een wijziging van het IBAN-rekeningnummer schriftelijk door te geven aan het secretariaat of op eigen initiatief te wijzigen na het ontvangen van een betaalverzoek via ClubCollect.
  1. Het lidmaatschap bij de vereniging is standaard een financiële jaarverplichting.

Artikel_5._Taakverdeling binnen het bestuur

  1. De voorzitter, de secretaris en de penningmeester vormen het dagelijks bestuur van de vereniging.
  1. Het bestuur benoemt één van zijn leden tot voorzitter:
    1. De voorzitter leidt de vergaderingen van het bestuur, alsmede de algemene ledenvergaderingen.
    2. De voorzitter wordt bij zijn afwezigheid vervangen door de vicevoorzitter of een ander bestuurslid.
    3. De voorzitter ziet toe op de naleving van de statuten en reglementen.
    4. De voorzitter draagt zorg voor de uitvoering van besluiten van de algemene ledenvergadering en het be­stuur, voor zover de uitvoering daarvan niet aan anderen is opgedragen.
  1. Het bestuur benoemt één van zijn leden tot secretaris:
    1. De secretaris voert de correspondentie, is belast met het beheren van het archief en de supervisie over de verenigingsactiviteiten.
    2. De secretaris stelt de notulen op van alle vergaderingen.
    3. De secretaris roept na­mens de voorzitter de vergaderingen bijeen en brengt op de algemene ledenvergadering, zoals bedoeld in artikel 12 lid 2 van de statuten, verslag uit omtrent de gang van zaken in het af­gelopen verenigingsjaar.
    4. De secretaris kan zich laten bijstaan door de 2secretaris
  1. Het bestuur benoemt één van zijn leden tot penningmeester:
    1. De penningmeester beheert de gelden van de vereniging en is bevoegd tot het doen van be­talingen, indien door de vereniging verplichtingen zijn aangegaan of indien aan de vereni­ging verplichtingen zijn opgelegd.
    2. De penningmeester doet op de algemene ledenvergadering, zoals bedoeld in artikel 12 lid 2 van de statuten, verslag over de financiële toestand van de vereniging en legt aan de algemene ledenvergadering de jaarstukken, omvattend de balans en de staat van inkomsten en uitga­ven over het afgelopen verenigingsjaar, ter goedkeuring voor.
    3. De penningmeester legt op de algemene ledenvergadering in het najaar, zoals bedoeld in artikel 12 lid 3 van de statuten, de begroting voor het komende verenigingsjaar ter vaststelling voor.
    4. De penningmeester voert, tezamen met de commissaris materieel, de administratie van de eigendommen en het materieel van de vereniging, inhoudende een duidelijke omschrijving van de zaken, de hoeveelheden en de waarde ervan.
    5. Tenminste één ander bestuurslid (voorzitter en/of 2e penningmeester) heeft ook altijd inzicht in de actuele financiële stand van zaken.
  1. Het bestuur benoemt één van zijn leden tot 2e penningmeester:
    1. De 2e penningmeester valt onder de verantwoording van de penningmeester.
    2. De 2e penningmeester voert de leden- en havenadministratie en de daarbij behorende correspondentie.
    3. De 2e penningmeester draagt zorg voor een actueel leden- en havenregister en het daarbij horende archief.
  1. Het bestuur benoemt één van zijn leden tot commissaris materieel:
    1. De commissaris materieel is belast met het toezicht op de staat van onderhoud van de verenigingsschepen, gebouwen, havenfaciliteiten en het haventerrein.
    2. De commissaris materieel is belast met het controleren van de verzekeringsbewijzen van ligplaatshouders.
    3. De commissaris materieel draagt zorg voor de uitvoering van de noodzakelijke werkzaamheden in en om de haven, zoals deze zijn voorzien in de begroting.
    4. De commissaris materieel brengt op de algemene ledenvergadering, zoals bedoeld in artikel 12 lid 2 van de statuten, verslag uit omtrent de gang van zaken in het af­gelopen verenigingsjaar.
    5. De commissaris materieel kan zich laten bijstaan door:
      1. De 2e commissaris materieel.
      2. De havencoördinator van de desbetreffende haven.
  1. Het bestuur benoemt één van zijn leden tot commissaris Haukes:
    1. De commissaris Haukes vertegenwoordigt de commissie Locatie De Haukes.
    2. De commissaris Haukes heeft overzicht op het beheer en de exploitatie van de locatie De Haukes.
    3. De commissaris Haukes kan zich laten bijstaan door de commissie Locatie De Haukes.
  1. De overige functies en taken, waaronder het vicevoorzitterschap, worden door het bestuur onderling verdeeld.

Artikel_6._Goed Bestuur

  1. Alle bestuursleden dienen te handelen in het belang van de vereniging. Dat betekent dat zij in hun functie zullen handelen als bestuurder en niet als privépersoon, zowel intern (binnen de vereniging) als extern (in relatie met derden).
  2. Twee leden van het bestuur, waaronder tenminste één lid van het dagelijks bestuur, kunnen in spoedeisende gevallen een voorlopige beslissing nemen, met dien verstande, dat deze voorlopige beslissing zo spoedig mogelijk dient te worden bekrachtigd in een reguliere bestuursvergadering.
  3. Bij aankopen/opdrachten stellen de bestuursleden het belang van de vereniging voorop. In situaties die van belang zijn voor de vereniging, handelen de bestuursleden niet op basis van persoonlijke voorkeur maar op basis van wat goed is voor de vereniging.
  4. Het bestuur:
    1. Dient bewust om te gaan met het aangaan van verplichtingen en het doen van betalingen/uitgaven van het verenigingsgeld.
    2. Dient het aangaan van verplichtingen c.q. het doen van aankopen door bestuursleden te laten geschieden binnen de vastgestelde begroting en met inachtneming van artikel 10, lid 2 en 3, van de statuten.
    3. Kan aan bestuursleden bepaalde (schriftelijk vastgelegde) volmachten verlenen.
  1. Het bestuur heeft, in spoedeisende gevallen die niet in de begroting zijn opgenomen, de instemming van de algemene ledenvergadering voor het aangaan van verplichtingen c.q. het doen van aankopen die leiden tot uitgaven tot €15.000 en legt daar­over verantwoording af aan de algemene ledenvergadering.
  2. Na het besluit tot het aangaan van verplichtingen of uitgaven tot een maximum van €15.000 vraagt het bestuur minimaal 2 offertes aan bij verschillende leveranciers. De offertes dienen te worden besproken en de besluitvorming over de keuze dient te worden vastgelegd in de notulen van de desbetreffende bestuursvergadering.

Artikel_7._Algemene ledenvergadering

  1. Het bestuur stelt voor de algemene ledenvergadering een agenda vast.
  1. De agenda voor de algemene ledenvergadering in het voorjaar, zoals bedoeld in artikel 12 lid 2 van de statu­ten, bevat onder andere de volgende agendapunten:
    1. Opening
    2. Mededelingen van de voorzitter.
    3. Vaststelling van de notulen van de vorige algemene ledenvergadering.
    4. Beleid van het bestuur over het afgelopen verenigingsjaar.
    5. Gecombineerd jaarverslag van de secretaris en de commissaris materieel over het afgelopen verenigingsjaar.
    6. Financieel jaarverslag van de penningmeester over het afgelopen verenigingsjaar.
    7. Verslag kascommissie.
    8. Decharge van het bestuur over het gevoerde beleid en bestuur.
    9. Kiezen en (her)benoemen van de leden van het bestuur.
    10. Kiezen en (her)benoemen van leden voor de kascommissie.
    11. Rondvraag
    12. Vaststellen datum volgende algemene ledenvergadering.
    13. Sluiting 
  1. De agenda voor de algemene ledenvergadering in het najaar, zoals bedoeld in artikel 12 lid 3 van de statu­ten, bevat onder andere de volgende agendapunten:
    1. Opening 
    2. Mededelingen van de voorzitter.
    3. Vaststelling van de notulen van de vorige algemene ledenvergadering.
    4. Vaststelling van de contributies, lig- en vaargelden en tarieven voor het komende verenigingsjaar.
    5. Vaststelling van de begroting voor het komende verenigingsjaar.
    6. Vaststellen dislocatie van de verenigingsjachten.
    7. Kiezen en benoemen van de leden van het bestuur.
    8. Rondvraag
    9. Vaststellen datum volgende algemene ledenvergadering.
    10. Sluiting
  1. De voorzitter is bevoegd een algemene ledenvergadering tijdens die vergadering te verda­gen. Indien bij de bekendma­king van de verdaging de tijd en plaats van de verdaagde vergadering worden meegedeeld, kan de algemene ledenvergadering zonder nadere oproeping bijeen­ko­men.
  2. Blanco stemmen, onduidelijk uitgebrachte stemmen of onduidelijk ondertekende stemmen worden als ongeldig beschouwd.
  3. Bij het staken van de stemmen over personen beslist het lot. Bij het staken van de stem­men over zaken wordt het voorstel als verworpen beschouwd.

Artikel_8._Vergaderingen van het bestuur

  1. De voorzitter roept tenminste zesmaal per jaar een vergadering van het bestuur bijeen, of zo dik­wijls hij dit wen­selijk dan wel noodzakelijk acht.
  1. De agenda van de bestuursvergadering bevat onder andere de volgende agendapunten:
    1. Opening 
    2. Vaststellen agenda.
    3. Mededelingen
    4. Vaststellen van de notulen van de vorige vergadering.
    5. Materieelzaken
    6. Vergaderpunten
    7. Correspondentie
    8. Activiteitenkalender
    9. Actiepuntenlijst
    10. Rondvraag
    11. Vaststellen datum volgende bestuursvergadering.
    12. Sluiting
  1. Indien tenminste drie leden van het bestuur schriftelijk of digitaal een daartoe strekkend verzoek bij de voorzitter hebben ingediend, is deze verplicht binnen vier weken na ont­vangst van dit ver­zoek een vergadering van het be­stuur te beleggen.
  1. De oproeping voor een vergadering van het bestuur geschiedt tenminste één week voor de dag van de vergadering en moet de agenda vermelden, welke door de voor­zitter is vastge­steld.
  1. In de vergadering van het bestuur kunnen alleen geldige besluiten wor­den ge­no­men, indien tenminste de meerderheid van de zittende leden van het bestuur aanwezig is.
  1. In een vergadering van het bestuur worden besluiten bij meerderheid van stem­men geno­men, ieder bestuurslid heeft daarbij 1 stem. Bij staking van de stem­men in een vergadering van het bestuur beslist de voorzitter.
  1. De vergaderingen van het bestuur worden genotuleerd door de secretaris, of bij zijn afwezigheid, door een ander lid van het bestuur.
    1. Het bestuur zal beslissingen ten aanzien van gevallen, waarin de reglementen niet voorzien publiceren in het besluitenboek van het bestuur.

Artikel_9._Kascommissie

1. De leden van de kascommissie, als bedoeld in artikel 12 lid 9 van de statuten, worden door de algemene ledenvergadering benoemd voor een periode van drie jaren. Ieder jaar treedt één lid af en benoemt de algemene ledenvergadering een nieuw lid van de kascommissie.

2. De kascommissie onderzoekt de financiële verantwoording en de jaarstukken van de penningmeester over het afgelopen verenigingsjaar en brengt van haar bevindingen een kort mondeling verslag uit aan de algemene ledenvergadering, als bedoeld in artikel 12 lid 2 van de statuten. De kascommissie komt daartoe tenminste twee maal per jaar bijeen.


Artikel_10._Schadecommissie en overige Commissies

1. Schadecommissie: Het bestuur wordt bijgestaan door een schadecommissie, die belast is met het onderzoeken van schade aan de eigendommen van de vereniging en die bestaat uit tenminste drie (buitengewone) leden, die worden benoemd door de algemene ledenvergadering. In het geval een schadeonderzoek bijzondere kennis vereist, kan de schadecommissie, in overleg met het bestuur, zich door deskundigen laten bijstaan.

  1. Het onderzoeken van het schadegeval geschiedt op verzoek van het bestuur of van het betrokken (buitengewone) lid.
  2. De schadecommissie rapporteert de uitkomsten van het onderzoek aan het bestuur.
  3. Het bestuur besluit vervolgens over de schuldvraag en de eventueel daaruit voortvloeiende consequenties en deelt dit besluit schriftelijk mee aan de schadecommissie en het betrokken lid.
  4. Tegen dit besluit van het bestuur kan beroep worden aangetekend bij de algemene ledenvergadering.

2. Het bestuur kan zich voorts laten bijstaan door de navolgende Commissies, waarvan de leden worden benoemd door het bestuur:

  1. Commissie Training en opleidingen: De taak van de commissie is het organiseren en coördineren van opleidingen ten behoeve van het bevorderen van de kennis van de (buitengewone) leden (m.u.v. jeugdleden) op het gebied van zeilen, motorbootvaren, de verkeersregels op het water en de veiligheid aan boord.
  2. Commissie Jeugdzaken: De taak van de commissie is het organiseren en coördineren van opleidingen en activiteiten ten behoeve van de jeugdleden binnen de vereniging en is verantwoordelijk voor het winteronderhoud van de jeugdschepen.
  3. Commissie Wedstrijden: De taak van de commissie is het (in samenwerking met zusterverenigingen) uitschrijven en organiseren van wedstrijden (uitgezonderd jeugdwedstrijden).
  4. Commissie Evenementen: De taak van de commissie is het bevorderen van het onderlinge contact tussen de (buitengewone) leden, onder andere door het organiseren van bijvoorbeeld feestavonden, filmavonden, spelletjes, lezingen etc.
  5. Commissie Ligplaatshouders Den Helder: De taak van de commissie is het opstellen van een werkrooster ten behoeve van het weekend havenmeesterschap/clusterwerkzaamheden en de controle op het naleven van het havenreglement ten aanzien van de ligplaatshouders.
  6. Commissie Locatie De Haukes: De taak van de commissie is het opstellen van een werkrooster ten behoeve de beheerders, de clusterwerkzaamheden en de controle op het naleven van het havenreglement ten aanzien van de ligplaatshouders.
  7. Tuchtcommissie: De tuchtcommissie heeft tot taak de behandeling van de tuchtprocedure, zoals bepaald in artikel 7 van het tuchtreglement.

3. Iedere commissie kiezen uit hun midden een vertegenwoordiger naar het bestuur.

4. De vertegenwoordiger van een commissie heeft het bestuurslid, dat als contactpersoon voor desbetreffende commissie is aangewezen, als aanspreekpunt naar het bestuur.

5. De commissies, zoals bedoeld onder lid 2 onder a t/m f van dit artikel, dienen uiterlijk half september van het lopende verenigingsjaar een sub-begroting op te maken en deze aan het bestuur voor te leggen.


Artikel_11._Reglementen

1. De reglementen, zoals bedoeld onder lid 2 van dit artikel, worden vastgesteld zoals is bepaald in artikel 13 van de statuten.

2. De vereniging kent de navolgende reglementen:

  1. Het huishoudelijk reglement.
  2. Het reglement voor de haven en het haventerrein.
  3. Het tuchtreglement.
  4. Privacy reglement.

3. Daarnaast kent de vereniging het navolgende reglement dat ondergeschikt is aan een dwingende wetsbepaling en niet voor wijziging vatbaar is:

  1. Reglement verstrekken alcohol.

Artikel_12._Sancties

1. In het algemeen zal strafbaar zijn het zodanig handelen of nalaten van handelen dat in strijd is met de statuten, reglementen en/of besluiten van organen van de vereniging of waardoor de belangen van de vereniging worden geschaad.

2. Het bestuur is bevoegd om, ingeval van overtredingen als bedoeld in lid 1 van dit artikel, de navolgende sancties op te leggen:

  1. Een berisping.
  2. Een officiële waarschuwing.
  3. Een geldboete.
  4. Een tijdelijk gebiedsverbod.
  5. Een schorsing.
  6. Opzegging van de ligplaats tegen het einde van het verenigingsjaar.
  7. Opzegging van het lidmaatschap tegen het einde van het verenigingsjaar.
  8. Ontzetting uit het lidmaatschap.

3. De procedure en de criteria ten aanzien van het opleggen van sancties zijn geregeld in het tuchtreglement.


Artikel_13._Bijzondere status lidmaatschap

De vereniging kent (buitengewone) leden die zich voor de vereniging of voor de watersport in het algemeen (bijzonder) verdienstelijk hebben gemaakt:

  1. Een lid van verdienste is een lid, dat zich voor de vereniging of voor de watersport in het algemeen bijzonder verdienstelijk heeft gemaakt en als zodanig op voorstel van het bestuur door de algemene ledenvergadering is benoemd met een volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
  2. Een drager van de zilveren speld is een (buitengewoon) lid, dat zich voor de vereniging of voor de watersport in het algemeen verdienstelijk heeft gemaakt en als zodanig op voorstel van het bestuur door de algemene ledenvergadering is benoemd met een volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
  3. Een voordracht tot een lid van verdienste of een drager van de zilveren speld aan de algemene ledenvergadering kan op initiatief van het bestuur of van een lid.
  4. Een voordracht dient uiterlijk 2 maanden voor de bijeengeroepen algemene ledenvergadering, met motivatie (duidelijke en objectieve argumenten waarom genoemde persoon dient te worden benoemd tot lid van verdienste dan wel drager van de zilveren speld), schriftelijk te worden ingediend bij het bestuur.
  5. Criteria voordracht drager van de zilveren speld:
    1. De kandidaat dient minimaal 15 jaar (buitengewoon) lid te zijn van de vereniging, zoals bepaald in:
      1. Artikel 5 lid 2 van de statuten.
      2. Artikel 5 lid 3 onder a en c van de statuten.
    2. De kandidaat dient méér dan 12 jaar actief te zijn als actieve vrijwilliger, bestuurs- en/of commissielid.
    3. De kandidaat dient aantoonbaar veel inzet te hebben getoond om voor de doelstelling van vereniging belangrijke zaken gerealiseerd te krijgen.
    4. De kandidaat is geen lid van het huidige bestuur.
    5. De kandidaat is altijd zeer loyaal ten opzichte van en positief over de vereniging geweest.
  6. Criteria voordracht lid van verdienste:
    1. De kandidaat dient lid te zijn van de vereniging, zoals bepaald in artikel 5 lid 2 van de statuten.
    2. De kandidaat:
      1. Dient minimaal 20 jaar (buitengewoon) lid te zijn van de vereniging.
      2. Dient tenminste 15 jaar actief te zijn als actieve vrijwilliger, bestuurs- en/of commissielid.
    3. Er dient sprake te zijn van (een) zeer uitzonderlijke prestatie(s) of jarenlange werkzaamheden van een vrijwilliger met een grote meerwaarde voor de vereniging.
    4. De kandidaat is geen lid van het huidige bestuur.
    5. De kandidaat is altijd zeer loyaal ten opzichte van en positief over de vereniging geweest.
  7. Indien het bestuur de voordracht van een lid afwijst op grond van de vastgestelde criteria, zoals is bepaald in lid e en lid f van dit artikel, zal de uitkomst schriftelijk aan de indiener worden meegedeeld.

Artikel_14._Kentekenen

  1. De vlag van de vereniging:
    1. Heeft de vorm van een rechthoek, waarvan de broeking zich verhoudt tot de diepte als 2:3.
    2. Is verdeeld vanaf de broeking in een verticale oranje baan en drie horizontale banen van gelijke breedte, waarvan de kleuren zijn: rood, wit en blauw.
    3. In het midden van de witte baan bevindt zich een verbreed gedeelte, waarop in zwart de letters MWV onder elkaar geplaatst zijn;
    4. Op de oranje baan is in de linkerbovenhoek, onder een hoek van dertig graden, een klaar zwart anker geplaatst.
  2. De wimpel van de vereniging is een driehoekige vlag in kleuren en afbeelding gelijk aan de verenigingsvlag, waarvan de afmetingen zijn:
    1. broeking 300 millimeter, diepte 500 millimeter of
    2. broeking 250 millimeter, diepte 400 millimeter.
  3. Het embleem van de vereniging ziet er als volgt uit:

  1. Het clubinsigne is een speld in de vorm van een wimpel, uitgevoerd in kleur.
  2. Het insigne van de bestuursleden bestaat uit het clubinsigne, bevestigd op een stuurrad.
  3. Het insigne van ereleden en leden van verdienste bestaat uit het clubinsigne, omlijst door een lauwertak.
  4. De zilveren speld is gelijk aan het clubinsigne, maar uitgevoerd in de kleur zilver.

Artikel_15._Het voeren van de verenigingsvlag of -wimpel

De verenigingsvlag of -wimpel mag alleen gevoerd worden op:

  1. een plezierjacht van de vereniging.
  2. een plezierjacht van een (buitengewoon) lid.
  3. een plezierjacht varend onder verantwoordelijkheid van een (buitengewoon) lid.
  4. het haventerrein van de vereniging

Artikel_16._Donateurs en sponsors

  1. Een donateur is een natuurlijke persoon, die jaarlijks een bepaalde financiële bijdrage levert aan de vereniging. Donateurs kunnen worden uitgenodigd deel te nemen aan bepaalde (feestelijke) activiteiten van de vereniging.
  2. Een sponsor is een rechtspersoon, die een bepaalde financiële of materiële bijdrage levert aan de vereniging. Het bestuur bepaalt in overleg met een sponsor welke tegenprestatie van de vereniging verwacht kan worden.

Artikel_17._Slotbepaling

In gevallen, waarin het huishoudelijk reglement niet voorziet, beslist het bestuur en legt daar­over verantwoording af aan de algemene ledenvergadering.

Aldus vastgesteld en goedgekeurd door de algemene ledenvergadering, gehouden op 26 oktober 2023 te Den Helder.


Bijlage_1_Incassoregeling t.a.v. aan de vereniging verschuldigde betalingen


Artikel_1._Begripsbepalingen

In dit reglement wordt verstaan onder:

  1. Aan de vereniging verschuldigde betalingen:
    Contributie, vaargelden, cursusgelden, liggelden (indien van toepassing inclusief stroomverbruik) zijn aan de vereniging verschuldigd en worden aan de penningmeester van de vereniging voldaan.
  2. Automatische incassoregeling:
    De automatische incasso regeling heeft tot doel de aan de vereniging verschuldigde betalingen, na verleende machtiging, van het lopende verenigingsjaar door middel van vastgestelde termijnen automatisch te incasseren.
  3. Afschrijvingstijdvak:
    Periode verdeeld in vastgestelde perioden welke aanvangt op het moment waarop de eerste incassotermijn wordt afgeschreven en eindigt op de laatste incassotermijn van de aan de vereniging verschuldigde betalingen.
  4. Verenigingsjaar:
    Tijdvak van 1 januari tot en met 31 december waarover de aan de vereniging verschuldigde betalingen worden geind.
  5. Formele verschuldigde betaling:
    Het totaalbedrag aan verschuldigde betalingen dat op de factuur staat vermeld en daadwerkelijk moet worden betaald.
  6. Incassant:
    Marine Watersport Vereniging.
  7. Betalingsplichtige:
    Lid of donateur van de Marine Watersport Vereniging.
  8. Machtiging:
    Schriftelijke machtiging tot deelname aan de automatische incasso regeling.

Artikel_2._Toepassing

De automatische incasso regeling geldt uitsluitend voor de aan de vereniging verschuldigde betalingen die zijn opgenomen in artikel 5 van de incassoregeling


Artikel_3._Machtiging

  1. De machtiging voor de automatische incasso regeling vindt plaats door instemming met de voorwaarden tot verkrijging van het lidmaatschap via het daartoe door het secretariaat verstrekte online inschrijfformulier. Hiermee machtigt een (buitengewoon) lid, tot wederopzegging, de Marine Watersport Vereniging de door of ten behoeve van de vereniging verschuldigde betalingen, zoals bepaald in artikel 5 van deze regeling per automatisch incasso te mogen innen.
  2. Extra administratieve handelingen die door Club Collect moeten worden verricht met betrekking tot termijn- of achterstallige betalingen worden aan het (buitengewoon) lid in rekening gebracht.

Artikel_4._Stilzwijgende verlenging

Een machtiging tot automatische incasso van de contributie, het liggeld en de vergoeding voor het gebruik elektra van de ligplaatshouder wordt zonder tegenbericht ieder jaar stilzwijgend verlengd.


Artikel_5._Incassotermijnen

De vereniging kent de volgende incassotermijnen ten aanzien van de aan de vereniging verschuldigde betalingen, zoals bedoeld in artikel 4 van het huishoudelijk reglement:

  1. De contributie (eenmalige keuze op online inschrijfformulier):
    • Eenmalige incassotermijn per jaar.
    • Twee incassotermijnen per half jaar.
    • Vier incassotermijnen per kwartaal.
  1. Het liggeld: eenmalige incassotermijn per jaar.
  2. De winterstalling: eenmalige incassotermijn per jaar.
  3. De vergoeding voor het gebruik van electra door de ligplaatshouder: eenmalige incassotermijn per jaar.
  4. De vergoeding voor het gebruik van de Atjehloods: eenmalige incassotermijn over gehele stallingsperiode.
  5. De vaargelden ten aanzien van het gebruik maken van kajuitjachten en motorboten:
    1. Een eenmalige incassotermijn per periode afschrijving indien het factuurbedrag minder bedraagt dan €1000,-.
    2. Een twee- of drievoudige incassotermijn per periode afschrijving indien het factuurbedrag gelijk is aan of meer bedraagt dan €1000,- en de periode tussen het moment van toewijzing en de afschrijving bedraagt respectievelijk meer dan 70 of 100 dagen. De termijnkosten komen voor rekening van de afschrijver.
  6. Het cursusgeld: eenmalige incassotermijn per cursus.
  7. De vergoeding voor de deelname aan meerdaagse wedstrijden: eenmalige incassotermijn per inschrijving.

Artikel_6._Berekening termijnbedrag

  1. Het termijnbedrag wordt berekend naar evenredigheid van het aantal nog te vervallen incassotermijnen van de verschuldigde betaling dat na verwerking van de machtiging nog overblijft.
  2. Indien de machtiging is verleend voor de aanvang van het verenigingsjaar of stilzwijgend is verlengd, dan wordt het termijnbedrag berekend naar evenredigheid van het aantal incassotermijnen welke van toepassing zijn op de aan de vereniging verschuldigde betaling.
  3. De incassant heeft het recht, indien er tijdens het afschrijvingstijdvak niet kan worden geïncasseerd, het termijnbedrag te wijzigen. Het termijnbedrag wordt daarbij berekend naar evenredigheid van het aantal incassotermijnen welke nog resteren op de verzonden aan de vereniging verschuldigde betaling.

Artikel_7._Tijdstip van afschrijving

De incassant zal een automatische incasso ten aanzien van de aan de vereniging verschuldigde betaling aanbieden bij de bank, het kan tot zes werkdagen duren voordat het bedrag daadwerkelijk van het IBAN-rekeningnummer van de betalingsplichtige is afgeschreven.

  1.  Indien het aan de vereniging verschuldigde bedrag na 14 dagen door de penningmeester niet is ontvangen, dan ontvangt het in gebreke zijnde (buitengewone) lid een tweede betaalverzoek.
  1. Indien het aan de vereniging verschuldigde bedrag niet binnen 14 dagen na datum van het tweede betaalverzoek is voldaan, dan ontvangt het in gebreke zijnde (buitengewone) lid eenmalig een eerste betalingsherinnering.
  1. Indien het aan de vereniging verschuldigde bedrag niet binnen 7 dagen na datum van de eerste betalingsherinnering is voldaan, dan ontvangt het in gebreke zijnde (buitengewone) lid eenmalig een tweede betalingsherinnering.
  1. Indien het aan de vereniging verschuldigde bedrag niet binnen 7 dagen na de datum van de tweede betalingsherinnering is voldaan, wordt door het bestuur de vordering uit handen gegeven aan een deurwaarder en zijn alle daaruit voortvloeiende kosten voor rekening van het in gebreke zijn­de (buitengewone) lid in welk geval tevens het bepaalde bij artikel 8 lid 1 sub c van de statuten van toepas­sing is.
  1. Het bestuur is conform het bepaalde bij artikel 10 lid 4 van de statuten bevoegd tot het instellen van rechtsvorderingen zonder voorafgaande instemming van de algemene ledenvergadering indien:
    1. De ligplaatshouder zijn financiële verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt.
    2. De ligplaatshouder het pleziervaartuig, ondanks daartoe te zijn aangemaand, niet verwijdert uit de haven.

Artikel_8._Beëindiging automatische incasso regeling

De automatische incasso regeling eindigt:

  1. Per direct: bij een schriftelijke melding van het overlijden van een (buitengewoon) lid aan het bestuur.
  2. Aan het einde van het verenigingsjaar:
    1. Bij schriftelijke opzegging van het lidmaatschap aan het bestuur, mits de formele verschuldigde betaling volledig is voldaan.
    2. Bij schriftelijke opzegging van de ligplaats door het bestuur, mits de formele verschuldigde betaling volledig is voldaan.
    3. Bij schriftelijke opzegging van het lidmaatschap door het bestuur, mits de formele verschuldigde betaling volledig is voldaan.
    4. Bij ontzetting uit het lidmaatschap door het bestuur, mits de formele verschuldigde betaling volledig is voldaan.
  3. Het schriftelijk opzeggen van het lidmaatschap en/of de ligplaats door (buitengewone) leden geschiedt met gebruikmaking van een door het secretariaat beschikbaar gesteld online opzegformulier.

Artikel_1._Algemene_Bepalingen

  1. Het reglement voor de haven en het haventerrein is van toepassing op personen en plezier­vaartuigen, die aanwezig zijn op of in en gebruik maken van terrein, water, steigers, gebouwen, voorzieningen, materieel en materiaal van de vereniging. Het reglement voor de haven en het haventerrein wordt hierna verder aangehaald als havenreglement.
  1. Onder ‘haven en haventerrein’ wordt in dit reglement verstaan de door de vereniging beheerde en geëxploiteerde havens met de bijbehorende terreinen en de daarop en/of daarin aanwezige bouwwerken en voorzieningen.
  1. Waar in dit havenreglement wordt gesproken van een (buitengewoon) lid of (buitengewone) leden wordt of worden daaronder verstaan de persoon of personen zoals bepaald in artikel 5 van de statuten.
  1. De haven en het haventerrein is particulier terrein en verboden toegang voor onbevoegden in de zin van artikel 461 wetboek van strafrecht:
    1. De toegang is uitsluitend voorbehouden aan:
      1. (Buitengewone) leden, gasten van de vereniging en/of introducés.
      2. Leveranciers aan de vereniging of aan ligplaatshouders voor de duur van de leverantie.
      3. Derden die in opdracht van het bestuur werkzaamheden hebben uit te voeren.
      4. Derden die in opdracht van een ligplaatshouder, na voorafgaand verkregen toestemming van de havenmeester, (reparatie) werkzaamheden uitvoeren aan een pleziervaartuig.
      5. Personen die zich kunnen beroepen op het recht van overpad.
    2. Het betreden van de haven en het haventerrein is geheel voor eigen risico. Eenieder die zich op de haven en het haventerrein bevindt, dient de aanwijzingen van dit reglement, het bestuur en/of de havenmeester dan wel van diens gemachtigde(n) stipt op te volgen.
  1. Onder havenmeester wordt in dit reglement verstaan de dienstdoende functionaris die belast is met het havenmeesterschap (weekend havenmeester Albatros of weekbeheerder Haukes).
  1. Onder ligplaatshouder wordt in dit reglement verstaan een (buitengewoon) lid aan wie het recht is toegewezen gebruik te maken van de aan hem toegewezen ligplaats.
  1. Alle pleziervaartuigen dienen aan de buitenzijde van een duidelijk leesbare naam te zijn voor­zien. Binnenboord dient een leesbare vermelding van naam en woonplaats van de eigenaar te zijn aangebracht.
  1. Permanente bewoning van pleziervaartuigen is niet toegestaan, tenzij het bestuur en de gemeente daartoe toestemming hebben verleend.
  1. Het bestuur en de havenmeester houden een dagboek bij, waarin wordt genoteerd:
    1. Het bezoek van passanten.
    2. Gebeurtenissen, incidenten, ongevallen en schades.
    3. Maatregelen bij bijzondere weersomstandigheden en bijzondere waterstanden.
    4. Alle overige vermeldenswaardige feiten of maatregelen.
  1. Het bestuur van de vereniging heeft de bevoegdheid nadere richtlijnen vast te stellen­.
  1. Eventuele vragen en/of klachten kunnen schriftelijk of digitaal, duidelijk leesbaar en geformuleerd aan het bestuur worden ken­baar ge­maakt. Deze worden in de eerstvolgende be­stuursvergadering behandeld. De uitkomst daar­van wordt schrif­telijk aan betrokkene medege­deeld.

Artikel_2._Aansprakelijkheid

  1. De vereniging aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor scha­de wegens diefstal of voor enige andere schade aan personen, pleziervaartuigen en an­dere eigendommen van (buitengewone) leden en gasten van de vereniging gedurende het verblijf in de haven en/of op het haven­terrein, tenzij deze schade het gevolg is van een aan de vereniging toerekenbare grove nala­tigheid.
  1. Pleziervaartuigen en eigendommen van (buitengewone) leden en gasten van de vereniging zijn door de vereni­ging niet tegen brand of andere schade verzekerd. Ieder (buitengewoon) lid, dat gebruik maakt van een lig­plaats in de haven van de vereniging, is verplicht tenminste een WA-ver­zekering voor het pleziervaartuig te hebben afgesloten.
  1. De eigenaar van een pleziervaartuig, aan wie een (tijdelijke) ligplaats is toegewezen, is verplicht de verzekeraar, het polisnummer en de soort verzekering van het pleziervaartuig te overleggen aan het bestuur. Het bestuur heeft het recht de betreffende polis in te zien en/of een kopie van de polis inclusief het betalingsbewijs op te vragen bij de desbetreffende ligplaatshouder.
  1. De eigenaar van een pleziervaartuig is aansprakelijk voor de kosten van het herstel van schade of vergoeding van de scha­de veroorzaakt door of met zijn pleziervaartuig en/of door toedoen van hem, zijn opvarenden of zijn gas­ten. Hieronder is mede begrepen milieuschade en scha­de ontstaan door het manoeuvreren in de haven, het afme­ren van het plezier­vaartuig, het on­deugdelijk­ gemeerd liggen en/of ander onoordeelkundig of onrechtmatig handelen met het ple­zier­vaartuig, met voor­zieningen van de vereniging of met eigendommen van anderen.

Artikel_3._Havencoördinator

  1. Een door het bestuur benoemde havencoördinator treedt namens het bestuur op in de haven en op het haventerrein. Hij draagt zorg voor de noodzakelijke werkzaamheden en activiteiten ten behoeve van een adequate (dagelijkse) gang van zaken in de haven en op het haventerrein en houdt daarbij namens het bestuur toezicht op handelen dan wel nalaten van (buitengewone) leden en gasten van de vereniging verband houdend met de veiligheid, de gezondheid en het welzijn van andere (buitengewone) leden en gasten van de vereniging en met de eigendommen van de vereniging.
  1. De havencoördinator adviseert het bestuur over een adequate indeling van de ligplaatsen en van noodzakelijke of gewenste wijzigingen daarvan.
  1. De havencoördinator heeft, in overleg met het bestuur, het recht pleziervaartuigen of andere zaken en voorwerpen, die toebehoren aan een (buitengewoon) lid en die zich in de haven of op het haventerrein bevinden, zonder dat het (buitengewone) lid daartoe gerechtigd is, te doen verwijderen op kosten van het desbetreffende lid.

Artikel_4._Havenmeester

  1. De havenmeester is namens het bestuur belast met de navolgende taken en legt daarover verantwoording af aan de havencoördinator:
    1. Hij draagt zorg voor het handhaven van de geldende wet- en regelgeving en voert besluiten van het bestuur uit, voor zover deze betrekking hebben op (buitengewone) leden en bezoekers van de haven en het haventerrein.
    2. Hij draagt zorg voor de orde en netheid van de haven en van de bijbehorende gebouwen (toiletten/douches).
    3. Hij draagt er zorg voor dat eenieder op de hem toegewezen ligplaats zijn boot afmeert en treedt corrigerend op als (buitengewone) leden of gasten een andere ligplaats innemen.
    4. Hij ziet erop toe dat de eigendommen van de vereniging in goede staat blijven. In geval van beschadiging meldt hij dit aan de havencoördinator, onder vermelding van de oorzaak en/of - indien mogelijk - de naam van de veroorzaker van de schade.
    5. Hij oefent tijdens het zomerseizoen toezicht uit op eigendommen van de (buitengewone) leden van de vereniging. In geval van (dreigende) schade waarschuwt hij het betreffende (buitengewone) lid en neemt de gewenste maatregelen om schade te voorkomen of te beperken.
    6. Hij ontvangt geïnteresseerden en licht hen in over de gebruiken en regels bij de vereniging.
  1. Indien zich in de haven of op het haventerrein een probleem voordoet, waarbij de havenmeester niet bevoegd is op te treden, meldt hij dit probleem zo spoedig mogelijk aan het bestuur.
  1. De havenmeester kan in overleg met het bestuur:
    1. De toegang tot de haven verbieden aan pleziervaartuigen, die door hun aanblik en/of staat van onderhoud het aanzien van de haven aantasten en/of een gevaar kunnen opleveren voor hun omgeving.
    2. De toegang tot de haven en het haventerrein ontzeggen aan personen, die handelen in strijd met dit reglement en de overige reglementen van de vereniging.
  1. Bij ontstentenis van een bestuurslid is de havenmeester bevoegd een voorlopige beslissing te nemen in die gevallen, waarin geen uitstel te dulden is. De havenmeester meldt zijn voorlopige beslissing zo spoedig mogelijk bij het bestuur.

Artikel_5._Aanvraag_van_een ligplaats

  1. Een ligplaats is een formeel als zodanig aangewezen plaats in het water, inclusief op de oever of steiger aanwezige (stroom)voorzieningen, dat bestemd is voor het afmeren van een voor recreatieve doeleinden geëigend (geschikt) vaartuig.
  1. De aanvraag tot het verkrijgen van een ligplaats, zoals bedoeld in artikel 3 lid 2 van het huishoudelijk reglement, geschiedt met gebruikmaking van een door het secreta­riaat beschikbaar gesteld online aanvraagformulier (ligplaats Den Helder / ligplaats de Haukes), waar­op dient te worden vermeld:
    1. De achternaam, de voornamen, de geboortedatum, het adres, de woonplaats, het telefoonnummer en het e-mailadres van de aanvrager.
    2. De naam, het type en de afmetingen van het pleziervaartuig van de aanvrager, waarvoor een ligplaats wordt aangevraagd.
    3. De verzekeraar, het polisnummer en de soort verzekering van het vaartuig, inclusief een digitale kopie van de verzekeringspolis.
    4. De verklaring van de aanvrager dat zijn pleziervaartuig zich in een ordentelijke en deugdelijke staat bevindt.
    5. De verklaring van de aanvrager om de verplichtingen, zoals bepaald in artikel 7 lid 4 van de statuten, na te komen.

Artikel_6._Toewijzing_van een ligplaats en de wachtlijstprocedure

  1. Het tarief voor de liggelden is overeenkomstig de door de algemene ledenvergadering vastgestelde tarievenlijst, zoals bedoeld in artikel 12 lid 3 van de statuten.
  1. De boxen zijn ingedeeld in door het bestuur vastgestelde categorieën.
  1. Bij het bepalen van een geschikte ligplaats voor een pleziervaartuig worden de afmetingen ervan als volgt bepaald:
    1. Lengte: de ‘lengte over alles’, d.w.z. inclusief de preekstoel en/of een (niet in te nemen) boegspriet, een aangehangen roer, een in de davits aangehangen volgboot, een windvaanstuurinrichting, een buitenboordmotor in ruststand of andere (vaste) voor- of achterwaarts uitstekende delen.
    2. Breedte: de ‘breedte over alles’, d.w.z. inclusief zijzwaarden of andere (vaste) uitstekende delen.
    3. Een in de davits aangehangen volgboot (of bijboot) is een vaartuig, dat niet langer is dan de breedte van de aan te wijzen ligplaats.
  1. De afmetingen van de boxen en de benodigde vrije uitvaart laten het niet toe dat de grootste lengte van een pleziervaartuig meer dan 1 meter buiten de box uitsteekt:
    1. Haven bij de Albatros:
      1. Pleziervaartuigen met een maximale lengte tot 10 meter kunnen in beginsel ligplaats nemen in de Albatros categorie I boxen (CS 11 t/m 18, RB21 t/m 38 of FH 41 t/m 58).
      2. Pleziervaartuigen met een maximale lengte tot 11 meter kunnen in beginsel ligplaats nemen in de Albatros categorie II boxen (JW61 t/m 67).
    2. Haven bij de Haukes:
      1. Pleziervaartuigen met een maximale lengte tot 7 meter kunnen in beginsel ligplaats nemen in de Haukes categorie I boxen (92 t/m 94a of 126a t/m 129).
      2. Pleziervaartuigen met een maximale lengte tot 8 meter kunnen in beginsel ligplaats nemen in de Haukes categorie II boxen (111 t/m 126).
      3. Pleziervaartuigen met een maximale lengte tot 10 meter kunnen in beginsel ligplaats nemen in de Haukes categorie III boxen (23 t/m 30, 84a of 95 t/m 110a).
      4. Pleziervaartuigen met een maximale lengte tot 11 meter kunnen in beginsel ligplaats nemen in de Haukes categorie V boxen (19 t/m 22).
      5. Pleziervaartuigen met een maximale lengte tot 12 meter kunnen in beginsel ligplaats nemen in de Haukes categorie VI boxen (17 t/m 18 of 84 t/m 91).
      6. Pleziervaartuigen met een maximale lengte tot 13,50 meter kunnen in beginsel ligplaats nemen in de Haukes categorie VII boxen (15 t/m 16 of 130 t/m 138).
      7. Pleziervaartuigen met een maximale lengte tot 14 meter kunnen in beginsel ligplaats nemen in de Haukes categorie VIII boxen (12 t/m 14).
    3. Er geldt een dispensatie voor pleziervaartuigen die voor 01-01-2024 een ligplaats toegewezen hebben gekregen, zoals bedoeld onder sub a en b van dit lid.
    4. Nieuwe verzoeken tot het verkrijgen van een ligplaats zullen op de wachtlijst worden geplaatst, indien er geen vrije boxen beschikbaar zijn.
  1. Nadat het bestuur heeft besloten de aanvrager toe te laten als een ligplaatshouder, wordt van de desbetreffende ligplaatshouder ver­wacht:
    1. Dat hij het verschuldigde liggeld betaalt, zoals bepaald in artikel 4 lid 2 onder b sub 1 van het huishoudelijk reglement.
    2. Dat hij het door het secretariaat beschikbaar gestelde online formulier ligplaatsovereenkomst naar waarheid invult.
    3. Dat hij zijn overige (financiële) verplichtingen als ligplaatshouder nauwgezet nakomt.
    4. Dat hij zich houdt aan de verplichting tot werkzaamheden in en om de haven, zoals bepaald in artikel 10 van dit reglement.
  1. Indien de toewijzing van een ligplaats plaatsvindt in de loop van het kalenderjaar, dan beslist het bestuur over de hoogte van het verschuldigde liggeld.
  1. Het gebruik mogen maken van een toegewezen ligplaats is een persoonsgebonden recht, het is een ligplaatshouder niet toegestaan de toegewezen ligplaats ter beschikking te stellen aan een ander dan wel over te dragen in combinatie met de verkoop van het pleziervaartuig.
  1. Indien een ligplaatshouder zijn pleziervaartuig verkoopt en onmiddellijk vervangt door een ander pleziervaartuig dient dit worden gemeld bij het bestuur door gebruikmaking van een door het secreta­riaat beschikbaar gesteld online aanvraagformulier (ligplaats Den Helder / ligplaats de Haukes), zoals bedoeld in artikel 5 lid 2 van dit reglement:
    1. Bij een pleziervaartuig van nagenoeg gelijke afmetingen:
      1. Wordt in beginsel dezelfde ligplaats toegewezen.
      2. Wordt zo nodig en op basis van beschikbaarheid een andere ligplaats toegewezen.
    2. Bij een pleziervaartuig van andere afmetingen wordt hij, in het geval er geen geschikte ligplaats beschikbaar is, op een wachtlijst voor een ligplaats geplaatst.
  1. Indien er een wachtlijst bestaat, dan geschiedt de toewijzing van een ligplaats als volgt:
    1. Een andere ligplaats voor een ligplaatshouder die reeds een ligplaats heeft gehad, zoals bedoeld in artikel in lid 8 onder b van dit reglement.
    2. Een nieuwe ligplaats voor een ligplaatsaanvrager die als hoogste op de wachtlijst staat.

Artikel_7._Toewijzing_van een tijdelijke ligplaats

  1. (Buitengewone) leden in afwachting van een vaste ligplaats kunnen, indien beschikbaar, gebruik maken van een zogenaamde “zwerfplek” conform het tarief dat is vastgesteld door de algemene ledenvergadering, zoals bedoeld in artikel 12 lid 3 van de statuten.
  1. Indien een tijdelijke ligplaatshouder elektriciteit afneemt zal het verbruik hiervan worden verwerkt in de factuur.

Artikel_8._Vervallen_van een toegewezen ligplaats

  1. Het recht van een ligplaatshouder gebruik te maken van de aan hem toegewezen ligplaats vervalt:
    1. In het geval het lidmaatschap wordt beëindigd op grond van het bepaalde in artikel 8 lid 1 sub c of sub d van de statuten.
    2. In het geval een ligplaatshouder zijn pleziervaartuig verkoopt en niet vervangt binnen een periode, zoals bedoeld onder sub f van dit lid.
    3. In het geval een ligplaatshouder het verschuldigde liggeld niet voldoet, na daartoe door het bestuur schriftelijk te zijn gemaand.
    4. In het geval het pleziervaartuig van een ligplaatshouder, naar het oordeel van het bestuur, in een zodanige verwaarloosde toestand verkeert, dat daardoor het aanzien van de haven wordt ontsierd, en betrokkene, na door het schriftelijk te zijn gemaand tot het verbeteren van de toestand van het pleziervaartuig, daaraan binnen een maand geen gevolg heeft gegeven.
    5. Indien de toegewezen ligplaats gedurende een periode van 12 maanden of langer niet wordt gebruikt voor het pleziervaartuig van de ligplaatshouder, tenzij hiervan in zeer uitzonderlijke gevallen door het bestuur wordt afgeweken naar aanleiding van een door het bestuur ontvangen schriftelijk verzoek.
    6. In het geval een ligplaatshouder zijn pleziervaartuig verkoopt en onmiddellijk vervangt door een pleziervaartuig van andere afmetingen, overeenkomstig het bepaalde in artikel 6 lid 8 sub b van dit reglement.
  1. Het bestuur is bevoegd een ligplaatshouder, dat herhaaldelijk in strijd handelt met de artikelen in dit reglement en/of de overige reglementen van de vereniging, het recht gebruik te maken van de aan hem toegewezen ligplaats (al of niet tijdelijk) te ontnemen en hem de toegang tot de haven en het haventerrein te ontzeggen.
  1. Indien een ligplaatshouder, van wie het recht gebruik te maken van de aan hem toegewezen ligplaats is vervallen of ontnomen, niet zelf zijn pleziervaartuig binnen een maand verwijdert uit de ligplaats en/of uit de haven, dan:
    1. Is het bestuur bevoegd het desbetreffende pleziervaartuig te verwijderen op kosten van de ligplaatshouder in kwestie.
    2. Blijft de ligplaatshouder het niet betaalde liggeld verschuldigd en vindt er geen restitutie van het betaalde liggeld plaats, overeenkomstige het bepaalde in artikel 9 lid 2 van dit reglement.
    3. Aanvaardt de vereniging geen aansprakelijkheid voor schade als gevolg van het verplaatsen of elders doen verblijven van het pleziervaartuig en betracht de nodige zorgvuldigheid teneinde het ontstaan van schade zo veel mogelijk te voorkomen.
  2. Indien een ligplaatshouder, van wie het recht gebruik te maken van de aan hem toegewezen ligplaats is vervallen of ontnomen, in gebreke blijft het aan de vereniging verschuldigde te betalen, dan komen ook de gerechtelijke en buitengerechtelijke kosten van het innen van de vordering van de vereniging ten laste van de ligplaatshouder.
  1. Pleziervaartuigen die in de haven vertoeven zonder dat een (tijdelijk) ligplaats is toegewezen of waarvan de toewijzing van een ligplaats is ingetrokken, worden beschouwd als een pleziervaartuig van een passant, zoals bedoeld in artikel 17 lid 1 van dit reglement.

Artikel_9._Opzeggen van een toegewezen ligplaats

  1. Het opzeggen van een ligplaats dient vóór 1 december van het lopende verenigingsjaar en met gebruikmaking van een door het secretariaat beschikbaar gesteld online opzegformulier te geschieden. Ingeval een opzegging niet tijdig heeft plaatsgevonden, loopt de ligplaatsovereenkomst door tot het einde van het daaropvolgende verenigingsjaar.
  1. De ligplaatsovereenkomst bij de vereniging is in beginsel een financiële jaarverplichting, indien de ligplaatshouder zijn ligplaatsovereenkomst gedurende het verenigingsjaar opzegt:
    1. Vindt er geen restitutie van het reeds betaalde liggeld plaats.
    2. Tenzij hiervan in zeer uitzonderlijke gevallen door het bestuur wordt afgeweken naar aanleiding van een door het bestuur ontvangen ingediend schriftelijk of digitaal, duidelijk leesbaar en geformuleerd verzoek.

Artikel_10._Verplichte werkzaamheden in en om de haven

  1. Een ligplaatshouder, aan wie een ligplaats in de haven van de vereniging op basis van jaarstalling is toegewezen, dient ieder jaar verplicht werkzaamheden te verrichten voor de vereniging.
  1. Ligplaatshouders, die anderszins door het bestuur aanvaard werk verrichten ten behoeve van de vereniging, kunnen worden vrijgesteld van deelname aan de verplichte werkzaamheden.
  1. De commissie Ligplaatshouders Den Helder stelt in overleg met de commissaris materieel een werkrooster op:
    1. Bij het opstellen van het rooster van de clusterwerkzaamheden wordt zoveel als mogelijk rekening gehouden met de voorkeur van de ligplaatshouder middels een jaarlijkse in te vullen enquête.
    2. In het geval een ligplaatshouder verhinderd is werkzaamheden te verrichten op de op het rooster vermeldde datum, dan is het toegestaan te ruilen met een andere ligplaatshouder, mits dit vooraf wordt doorgegeven aan de havenmeester en de commissie ligplaatshouders Den Helder.
  1. De commissie Locatie De Haukes stelt in overleg met de commissaris Haukes met een werkrooster op:
    1. Bij het opstellen van het rooster van de clusterwerkzaamheden wordt zoveel als mogelijk rekening gehouden met de voorkeur van de ligplaatshouder middels een jaarlijkse in te vullen enquête.
    2. In het geval een ligplaatshouder verhinderd is werkzaamheden te verrichten op de op het rooster vermeldde datum, dan is het toegestaan te ruilen met een andere ligplaatshouder, mits dit vooraf wordt doorgegeven aan de commissie Locatie De Haukes.
  1. In beginsel is er een sanctiebedrag verschuldigd indien een ligplaatshouder zich niet houdt aan de jaarlijkse verplichtingen, zoals bepaald in lid 1 van dit artikel:
    1. Het sanctie bedrag vervalt aan de diegene, die de extra werkzaamheden uitvoert. Dit kunnen zowel werkzaamheden zijn in en om de haven of een weekend de functie van havenmeester vervullen. Het sanctie bedrag is opgenomen in de tarievenlijst.
    2. Indien het sanctie bedrag na 14 dagen niet is ontvangen zal het bestuur de procedure volgen, zoals bepaald in artikel 7 van bijlage 1 van het huishoudelijk reglement.
  1. Indien er een 2e keer onttrekking aan de verplichte werkzaamheden in en om de haven plaatsvindt, zal onherroepelijk het recht ontnomen worden om nog langer ligplaats te nemen bij de vereniging.

Artikel_11._Gebruik_van de haven en het haventerrein

  1.  Eenieder, die zich in de haven of op het haventerrein bevindt, is gehouden de rust en orde niet te verstoren en zich te onthouden van gedragingen, die hinder veroorzaken voor of aanstoot geven aan anderen.
  1. Eenieder, die zich in de haven of op het haventerrein bevindt, is gehouden zo nodig en zo mogelijk hulp te verlenen in geval er gevaarlijke situaties ontstaan of dreigen te ontstaan ten gevolge van bijzondere weersomstandigheden, brand of enig ander onheil.
  1. De eigenaar van een pleziervaartuig is verplicht bij het afmeren in of het verlaten van een ligplaats de aanwijzingen van de havenmeester op te volgen.
  1. De eigenaar van een pleziervaartuig is verplicht te zorgen dat zijn plezier­vaartuig aan deug­delijke landvasten afge­meerd ligt en wel zodanig, dat het vrij blijft van andere vaartuigen, steiger of palen. Indien het voor het afmeren c.q. verlaten van de ligplaats noodzakelijk is landvasten van naast liggende pleziervaartuigen los te maken, is men verplicht deze terstond weer deugdelijk te bevestigen. Elk pleziervaartuig behoort met voldoende stootwillen te zijn uitgerust, die in goede staat en van de juiste afmetingen zijn.
  1. De eigenaar is verplicht het pleziervaartuig in goede staat van onderhoud te houden, hieronder wordt tenminste verstaan:
    1. Het pleziervaartuig voor aanvang van het vaarseizoen aan de buitenkant geheel schoonmaken.
    2. Het pleziervaartuig ontdoen van groene aanslag.
    3. Het behandelen van roestplekken die het aanzien van het pleziervaartuig en/of de haven ontsieren.
    4. Het herstellen van beschadigingen en verwering van verf en/of gelcoat die het aanzien van het pleziervaartuig en/of de haven ontsieren.
  1. De eigenaar is verplicht om wintertenten of gelijksoortige voorzieningen voor aanvang van het vaarseizoen te verwijderen.
  1. Werk­zaamheden aan het pleziervaartuig welke hinder en/of scha­de kunnen veroorzaken en/of ge­vaarlijk zijn voor derden mogen in de haven of op het haventerrein niet worden uitgevoerd.
  1. Bij afwezigheid van het vaartuig langer dan 24 uur is de ligplaatshouder verplicht:
    1. De datum van vertrek en de vermoedelijke datum van terugkomst van zijn pleziervaartuig bij de havenmeester te melden.
    2. Bij terugkomst op een eerdere datum is het noodzakelijk de havenmeester hiervan tenminste 24 uur van tevoren op de hoogte te stellen, zodat deze in de gelegenheid is de ligplaats vrij te maken.
    3. Tijdens de periode van afwezigheid is de havenmeester gerechtigd de vrijgekomen ligplaats te benutten voor een ander pleziervaartuig al of niet van een gast.
  1. Het is niet toegestaan:
    1. Een andere lig­plaats te kiezen dan die door het bestuur of de havenmeester is aan­gewezen.
    2. Met een bijboot of een volgboot een ligplaats in te nemen. Surfplanken, supboarden of vergelijkbaar materiaal dienen aan boord van het pleziervaartuig te worden genomen.
    3. Voorzieningen, installaties of andere inventaris van de vereniging te beschadigen of daaraan op eigen initiatief veranderingen aan te brengen.
    4. De haven of het haventerrein in welke vorm dan ook te verontreinigen, bijvoorbeeld door het gebruiken van een toilet met afvoer op het buitenwater, het lozen van vervuild bilgewater, oliën, verfresten of andere chemicaliën, enzovoort. Bij opzettelijke lozingen wordt door het bestuur aangifte gedaan bij de politie.
    5. Werk­zaamheden te verrichten of te doen verrichten aan pleziervaartuigen of aan installaties en apparaten daarin, indien daar­bij gevaar kan ontstaan van brand of ontploffing.
    6. Motoren zodanig lang te laten draaien, dat dit hinder veroorzaakt.
    7. ‘Stroom te draaien’ met een aggregaat in het pleziervaartuig of op de steigers.
    8. Bijboten of andere zaken zodanig te plaatsen op de steigers, dat daardoor de vrije doorgang wordt belemmerd.
    9. In of in de nabijheid van de haven snel te varen en/of golfslag te veroorzaken.
    10. In de haven te zeilen met zeiljachten, welke voorzien zijn van een motor.
    11. Vallen van zeiljachten hoorbaar tegen de mast te laten slaan of anderszins hinderlijk lawaai te doen veroorzaken.
    12. Radio- of TV-apparaten zodanig te gebruiken, dat deze buiten het eigen pleziervaartuig hoorbaar zijn (max. 52 dB).
    13. Leidingwater te gebruiken voor het wassen en/of het schoon­spoelen (met uitzondering van het ontzilten) van het pleziervaartuig.
    14. Huisdieren op het ha­venterrein uit te laten.
    15. Te vissen in het water van de haven, zodanig dat daardoor de doorvaart van anderen wordt gehinderd.
    16. Te barbecueën op pleziervaartuigen in de haven of op de steigers, m.u.v. de daartoe aangewezen locatie na toestemming van de havenmeester.
    17. In de haven reclame te voeren en/of commerciële activiteiten te ondernemen, zonder toestemming van het bestuur.
    18. Bromfietsen en fietsen op het haventerrein buiten de daarvoor bestemde plaatsen te parkeren.
    19. Te fietsen/te steppen of op een andere mechanische wijze zich voort te bewegen op de steigers.
    20. Tenten, campers of caravans, zonder toestemming van de havenmeester, op het haventerrein te plaatsen.

Artikel_12._Stroomvoorziening

  1. Levering van elektriciteit geschiedt uitsluitend via meterkasten op de steigers van de vereniging in de haven, nadat door de havencoördinator de plaats van de vas­te aansluiting is toegewezen. Het verschuldigde vastrechtbedrag wordt jaarlijks vastgesteld in de algemene ledenvergadering zoals bedoeld in artikel 12 lid 3 van de statuten en artikel 7 lid 3d van het huishoudelijk reglement
  2. Het energietarief per kWh is overeenkomstig de tarievenlijst zoals vastgesteld door de algemene ledenvergadering, zoals bedoeld in artikel 12 lid 3 van de statuten.
  3. Een ligplaatshouder of gast is, voor zover beschikbaar, gerechtigd gebruik te maken van maximaal één aansluitpunt op het elektriciteitsnet. Het maximaal aan te sluiten vermogen is bekend bij de havencoördinator. Op een aansluitpunt mag slechts 1 elektriciteitskabel aangesloten worden. Deze kabel dient, evenals de 220 V installatie aan boord, aan alle wettelijke eisen te voldoen en moet ononderbroken zijn.

Artikel_13._Milieu__________

  1.  Huishoudelijk afval, afkomstig van de pleziervaartuigen van ligplaatshouders of gasten van de vereniging, dient mee te worden genomen naar huis of in deugdelijke en afgesloten verpakkingen in de daarvoor bestemde containers op het milieueiland van de vereniging te wor­den gedeponeerd. Het zogenaamde grove huisvuil, zoals vloerbedekking, matrassen, timmerhout etc. dient mee te worden genomen naar huis.
  1. Accu’s, afgewerkte olie en oliefilters afkomstig van pleziervaartuigen van ligplaatshouders of gasten van de vereniging, dienen in beginsel te worden meegenomen naar huis en in deugdelijke verpakking op de daarvoor in de gemeente aangewezen plaats en voorgeschreven wijze te worden afgeleverd.
  1. Indien een ligplaatshouder of gast van de vereniging, ten behoeve het leegzuigen van de vuilwatertank, gebruik wil maken van de vuilwaterpomp dient men zich te melden bij de havenmeester.
  1. Chemisch afval en verpakkingen hiervan dienen in beginsel in deugdelijke verpakking mee naar huis te wor­den genomen om het daar op de daarvoor in de desbetreffende gemeente aangewezen plaats en voorgeschreven wijze te deponeren. Onder chemisch af­val is onder andere te verstaan:
    1. Verf­blikken, verfschraapsel, verfresten, verf­kwasten/rollers, afbijtmiddelen, oplos- en verdun­ningsmiddelen, enz.
    2. Antivries, ontvetter, smeermiddelen, poetsdoeken, enzovoort.

In geval van twijfel beschouwt het bestuur het afval als chemisch afval en dient het als zodanig behandeld te worden.

  1. Het is toegestaan in de haven (kleine) onderhouds- en reparatiewerkzaamheden uit te (laten) voeren aan te water liggende pleziervaartuigen of onderdelen daarvan, indien daarbij geen hinder wordt veroorzaakt voor anderen en het water in de haven en/of het haventerrein niet wordt vervuild.
  1. Tijdens (kleine) onderhouds- en reparatiewerkzaamheden aan pleziervaartuigen, waarbij water-, bodem- of luchtverontreiniging kan ontstaan, dienen door de uitvoerder ervan doelmatige voorzieningen te worden getroffen om die verontreiniging te voorkomen, zoals:
    1. Mechanische stofafzuiging bij machinaal schuren.
    2. Vrijkomende afvalstoffen, zoals verfresten, zo nodig meerdere keren per dag verzamelen in stevige en afsluitbare zakken of bakken.
    3. Verzamelde afvalstoffen dagelijks na het beëindigen van de werkzaamheden afvoeren.
    4. Verfstoffen en schoonmaakmiddelen niet op de steiger achter laten.
  1. Het bestuur is bevoegd op grond van de toepasselijke overheidsbesluiten zo nodig nadere regels te stellen.

Artikel_14._Veiligheid___ 

  1. De eigenaar van een pleziervaartuig met een binnenboordmotor of met een motor met losse brandstoftank is verplicht er zorg voor te dragen dat er aan boord tenminste één goedgekeurde en gebruiksklare brandblusser aanwezig is met een minimale inhoud van 2 kilogram. Deze blusser dient in goede staat te verkeren en goed te werken bij het bestrijden van olie- of benzinebrand aan boord.
  1. De eigenaar van een pleziervaartuig, waarin een gasinstallatie wordt aangelegd of aanwezig is, dient er zorg voor te dragen dat deze wordt aangelegd, wordt onderhouden en/of wordt gebruikt volgens de geldende (wettelijke) richtlijnen en zich te allen tijde in goede staat bevindt.
  1. De eigenaar van een pleziervaartuig dient er zorg voor te dragen dat de elektriciteitsleidingen en de elektrische installaties aan boord van goede kwaliteit, met voldoende capaciteit en voldoende gezekerd zijn. De elektriciteitsleiding van het pleziervaartuig naar de walaansluiting dient ononderbroken en op een degelijke wijze beschermd te zijn tegen beschadiging, bijvoorbeeld ten gevolge van schavielen.
  1. Het gebruik van een geluidsalarm op een pleziervaartuig is toegestaan, mits deze is goedgekeurd en is voorzien van een tijdslimietschakeling.

Artikel_15._Zomer-_en_winterseizoen

  1. Het zomerseizoen loopt van 1 maart tot 1 oktober. Het winterseizoen loopt van 1 oktober tot 1 maart.
  1. Niet-leden en (buitengewone) leden, die geen recht hebben gebruik te maken van een jaarstallingsplaats, kunnen op basis van beschikbaarheid een winterstallingsplaats toegewezen krijgen en dienen uiterlijk 1 maart hun pleziervaartuig elders onder te brengen.
  1. Het aanvragen van een winterstallingsplaats dient schriftelijk te geschieden met gebruikmaking van een door het secreta­riaat beschikbaar gesteld online aanvraagformulier. Het bestuur houdt zo nodig een wachtlijst bij.
  1. (Buitengewone) leden, die voor hun pleziervaartuig tijdens het winterseizoen een andere ligplaats krijgen toegewezen, dienen deze zo spoedig mogelijk na 1 oktober in te nemen en uiterlijk 1 maart met hun pleziervaartuig weer de toegewezen jaarstallingsplaats in te nemen.

Artikel_16._Clubgebouw

  1. De openingstijden van het clubgebouw worden vastgesteld en bekend gemaakt door het bestuur. Wijziging van de openingstijden en openstelling van het clubgebouw op afwijkende tijden is ter beoordeling en beslissing van het bestuur.
  1. Tijdens de openingstijden van het clubgebouw wordt de bardienst uitgevoerd door (buitengewone) leden, die zich daartoe als vrijwilliger beschikbaar hebben gesteld en daarvoor zijn opgeleid.
  1. Bezoekers van het clubgebouw dienen zich te houden aan reglementen van de vereniging en de aanwijzingen van de dienstdoende barvrijwilliger op te volgen.

Artikel_17._Specifieke_aanwijzingen voor passanten

  1. Passanten dienen zich onmiddellijk na aankomst te melden bij de havenmeester. Door het afmeren van het pleziervaartuig in de haven onderwerpen zij zich aan de bepalingen van dit havenreglement. Betaling van het verschuldigde liggeld, toeristenbelasting, etc., die op het kantoor van de havenmeester moet worden gedaan, geeft de opvarende van de bezoekende vaartuigen het recht op de haven te verblijven en gebruik te maken van de faciliteiten.
  1. Passanten dienen te gedogen dat andere pleziervaartuigen, op aanwijzing van de havenmeester, naast of tegen hun pleziervaartuig kunnen worden afgemeerd.
  1. (Buitengewone) leden die geen ligplaats op basis van jaarstalling in de haven van de vereniging hebben, maar als passant van de haven gebruik maken, betalen de eerste zeven overnachtingen geen passantengeld. In een periode van vier weken betalen deze (buitengewone) leden niet meer passantengeld, dan de vastgestelde vergoeding voor een ligplaats op basis van jaarstalling (exclusief toeristenbelasting).
  1. Op eerste aan­zegging van de havenmeester dient degene die het aangaat zijn pleziervaartuig te verhalen of te verwijderen. Bij weigering gebeurt hetgeen nodig is door of vanwege het bestuur op kosten van de nalatige.

Artikel_18._Grensoverschrijdend gedrag

Het bestuur heeft het recht (buitengewone) leden of gasten van de vereniging, die zich schuldig maken aan onacceptabel en/of wangedrag zoals bepaald in artikel 2 van het tuchtreglement, al dan niet onmiddellijk (tijdelijk) de toegang tot de haven en het haventerrein te ontzeggen. De betrokkene wordt hier­van mondeling respectievelijk schrif­telijk in ken­nis gesteld. In de aanzegging wordt duidelijk de reden aangegeven waar­om het bestuur heeft besloten de betrokkene al dan niet onmiddellijk (tijdelijk) de toe­gang tot de haven en het haventerrein te ontzeggen.


Artikel_19._Slotbepaling

In gevallen, waarin het havenreglement niet voorziet, beslist het bestuur en legt daarover verantwoording af aan de algemene ledenvergadering.

Aldus vastgesteld en goedgekeurd op de algemene ledenvergadering van 26 oktober 2023.


 Artikel_1._Algemeen___________

 Het bestuur van de Marinewatersport vereniging (hierna te noemen MWV) hecht veel waarde aan uw privacy en vindt het van groot belang dat de persoonsgegevens, die door de MWV worden verzameld en verwerkt, zo goed mogelijk worden beschermd.

De MWV is verplicht om zorgvuldig, veilig, proportioneel en vertrouwelijk om te gaan met het verzamelen, bewaren en beheren van persoonsgegevens van betrokkenen.

Dit privacyreglement is van toepassing op alle verwerkingen van persoonsgegevens door de MWV in verband met verenigingsfaciliteiten en/of omdat u deze zelf aan ons heeft verstrekt.

Voor vragen over dit reglement of als u een klacht hebt over de wijze waarop de MWV met uw gegevens omgaat kunt u schriftelijk contact met ons opnemen. U kunt uw vraag of klacht sturen naar:

Marine Watersport Vereniging
Het Nieuwe Diep 34 D
1781 AD Den Helder
E-Mail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.


Artikel_2._Doel_van_het privacyreglement

Het privacyreglement is een verdieping van het privacy beleid, dat is vastgesteld door het bestuur van de MWV en beschrijft hoe de vereniging omgaat met de privacy van haar (buitengewone) leden. Het privacyreglement kan van tijd tot tijd worden aangepast om bijvoorbeeld in lijn te blijven met de geldende wet- en regelgeving of aanpassingen in de werkwijze van de vereniging.

Het privacyreglement beschrijft de verwerking van persoonsgegevens door de vereniging, de doeleinden van de gegevensverwerking door de vereniging en hoe u uw rechten ten aanzien van uw persoonsgegevens kunt uitoefenen.

Als u (buitengewoon) lid bent van de MWV, kan de vereniging de gegevens van u verwerken die u invult op het online inschrijfformulier. In het kader van deze verwerkingen waarborgt en respecteert de vereniging uw privacy, onder andere door naleving van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en het privacy beleid zoals deze door de vereniging is opgesteld. Dit houdt in dat uw persoonsgegevens slechts gebruikt worden voor zover dat verenigbaar is met de doeleinden zoals uiteengezet in dit reglement, op welke wijze uw persoonsgegevens door de vereniging beschermd worden en u bepaalde rechten kunt uitoefenen ten aanzien van uw persoonsgegevens.


Artikel_3._Begripsbepalingen

In dit reglement wordt verstaan onder:

  1. De wet: Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG).
  2. Verantwoordelijke: Marine Watersport Vereniging.
  3. Beheerder: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. van de Marine Watersport Vereniging.
  4. Webmaster: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. van de Marine Watersport Vereniging.
  5. Verwerker: de functionaris die persoonsgegevens verwerkt ter uitvoering van een overeengekomen taak ten behoeve van de verantwoordelijke.
  6. Ledenadministratie: de functionaris die bevoegd is persoonsgegevens in te voeren, te wijzigen en/of te verwijderen, dan wel van enigerlei uitvoer van de verwerking kennis te nemen.
  7. Havenadministratie: de functionaris die bevoegd is gegevens van pleziervaartuigen in te voeren, te wijzigen en/of te verwijderen, dan wel van enigerlei uitvoer van de verwerking kennis te nemen.
  8. Persoonsgegevens: gegevens betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon.
  9. Verwerking van persoonsgegevens: elke handeling of geheel van handelingen bedoeld met betrekking tot persoonsgegevens, zoals verzamelen, vastleggen, ordenen, bewaren, bijwerken, wijzigen, opvragen, raadplegen, gebruiken, verstrekken, verspreiden, samenbrengen, met elkaar in verband brengen, alsmede het afschermen, wissen of vernietigen van gegevens. Iemand die een naam op een ledenlijst leest verwerkt dus persoonsgegevens (artikel 4 AVG).
  10. Bestand: elk gestructureerd geheel van persoonsgegevens, ongeacht of dit geheel van gegevens gecentraliseerd of verspreid is op een functioneel of geografisch bepaalde wijze, dat volgens bepaalde criteria toegankelijk is en betrekking heeft op verschillende personen.
  11. (Buitengewone) leden: een persoon of personen zoals bepaald in artikel 5 van de statuten op wie een persoonsgegeven betrekking heeft.
  12. Datalek: een inbreuk op de beveiliging die per ongeluk of op onrechtmatige wijze leidt tot – of waarbij redelijkerwijs niet uit te sluiten valt dat die kan leiden tot – de vernietiging, het verlies, de wijziging of de ongeoorloofde verstrekking van of de ongeoorloofde toegang tot persoonsgegevens.

Artikel_4._Doeleinden

De vereniging verzamelt of gebruikt uw persoonsgegevens alleen voor de doeleinden, die worden beschreven in het privacyreglement (artikel 5 AVG):

  1. Activiteiten die, gelet op de doelstelling van de vereniging, gebruikelijk zijn, zoals bijvoorbeeld de inschrijving voor wedstrijden, het aanvragen van een ligplaats, het versturen van facturen en vergaderingen.
  1. (Buitengewone) leden van de benodigde informatie voorzien wanneer het gaat om deelname aan activiteiten die plaats vinden binnen de vereniging.
  1. Het verzenden van informatie aan (buitengewone) leden over vergaderingen, bijeenkomsten, activiteiten dan wel mededelingen van de vereniging bijvoorbeeld door middel van nieuwsbrieven en het eventueel beantwoorden van inschrijvingen voor activiteiten.

Het behandelen van geschillen en voor fiscale- dan wel statistische doeleinden.


Artikel_5._Rechtmatige grondslag

De vereniging verwerkt overeenkomstig het bepaalde in artikel 6 van de AVG alleen  persoonsgegevens die noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van overeenkomsten die (buitengewone) leden zijn aangegaan met de vereniging en het gerechtvaardigd belang om deze persoonsgegevens te delen binnen de vereniging.


Artikel_6._Wijze_van verwerking

De verwerking van persoonsgegevens is alleen toegestaan als dit in overeenstemming is met de wet en op een zorgvuldige wijze gebeurt. Persoonsgegevens van (buitengewone) leden worden uitsluitend verkregen van de betrokkene zelf. Betrokkene wordt voorafgaand aan de eerste verwerking van diens persoonsgegevens op de hoogte gesteld van die verwerking, het bestaan en opvraagbaarheid van de ter zake geldende regels.

Het nieuwe (buitengewone) lid verleent vooraf, vrijelijk, specifiek, geïnformeerd en ondubbelzinnig toestemming voor de verwerking van persoonsgegevens. Persoonsgegevens worden slechts verwerkt voor zover zij, gelet op de eerder genoemde doeleinden, toereikend, ter zake dienend en niet bovenmatig zijn.


Artikel_7._Persoonsgegevens

  1. De vereniging verwerkt slechts de gegevens van de volgende personen:
    1. (Buitengewone) leden van de vereniging.
    2. Personen die op wettelijke basis de vereniging om informatie of documentatie hebben verzocht.
    3. Personen met wie de vereniging een zakelijke of financiële relatie onderhoudt.
  1. (Buitengewone) leden worden geregistreerd via de ledenadministratie van de vereniging. Een (buitengewoon) lid verstrekt de volgende gegevens ten behoeve van de verwerking in het ledenregister:
    1. Voornaam, achternaam en roepnaam.
    2. Geslacht.
    3. Straat en huisnummer.
    4. Postcode en woonplaats.
    5. Land (alleen indien buiten Nederland).
    6. Telefoonnummer.
    7. E-mail adres.
    8. Geboortedatum.
    9. (Voormalige) relatie met Defensie.
    10. IBAN-rekeningnummer.
    11. Toestemming voor het verwerken van gegevens.
  1. Ligplaatshouders worden geregistreerd via de havenadministratie van de vereniging. Een ligplaatshouder verstrekt, naast de persoonsgegevens zoals bedoeld in artikel 2 van dit artikel, de volgende gegevens ten behoeve van de verwerking in het havenadministratie:
    1. Type pleziervaartuig.
    2. Scheepsnaam.
    3. Lengte en breedte van het pleziervaartuig.
    4. Verzekeraar.
    5. Polisnummer.
    6. Soort verzekering.
    7. Toestemming voor het verwerken van gegevens.

Artikel_8._Toegang tot en verstrekking van persoonsgegevens

De vereniging verstrekt persoonsgegevens aan derden ten behoeve van het innen van verschuldigde bedragen overeenkomstig het bepaalde in artikel 4 van het huishoudelijk reglement. Afhankelijk van de toegekende permissies hebben leden van het bestuur, de leden- en havenadministratie toegang tot persoonsgegevens van (buitengewone) leden en zijn verplicht tot geheimhouding van de desbetreffende gegevens waarvan zij kennisnemen. Persoonsgegevens van (buitengewone) leden worden uitsluitend verstrekt in het kader van verenigingsactiviteiten en voor zover deze in overeenstemming zijn met eerder genoemde doeleinden.


Artikel_9._Beveiliging

De MWV draagt zorg voor de nodige voorzieningen van organisatorische aard ter beveiliging van de persoonsgegevens, die zijn opgeslagen in Dropbox van de MWV, tegen verlies of enige vorm van onrechtmatige verwerking.


Artikel_10._Rechten van (buitengewone) leden

(Buitengewone) leden hebben de volgende rechten:

  1. Recht op informatie: Het recht op informatie wat de vereniging met zijn persoonsgegevens doet en waarom.
  2. Recht op inzage: Het recht op inzage van zijn persoonsgegevens die door de vereniging worden verwerkt.
  3. Recht op rectificatie: Het recht op rectificatie van de onjuist geregistreerde of incomplete persoonsgegevens.
  4. Recht op gegevens wissen (vergetelheid): Het recht om zijn persoonsgegevens (gedeeltelijk) te laten wissen.
  5. Het recht op beperking van verwerking: Het recht op beperking van de verwerking door de vereniging te vragen tijdelijk te stoppen met het gebruik van zijn persoonsgegevens.
  6. Recht van bezwaar ten aanzien van directe marketing: Het recht van bezwaar door de vereniging te vragen om zijn persoonsgegevens niet meer te gebruiken voor directe marketing.
  7. Recht van bezwaar in een specifieke situatie: Het recht van bezwaar tegen verwerking van zijn persoonsgegevens in een specifieke situatie. De vereniging zal hier in beginsel aan voldoen, tenzij er gerechtvaardigde gronden zijn voor de verwerking.

Artikel_11._Website

De website van de vereniging kan fotomateriaal en teksten bevatten van activiteiten die de vereniging organiseert of heeft georganiseerd. Indien u aangeeft of heeft aangegeven dat u bezwaar heeft tegen het plaatsen van foto’s met uw afbeelding, zullen foto’s waarop u zichtbaar bent niet worden geplaatst.


Artikel_12._Private_logging

De vereniging gebruikt op haar website geen webformulieren waarop gegevens automatisch worden vastgelegd.


Artikel_13._Datalek

Er is sprake van een datalek, ofwel een inbreuk in verband met persoonsgegevens, als persoonsgegevens in handen vallen van derden die geen toegang tot die gegevens zouden mogen hebben. De webmaster/administrator zorgt voor een goed toegangsbeheer. Bewaarde bestanden bij de secretaris en andere bestuursleden/donateurs van de MWV worden afdoende beveiligd.


Artikel_14._Slotbepalingen

In gevallen, waarin het privacyreglement niet voorziet, beslist het bestuur en legt daar­over verantwoording af aan de algemene ledenvergadering.

Wijzigingen in doel van de verwerking en in soort van inhoud, gebruik en wijze van verkrijging van de persoonsgegevens dienen te leiden tot wijziging van dit privacyreglement.

Aldus vastgesteld en goedgekeurd door de algemene ledenvergadering, gehouden op 26 oktober 2023 te Den Helder.


Artikel_1._Algemene bepalingen

  1. Het bestuur is bevoegd om, ingeval van overtredingen zoals bepaald in artikel 12 lid 1 van het huishoudelijk reglement, een tuchtcommissie te benoemen, een tuchtprocedure te starten en sancties op te leggen.
  1. Waar in dit tuchtreglement wordt gesproken van een (buitengewoon) lid of (buitengewone) leden, wordt of worden daaronder verstaan een persoon of personen zoals bepaald in artikel 5 van de statuten.
  1. Bij het begaan van strafbare feiten zal het bestuur het slachtoffer adviseren om aangifte te doen bij de politie. Daarnaast kan het bestuur zelf overgaan tot het doen van aangifte bij de politie.

Artikel_2._Begripsbepalingen.

In dit reglement wordt verstaan onder:

  1. Onacceptabel gedrag:
    1. Het herhaaldelijk in strijd handelen (gedragingen) met het bepaalde in de statuten en/of de reglementen van de vereniging.
    2. Niet beschreven vormen van onacceptabel gedrag naar het oordeel van het bestuur.
  1. Wangedrag:
    Overtreding van de wet of de algemene normen van moraal en fatsoen:
    1. Belediging:
      1. Beledigen in woord en/of gebaar, vernederen en/of het uiten van verwensingen.
      2. Ernstige belediging (zoals spugen naar anderen, discrimineren).
    2. Intimidatie:
      1. Intimidatie (bedreiging en/of pesten).
      2. Ernstige intimidatie (dreigen met concreet fysiek gewelddadig handelen).
    3. Fysiek geweld:
      1. Handtastelijkheden
      2. Het gooien en/of schoppen tegen voorwerpen.
      3. Het gooien en/of trappen van voorwerpen naar anderen.
      4. Slaan en/of schoppen van anderen.
    4. Van eenvoudige mishandeling tot zware mishandeling, afhankelijk van het letsel van het slachtoffer
    5. Seksuele intimidatie of geweld.
    6. Vernieling van de accommodatie of andermans goederen.
    7. Fraude 
    8. Diefstal
    9. Het verstrekken van en/of het handelen in verdovende middelen.
    10. Het anderszins schaden van de belangen van de vereniging en/of haar leden.
    11. Niet beschreven vormen van wangedrag naar het oordeel van het bestuur.
  1. Wanbetaling:
    1. Het niet voldoen van de aan de vereniging verschuldigde betalingen, zoals bepaald in artikel 4 lid 1 van het huishoudelijk reglement.
    2. Niet beschreven vormen van wanbetaling naar het oordeel van het bestuur.
  1. (Vermeende) strafbare handeling:
    Een (vermeende) strafbare handeling van een (buitengewoon) lid dat in strijd is met de statuten en/of reglementen van de vereniging.
  1. Melding:
    Het op de hoogte stellen van het bestuur van een (vermeende) strafbare handeling van een (buitengewoon) lid.
  1. Aangifte:
    Het verzoek van het bestuur aan de tuchtcommissie om tuchtrechtelijke vervolging.
  1. Aanklager:
    Het bestuurslid dat namens het bestuur aangifte doet bij de tuchtcommissie.
  1. Beklaagde:
    Het (buitengewone) lid of (buitengewone) leden tegen wie een melding van een (vermeende) strafbare handeling wordt gemaakt.
  1. Partijen:
    Het (buitengewone) lid dat de melding heeft gemaakt en/of de beklaagde.
  1. Vooronderzoek:
    Onderzoeken van de melding op juistheid, waarheidsgehalte, gegrondheid en verwijtbaarheid.

Artikel_3._Melding maken van een (vermeende) strafbare handeling

  1. Een (vermeende) strafbare handeling begaan door een (buitengewoon) lid dient schriftelijk te worden gemeld bij het bestuur met gebruikmaking van het door het secretariaat beschikbaar gestelde online meldingsformulier:
    1. Bij onacceptabel gedrag van een (buitengewoon) lid, zoals bepaald in artikel 2 lid 1 van dit reglement.
    2. Bij wangedrag van een (buitengewoon) lid, zoals bepaald in artikel 2 lid 2 van dit reglement.
    3. Bij wanbetaling van een (buitengewoon) lid, zoals bepaald in artikel 2 lid 3 van dit reglement.
  1. De schriftelijk melding omvat tenminste:
    1. De naam van het (buitengewone) lid dat een (vermeende) strafbare handeling heeft begaan.
    2. Een duidelijk leesbaar en geformuleerde omschrijving van de (vermeende) strafbare handeling met opgave van datum en plaats.
    3. De naam of namen van eventuele getuigen (maximaal 5 personen).
    4. Andere van belang zijnde gegevens en inlichtingen.
  1. Een melding van een (vermeende) strafbare handeling kan alleen betrekking hebben op een handeling die maximaal twee (2) maanden voor de dag van melding is begaan.
  1. Indien een (vermeende) strafbare handeling ouder is dan 2 maanden ten opzichte van de dag van de melding, dan wordt de melding hiervan door het bestuur als niet-ontvankelijk beschouwd, tenzij er een justitieel onderzoek plaatsvindt in relatie tot de (vermeende) strafbare handeling.
  1. Het doen van een valse melding levert een overtreding op die tuchtrechtelijk zal worden bestraft. De aanklager doet van een valse melding aangifte bij de tuchtcommissie. Wanneer degene tegen wie aangifte is gedaan door de valse melding in zijn eer, goede naam en/of reputatie is geschaad, levert dit bij de behandeling van die valse melding een strafverzwarende omstandigheid op.
  1. Het bestuur beoordeelt of en op welke wijze, met inachtneming van het tuchtreglement, de melding in behandeling wordt genomen en hanteert het opportuniteitsbeginsel, waarbij het bestuur bevoegd is te beslissen of een (vermeende) strafbare handeling wordt vervolgd door het starten van een tuchtprocedure dan wel bemiddeling tussen de partijen.

Artikel_4._Toepasselijkheid tuchtreglement.

  1. De bepalingen in het tuchtreglement zijn van toepassing op (buitengewone) leden.
  1. Ieder (buitengewoon) lid is gehouden zijn medewerking te verlenen aan de uitvoering van dit tuchtreglement, waaronder begrepen:
    1. Het bekend maken van de identiteit van een persoon die een (vermeende) strafbare handeling heeft begaan aan het bestuur.
    2. Het verschijnen bij oproepingen van het bestuur dan wel het afleggen van een naar waarheid ingevulde schriftelijke verklaring tijdens het vooronderzoek.
    3. Het verschijnen bij oproepingen van de tuchtcommissie dan wel het afleggen van een naar waarheid ingevulde schriftelijke verklaring.
    4. Het (schriftelijk) geven van antwoord op vragen van de tuchtcommissie.
    5. Het niet naar waarheid verklaren levert een overtreding op die met inachtneming van dit reglement kan worden bestraft.
    6. Het nalaten van iedere handeling die de uitvoering van dit tuchtreglement verhindert.

Artikel_5._Sepot

  1. Het bestuur is in de rol van aanklager te allen tijde bevoegd een melding van een (vermeende) strafbare handeling te seponeren indien het bestuur van oordeel is dat de melding, nadat er een schriftelijk of mondeling vooronderzoek heeft plaatsgevonden, als niet-ontvankelijk wordt beschouwd.
  1. Indien het bestuur een melding van een (vermeende) strafbare handeling als niet-ontvankelijk beschouwd, dan stelt het bestuur de melder daarvan schriftelijk en met redenen omkleed op de hoogte.

Artikel_6._Tuchtcommissie

  1. De tuchtcommissie heeft tot taak de behandeling van de tuchtprocedure, zoals bepaald in artikel 7 van dit reglement.
  1. De tuchtcommissie wordt per aangifte benoemd door het bestuur en bestaat uit tenminste drie (buitengewone) leden:
    1. Een voorzitter.
    2. Een secretaris.
    3. Een algemeen lid.
  1. Een (buitengewoon) lid mag niet worden benoemd tot lid van de tuchtcommissie, indien hij persoonlijk of uit hoofde van een functie bij die zaak betrokken is (geweest).
  1. Het lidmaatschap van de tuchtcommissie is niet verenigbaar met het lidmaatschap van het bestuur.

De tuchtcommissie wordt ten aanzien van de correspondentie ondersteund door het secretariaat van de vereniging.


Artikel_7._Wijze van behandeling tuchtprocedure

  1. Zodra het bestuur een melding van een (vermeende) strafbare handeling ontvankelijk heeft verklaard, waarbij geen bemiddeling mogelijk is geweest, start het bestuur de tuchtprocedure:
    1. Het bestuur benoemt een tuchtcommissie.
    2. Het bestuur doet aangifte bij de benoemde tuchtcommissie.
    3. De beklaagde wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk geïnformeerd door de tuchtcommissie. Bij minderjarige buitengewone leden gaat het afschrift van de melding naar de ouders/verzorgers.
    4. Indien de melding betrekking heeft op een groepering, dan dient de groepering één persoon aan te wijzen als zijnde hun spreekbuis.
    5. De beklaagde wordt tevens direct geïnformeerd op welke wijze een schriftelijk verweer kan worden ingediend bij de tuchtcommissie.
  1. De tuchtprocedure kan mondeling of schriftelijk worden afgehandeld.
  1. Indien de tuchtcommissie besluit om de tuchtprocedure schriftelijk af te doen:
    1. Kan de beklaagde de tuchtcommissie verzoeken om alsnog een mondelinge behandeling te laten plaatsvinden.
    2. Dient de beklaagde dit verzoek binnen zeven dagen na kennisgeving van het besluit kenbaar te maken bij de tuchtcommissie.
    3. Indien de tuchtcommissie van oordeel is dat er door de mondelinge behandeling geen onaanvaardbare vertraging in de behandeling van de tuchtprocedure zal ontstaan, kan het verzoek van de betrokkene worden toegewezen.

Artikel_8._De mondelinge behandeling

  1. Een mondelinge behandeling (hoorzitting) vindt niet plaats indien de beklaagde schriftelijk heeft verklaard geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord. De mondelinge behandeling wordt in dit reglement verder aangehaald als hoorzitting.
  1. Wanneer de tuchtcommissie bepaalt dat tijdens een tuchtprocedure een hoorzitting zal plaatsvinden:
    1. Bepaalt de tuchtcommissie het tijdstip van de hoorzitting.
    2. Worden de aanklager en de partijen hiervan zo spoedig mogelijk (ten minste tien dagen vóór de dag van de zitting) schriftelijk geïnformeerd door de tuchtcommissie.
    3. Kunnen de partijen zich door een raadsman doen bijstaan.
    4. Is het aan een minderjarige partij toegestaan om zich bij de hoorzitting te laten vergezellen door:
      1. Zijn wettelijke vertegenwoordiger.
      2. Een andere meerderjarige vertegenwoordiger indien de wettelijke vertegenwoordiger niet in de gelegenheid is de hoorzitting bij te wonen.
    5. De tuchtcommissie heeft ook de bevoegdheid om andere personen op te roepen, waarvan verschijning gewenst dan wel noodzakelijk wordt geacht.
  1. De hoorzitting van de tuchtcommissie is niet openbaar, de tuchtcommissie bepaalt wie toegang tot de hoorzitting heeft:
    1. De tuchtcommissie is bevoegd om voorafgaande of tijdens de hoorzitting (buitengewone) leden en niet-leden (in hun hoedanigheid van getuige) te horen en/of te raadplegen.
    2. De tuchtcommissie kan bepalen dat degene die aangifte heeft gedaan afzonderlijk wordt gehoord van degene tegen wie de aangifte is gericht. De voorzitter van de tuchtcommissie doet van een verhoor, dat afzonderlijk heeft plaatsgevonden, verslag aan de andere partij.
    3. De leden van de tuchtcommissie stellen de aanklager, de partijen en andere te horen personen zo nodig vragen. De aanklager en beklaagde kunnen ieder de voorzitter verzoeken aanvullende vragen te mogen stellen. Aan dit verzoek wordt voldaan, tenzij de vragen naar het oordeel van de voorzitter niet ter zake dienend zijn. De voorzitter kan hierbij bepalen dat vragen alleen via hem mogen worden gesteld.
    4. De beklaagde is gehouden naar waarheid te verklaren. De tuchtcommissie kan te allen tijde van de beklaagde verlangen dat hij op gestelde vragen zelf antwoordt en voor die beantwoording niet naar een ander, waaronder zijn raadsman, verwijst.
    5. De voorzitter kan aanwezigen het recht tot het (verder) bijwonen van de mondelinge behandeling ontzeggen, indien hun gedrag daartoe aanleiding geeft
  1. De tuchtcommissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over de beslissing omtrent de melding van een (vermeende) strafbare handeling.

Artikel_9._Verslag hoorzitting

  1. Een hoorzitting wordt vastgelegd in een verslag en bevat tenminste:
    1. De naam en de functie (hoedanigheid) van de aanwezigen.
    2. Een feitelijke en zakelijke weergave van wat over en weer is gezegd.
  1. Het verslag van de hoorzitting wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de tuchtcommissie.

Artikel_10._Opleggen van sancties

  1. Waar in dit reglement wordt gesproken van sancties, wordt daaronder verstaan de sancties zoals bepaald in artikel 12 lid 2 van het huishoudelijk reglement.
  1. Het bestuur is bevoegd om de volgende sancties op te leggen:
    1. Een berisping na een gesprek tussen betrokkene en het bestuur.
    2. Een officiële waarschuwing na een vervolggesprek tussen betrokkene en het bestuur.
    3. Een geldboete voor die overtredingen en tot ten hoogste de bedragen die vooraf door de algemene ledenvergadering in de tarievenlijst zijn vastgesteld.
    4. Een tijdelijk gebiedsverbod.
    5. Een (voorwaardelijke) schorsing bij wanbetaling.
    6. Een (voorwaardelijke) schorsing bij onacceptabel gedrag of wangedrag van een (buitengewoon) lid tegen andere (buitengewone) leden, het bestuur of gasten van de vereniging.
    7. Opzegging van de ligplaats tegen het einde van het verenigingsjaar, zoals bepaald in artikel 8 van het reglement voor de haven en het haventerrein.
    8. Opzegging van het lidmaatschap tegen het einde van het verenigingsjaar, zoals bepaald in artikel 8 lid 1 onder c van de statuten.
    9. Ontzetting uit het lidmaatschap bij wanbetaling en/of vanwege wangedrag, zoals bepaald in artikel 8 lid 1 onder d van de statuten.
  1. Het bestuur is bevoegd, zodra een melding van een (vermeende) strafbare handeling binnengekomen is en deze melding in afwachting is van de behandeling daarvan, met onmiddellijke ingang een schorsing op te leggen indien daartoe naar het oordeel van het bestuur gezien de ernst van deze melding aanleiding bestaat.
  1. Gedurende de periode die een (buitengewoon) lid is geschorst, kunnen de aan het lidmaatschap verbonden rechten niet worden uitgeoefend, met uitzondering van het recht om in beroep te gaan bij een schorsing, zoals bepaald in artikel 7 lid 3 en artikel 8 lid 4 van de statuten.
  1. Een schorsing kan maximaal voor de duur van één jaar worden opgelegd.

Artikel_11._Kennisgeving uitspraak

  1. De tuchtcommissie brengt, na (mondelinge) behandeling van de zaak en beraadslaging, het bestuur zo spoedig mogelijk (uiterlijk 7 dagen) schriftelijk en met redenen omkleed op de hoogte van de uitspraak van de tuchtcommissie inclusief het advies ten aanzien van de op te leggen sanctie.
  1. Het bestuur behandelt de uitspraak als agendapunt in de eerstvolgende bestuursvergadering en brengt de partijen zo spoedig mogelijk na de vergadering schriftelijk op de hoogte van de uitspraak van de tuchtcommissie inclusief de opgelegde sanctie.
  1. De uitspraak bevat tenminste:
    1. De naam en de geboortedatum van de beklaagde.
    2. Een omschrijving van de (vermeende) strafbare handeling.
    3. Een kort verslag van de hoorzitting indien deze heeft plaats gevonden, dan wel de reden(en) waarom geen hoorzitting heeft plaatsgevonden.
    4. De bewijsmiddelen die door de tuchtcommissie zijn gebruikt tot (niet) bewezenverklaring van de (vermeende) strafbare handeling.
    5. De opgelegde sanctie, en ingeval de sanctie voorwaardelijk wordt opgelegd de duur van de proeftijd en de aan de voorwaardelijke straf verbonden voorwaarden. Wanneer de tuchtcommissie van oordeel is dat de in de melding bedoelde (vermeende) strafbare handeling niet is begaan, spreekt het bestuur de beklaagde vrij.
    6. De datum van de uitspraak.
  1. De tenuitvoerlegging van een door het bestuur opgelegde sanctie vangt aan op de datum waarop deze een uitspraak doet, tenzij in de uitspraak anders is bepaald.
  1. De uitspraak zal niet openbaar worden gemaakt tenzij een gerechtvaardigd belang, zoals bepaald in artikel 5 van het privacy reglement, ten grondslag ligt aan de noodzaak tot het openbaar maken van de uitspraak.

Artikel_12._Beroep

  1. Tegen het besluit van het bestuur tot opzegging van of ontzetting uit het lid­maatschap kan de beklaagde binnen één maand na de ontvangst van de mededeling daar­van beroep aanteke­nen bij de algemene ledenvergadering, zoals bepaald in artikel 8 lid 4 van de statuten.
  1. Tegen alle overige besluiten van het bestuur ten aanzien van het opleggen van sancties, zoals bepaald in artikel 10 lid 2 onder a t/m g van dit reglement, kan binnen de vereniging op geen enkele wijze beroep worden aangetekend.

Artikel_13._Uitsluiting aansprakelijkheid

Het bestuur en de leden van de tuchtcommissie zijn niet aansprakelijk voor schade, van welke aard dan ook, die voor partijen of derden uit een uitspraak voortvloeien.


Artikel_14._Slotbepaling

In gevallen, waarin het tuchtreglement niet voorziet, beslist het bestuur en legt daar­over verantwoording af aan de algemene ledenvergadering.

Aldus vastgesteld en goedgekeurd door de algemene ledenvergadering, gehouden op 26 oktober 2023 te Den Helder.


Artikel 1: Begripsbepalingen

a) Alcoholhoudende dranken: Alcoholhoudende drank: bevat meer dan een half volumeprocent alcohol (bij 20 graden celcius)
Zwak-alcoholhoudende drank: bier, wijn en gedistilleerd met minder dan 15% alcohol.
Sterke drank: gedistilleerd met 15% alcohol of meer.
b) Toegelaten horeca-activiteiten:
De horeca-activiteiten uitgeoefend door de Marine watersport, niet zijnde:
- bijeenkomsten die worden gehouden wegens gebeurtenissen in de privésfeer van leden;
- de verhuur of het ter beschikking stellen door de vereniging aan derden van de kantine en / of de inventaris.
c) Sociale Hygiëne:
Met Sociale Hygiëne wordt bedoeld dat mensen zodanig met elkaar omgaan dat ze respect hebben voor elkaars lichamelijke en geestelijke welzijn;
dat ze rekening houden met elkaars waarden, normen en rollen. In de kantine gaat het vooral om kennis van en inzicht in de invloed van alcoholgebruik (en misbruik) en hoe men verantwoord alcoholgebruik in de kantine kan bevorderen. Belangrijk hierbij zijn huis- en gedragsregels en sociale vaardigheden om deze regels uit te dragen en na te leven.
d) Leidinggevenden:
Het bestuur heeft twee leden aangewezen als leidinggevenden. Zij zijn tenminste 21 jaar oud, in het bezit van de verklaring Sociale Hygiëne en voldoen aan de eisen van zedelijkheid en staan niet onder curatele. Als zodanig staan zij vermeld op de vergunning van de vereniging. Zij kunnen onmiddellijke leiding geven aan de uitoefening van de horeca-werkzaamheden in de kantine.
e) Barvrijwilliger:
Een vrijwilliger, die - op tijden dat er alcohol wordt verstrekt -, de barwerkzaamheden in de kantine uitvoert. Kwalificatienormen voor barvrijwilligers zijn vastgelegd in artikel 7 van dit bestuursreglement.


Artikel 2: Wettelijke bepalingen

Uit oogpunt van verantwoorde alcoholverstrekking dienen de volgende wettelijke bepalingen te worden nageleefd:
1. Het verstrekken (meegeven t.b.v. iemand die 18jr of ouder is) van alcoholhoudende drank aan personen jonger dan 18 jaar is verboden.
2. De tijden waarop alcoholhoudende drank wordt verstrekt zijn zichtbaar opgehangen in de kantine.
3. De verstrekker van alcohol dient bij de aspirant-koper de leeftijd vast te stellen, tenzij betrokkene onmiskenbaar de vereiste leeftijd heeft bereikt.
4. Geen alcoholhoudende drank wordt verstrekt als dit leidt tot verstoring van de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid
5. Het is niet toegestaan alcoholhoudende drank te verstrekken personen in kennelijke staat van dronkenschap.
6. Het is verboden personen toe te laten in de kantine die dronken zijn of onder invloed zijn van andere bewustzijnsbeïnvloedende stoffen (drugs).
7. Het is verboden alcohol te verstrekken aan personen vanaf 18 jaar indien dit bestemd is voor iemand die de leeftijd van 18 nog niet heeft bereikt. (indirecte verstrekking)


Artikel 3: Vaststellen en wijzigen

1. Het bestuur stelt een reglement “verstrekking alcohol” op en legt dit ter vaststelling voor aan de Algemene Ledenvergadering. Wijzigingen van het reglement komen op dezelfde wijze tot stand.
2. Het reglement moet worden voorgelegd aan de gemeente bij de aanvraag van een nieuwe drank- en horecavergunning. De gemeente toetst het reglement aan de Drank- en Horecawet. Het reglement treedt op hetzelfde moment in werking als de ingangsdatum van de af te geven drank- en horecavergunning.
3. Wijzigingen van het reglement worden op gelijke wijze getoetst door de gemeente.
4. Indien een reglement is vastgesteld zonder de concrete noodzaak een nieuwe drank- en horecavergunning aan te vragen, maar teneinde bepalingen inzake paracommercie vast te leggen wordt het bestuursreglement op gelijke wijze getoetst door de gemeente.
Sociaal Hygiënische bepalingen


Artikel 4: Aanwezigheid

Op de momenten dat in de kantine alcoholhoudende drank wordt geschonken, is er altijd ofwel een leidinggevende aanwezig die in het bezit is van de verklaring Sociale Hygiëne ofwel een barvrijwilliger die de verplichte 'instructie verantwoord alcoholgebruik' (IVA) heeft gevolgd.
Een administratie van leidinggevenden en geïnstrueerde barmedewerkers (IVA-certificaat) is op de locatie aanwezig.


Artikel 5: Huis- en gedragsregels

1. Het is niet toegestaan zelf meegebrachte alcoholhoudende drank te gebruiken in de kantine of elders op het terrein van de vereniging.
2. Het is niet toegestaan om in de kantine gekochte alcoholhoudende drank elders (bijvoorbeeld aan boord van jachten) te nuttigen dan in de kantine zelf of op het terras.
3. Er wordt geen alcohol geschonken aan:
• Begeleiders van de jeugd tijdens de uitoefening van hun functie;
4. Het bestuur wil voorkomen dat personen met meer dan het toegestane promillage alcohol aan het verkeer deelnemen. Op basis daarvan kan de verstrekking van alcoholhoudende drank worden geweigerd.
5. Vanuit het oogpunt van na te streven alcoholmatiging wordt het gebruik van alcoholvrije drank gepromoot.
6. Normafwijkend gedrag en agressie zijn aanleiding om uit de kantine te worden verwijderd.


Artikel 6: Openingstijden en schenktijden

1. De openingstijden van de kantine zijn afhankelijk van door de dagelijkse beheerder, in samenspraak met het bestuur, bepaalde openingen die niet strijdig zijn met de afgegeven vergunning door de gemeente.
2. Alcohol kan worden geschonken op de in het vorige lid bepaalde tijdstippen die niet strijdig zijn met de Drank en horecawet, gemeentelijke vergunning of APV


Artikel 7: Kwalificatienormen en Instructie "verantwoord alcoholgebruik" voor barvrijwilligers

Voor de barvrijwilligers zijnde volgende kwalificatienormen vastgesteld: Barvrijwilligers
- zijn tenminste 18 jaar oud,
- hebben de instructie "verantwoord alcoholgebruik" gevolgd en zijn in bezit van een IVA-certificaat,
- staan als zodanig bij de vereniging geregistreerd, en zijn betrokken bij de vereniging, als lid of donateur, dan wel anderszins (bijvoorbeeld als ouder of verzorger van minderjarige verenigingsleden).


Artikel 8: Voorlichting

1. Barmedewerkers bevorderen verantwoord alcoholgebruik door het goede voorbeeld te geven en tijdens hun dienst geen alcohol te drinken.
2. Het bestuur schenkt aandacht aan publicitaire acties in het kader van verantwoord alcoholgebruik.


Artikel 9: Handhaving, klachtenprocedure en sancties

1. Conform de bepalingen in de Drank- en Horecawet zijn het bestuur van de vereniging en de leidinggevenden belast met de algemene leiding over de kantine. Zij zijn derhalve beiden verantwoordelijk voor de naleving van de wet en dus van dit reglement.
2. Gegronde klachten over de toepassing van de artikelen 1 tot en met 8 van dit reglement dienen onverwijld ter kennis te worden gebracht van het bestuur van de vereniging.
3. Uit hoofde van zijn verantwoordelijkheid voor de naleving zal het bestuur bij overtreding van (een van) de regels uit dit reglement ten opzichte van betrokkene(n), zijnde de consument dan wel de verstrekker (leidinggevende of de barvrijwilliger) gebruik maken van zijn sanctiebevoegdheden op grond van de statuten en het huishoudelijk reglement. Het bestuur verifieert de klacht, hoort zonodig de klager en treft bij gegrondbevinding van de klacht binnen twee maanden maatregelen om herhaling te voorkomen. Het bestuur brengt het resultaat van de afweging ter kennis van de indiener van de klacht.
4. Eenieder kan gegronde klachten over de overtreding(en) van de Drank en Horecawet indienen bij de gemeente.

Subcategorieën